Onderwijsconcept
Vygotsky
De
zone van de naaste ontwikkeling

Aan
de Russische psycholoog Lev Vygotsky
zijn veel onderwijsvernieuwers schatplichtig
Hij wilde in zijn tijd de ontwikkeling van een kind
niet vastleggen op de kalenderleeftijd of vaststellen
aan de hand van proeven van bekwaamheid.
Hij wilde de leerling laten reiken naar een hoger niveau,
zonodig met hulp van de leerkracht, die in zijn theorie
een belangrijke rol heeft.
De theorie is bekend geworden onder de naam 'zone
van de naastgelegen ontwikkeling'.
Vygotsky
gaat er van uit dat de leerling leert in aansluiting
op wat hij al weet, maar het moet wel nieuw of uitdagend
zijn om daadwerkelijk van leren te kunnen spreken.
Leren is bij Vygotsky vooral
ontwikkelen
Die uitdaging die het ontwikkelingsmodel van Vygotsky
schetst is - ondanks het feit dat het al vrij lang geleden
opgeschreven is - bijzonder actueel. De uitdaging die
nodig is om mensen te laten leren, sluit naadloos aan
bij de ontwikkelingen in het onderwijs die op dit moment
gaande zijn.
Het past onder andere in de gedachte van 'een leven
lang leren'.
Het werk van Vygotsky wordt nog steeds gebruikt als
basis voor nieuwe ontwikkelingen.
De rol van de leerkracht
Vygotsky
onderzocht de grenzen van ons mentale leven en beschreef
dat, niet van binnen naar buiten zoals de traditionele
psychologie, maar van buiten naar binnen, dus niet als
een innerlijk maar als een praktisch en sociaal proces.
Opvallend is de rol van de leerkracht in deze interindividuele
ontdekkingsreis.
Hij leert zelf ook, maar omdat hij meer competent is,
kan hij vooruitlopen, hij kan de kwaliteit van de ontdekkingsreis
vergroten door te sturen in de richting van wat de andere
lerende nu nog niet, maar straks wel, in huis zullen
blijken te hebben.
Zo sprak hij over de 'bloemen' en de 'vruchten' van
ontwikkeling, de bloemen zijn de leerpotenties die nog
niet zichtbaar zijn, maar wel aanwezig, de vruchten
zijn de operationele resultaten.
De docent moet zich ook richten op de bloemen, door
de lerende aan te spreken in hun zone van naast ontwikkeling.
Determinisme
Net als bij Stevens
*), overstijgen de gedachten van Vygotsky het niveau
van methodische opsomming of ordening. Ze zijn zelfs
niet alleen een leerpsychologie die de raadselen van
de menselijke cognitie probeert te ontrafelen.
Vygotsky heeft voor de moderne tijd opnieuw de grote
vragen gesteld: Wat is kennen? Wat is zijn? Hoe