Taalontwikkeling
Wat
is beginnende geletterdheid?

Ontluikende
geletterdheid is een vertaling van het
Amerikaanse begrip Emergent
literacy, in Nederland geïntroduceerd
begin jaren negentig.
Ontluikende geletterdheid heeft veelal betrekking
op de periode van 0 tot 6 jaar. In de visie van het
Expertisecentrum
Nederlands wordt het begrip Ontluikende
geletterdheid gehanteerd voor de ontwikkeling van
0 tot 4 jaar, terwijl tussen 4 en 6 jaar van Beginnende
geletterdheid wordt gesproken
Beginnende
geletterdheid heeft betrekking op de vroege
fase van schriftelijke taalverwerving, lopend vanaf
de geboorte van het kind tot het moment dat zij de
elementaire lees- en spelhandeling onder de knie heeft.
Hierbij is het feit dat kinderen voor het moment dat
zij formeel lees en schrijfonderwijs ontvangen al
een groot aantal inzichten hebben verworven heel belangrijk.
Ideeën omtrent geletterdheid krijgen in veel
verschillende situaties gestalte. Te denken valt aan
de situatie thuis, in de naaste omgeving, op de peuterspeelzaal,
op de televisie (sesamstraat) en op de kleuterschool.
De
gezinssituatie heeft
een grote invloed op het niveau van geletterdheid
die kinderen voor ze naar school gaan bereiken. Of
het gezin waarin het kind opgroeit genoeg schrijf
en leesmateriaal heeft waar het kind gebruik van kan
maken, en hoe de interactie tussen de ouders en het
kind is.
Wanneer de ouders hun kind voorlezen en hen stimuleren
tot lezen en schrijven bevordert dit de vroege lees
en schrijfontwikkeling. Omdat er natuurlijk veel verschillen
zijn in het sociaal culturele klimaat van de verschillende
gezinnen is er automatisch ook sprake van grote verschillen
in geletterdheid bij de kinderen die voor het eerst
naar school gaan.
Het is dus belangrijk om bij de kleuters goed in te
spelen op de individuele verschillen tussen de kinderen.
Het gevaar dreigt namelijk dat kinderen met een gebrekkige
voorschoolse taalverwerving met een achterstand aan
functionele geletterdheid beginnen.
Geletterdheid
bij kinderen
Voordat ze beginnen met leesonderwijs hebben ze spelenderwijs
al heel wat kennis opgedaan over lezen en schrijven.
Ze weten bijvoorbeeld al dat je woorden op kunt schrijven
en dat een woord uit letters bestaat.
Je
kunt beginnende geletterdheid bij kinderen stimuleren
en ontwikkelen
Typerend:
Onderwijs moet aansluiten bij de geletterdheid die
kinderen al hebben als ze op school komen
Lezen en schrijven worden niet gescheiden in aparte
activiteiten
De ontwikkeling van geletterdheid gebeurt door imitatie
en interactie met volwassenen
De leerkracht heeft geen direct sturende functie
Functioneel
Aanvankelijk Lezen
Hierbij staat het functionele aspect van het leren
lezen en schrijven voorop.
Dit houdt in dat kinderen moeten ervaren wat de functie
is van het geschreven woord.
Bij
beginnende geletterdheid staat niet de leertaak centraal,
maar het kind en zijn lees- en schrijfontwikkeling,
samenhangend aangeboden
De
basis voor het omgaan met geschreven taal is de mondelinge
taalontwikkeling
Kinderen zien letters op televisie, in boeken etc.
Ze doen zo ideeën op over de functie van geschreven
taal.
Ze komen dan achter de volgende dingen:
Woorden kun je door letters weergeven
Verband; tussen illustratie en tekst
Schrijftaal is anders dan spreektaal
Schrijven
is; Duidelijk waarneembaar
Motorisch actief
Lezen is veel abstracter
Fasen
van de spontane ontwikkeling:
1. Tekenen van woorden
2. Krabbelen van niet-herkenbare lettertekens
3. Schrijven van letterachtige vormen of letters
4. Weergeven van woorden door één of
enkele letters
5. Het hanteren van een zelfverzonnen spelling
In deze ontwikkeling gaan het motorisch schrijven,
het spellen en het stellen gelijk op.
1.
Geen verschil tussen schrijven en tekenen, maar wel
de ontdekking dat woorden op papier kunnen worden
gezet
2. Besef dat voor schrijven abstractere tekens worden
gebruikt. Geen relatie tussen krabbels en betekenis
3. Ontdekking dat woorden uit letters zijn opgebouwd.
Schrijven van woorden op imitatie
4. Kinderen krijgen notie van klank-letterkoppeling.
Woorden weergeven door beginklank. Bij schrijven alleen
de medeklinkers van het woord opschrijven
5. Sterker ontwikkelde klank-letterkoppeling
Spelsituaties
Voor ontluikende geletterdheid moet je vooral situaties
kiezen waarin kinderen automatisch in aanraking komen
met geschreven taal.
Als leerkracht moet je dan zorgen voor materialen
die lezen en schrijven uitlokken, zoals boeken, kranten,
reclameblaadjes, pen en papier of een typemachine.
Als
leerkracht moet je meespelen en met kinderen
praten over hun spel.
Kinderen kunnen soms wel weken in een bepaalde opstelling
blijven spelen, bijvoorbeeld in een winkel. Als je
ziet dat het spel verslapt kun je nieuwe "stap"
naar voren brengen.
Manieren
waarbij de geletterdheid in spelsituaties wordt gestimuleerd:
Kinderen komen op een speelse manier in aanraking
met boeken.
Ze nodigen uit tot kijken en de kinderen verwoorden
hun eigen ervaringen bij.
Ze kunnen ook net doen alsof ze lezen en zo wordt
de wereld van het boek vertrouwd
Kinderen krijgen de gelegenheid te experimenteren
met het schrijven en maken zich zo spelenderwijs de
functie van het schrift eigen.
Ze oefenen in het verwoorden van hun gedachten en
ervaringen en dat is een vaardigheid die ook essentieel
is bij het schrijven van teksten
Taalontwikkelingssituaties
Anders dan bij de spelsituaties hebben taalontwikkelingssituaties
wel als hoofddoel om de taalontwikkeling van kinderen
te stimuleren. Hierbij gaat het ook vaker om gesloten
situaties. De doelen kun je dat ook beter weergeven.
Taalontwikkelingssituaties zijn ook wel bekend onder
het begrip taalactiviteiten.
Taalontwikkelingssituaties:
- Voorlezen
- Prentenboeken
- Opzegversjes
- Luisteroefeningen
- Kringgesprek
- Poppenkast
- Dramatisch spel
- Taalspelletjes
- Werken met speelleermateriaal
In
deze taalontwikkelingssituaties komen verschillende
taalvaardigheden aan bod. Bijvoorbeeld spreken, luisteren,
lezen en schrijven. Dit wordt vaak in samenhang aangeboden
aan de kinderen.
Als leerkracht moet je weten dat veel activiteiten
in de kleutergroepen ook indirect van belang zijn
voor de ontwikkeling van de stelvaardigheid.
Er wordt niet getoetst. Er wordt dan ook niet systematisch,
maar ontwikkelingsgericht gewerkt.
Kinderen kunnen bij opdrachten bijvoorbeeld krabbelen,
schrijven, stempelen etc. Zo zijn ze bezig met ontluikende
geletterdheid in taalontwikkelingssituaties.
Je komt bij dit soort activiteiten allerlei vaardigheden
tegen die ook van belang zijn voor het stellen. Dit
gebeurt op een speelse manier, maar tegelijkertijd
ben je ook met taalvaardigheden bezig.
Functionele
situaties
Bij functionele situaties gaat het om taal als communicatiemiddel.
Dit is voor de kinderen normaal, want in de werkelijkheid
komen de kinderen ook in aanraking met alle mogelijke
vormen van taal.
In de kleutergroepen heb je het dan vooral over spreken
en luisteren.
Voor schriftelijke vaardigheden kun je bijvoorbeeld
de volgende dingen doen:
1. Bijschrijven bij tekeningen
2. Eigen teksten maken
3. Corresponderen
4. Klassenboek
5. Prikbord
Bijschrijven
Kinderen kunnen vertellen bij een tekening die ze
zelf hebben gemaakt. De leerkracht schrijft de tekst
dan op en leest dan hardop voor wat er staat.
Je moet niet alleen met losse woorden werken, maar
echt met zinnen. Het kind kan dan verwoorden wat de
tekening wil zeggen. Dit lukt het beste met tekeningen
over eigen ervaringen.
Eigen teksten maken
Hierbij vertellen kinderen een kort verhaal bij een
tekening. Hierbij wordt een vermogen gedaan om hun
ervaringen te verwoorden en in een logische volgorde
te vertellen. Als de kinderen die teksten onthouden
kunnen ze die later ook aan andere kinderen "voorlezen".
Ook kunnen ze delen van de tekst stempelen of herschrijven.
Corresponderen
Dit is een goede manier om kinderen de functie van
geschreven taal te laten ervaren. Bijvoorbeeld door
de kinderen een briefje te laten opstellen en deze
dan te laten versturen naar bestaande personen.
Hierbij is de leerkracht de tussenpersoon, maar de
kinderen worden wel actief betrokken bij de activiteit.
Gebruik van computers is voor kleuters een aanvullende
mogelijkheid.
Klassenboek
Dit wordt als dagboek voor de klas gezien. Er volgt
dan een overleg over wat er wel en niet in het klassenboek
komt. Dus wat belangrijk genoeg is voor de kinderen.
Hierbij kun je denken aan regels en afspraken, ervaringen
en gebeurtenissen op school, maar ook individueel.
De kinderen, leerkrachten en ouders kunnen dit boek
bekijken.
Prikbord
Je kunt hierop bijvoorbeeld krantenknipsels, ansichtkaarten,
teksten van kinderen en aankondigingen plaatsen.
Als
kinderen weten wat het doel en de functie van geschreven
taal is, verwerven ze makkelijker lees- en spellingvaardigheden.
Zoals auditieve analyse en letterkennis.
naar
boven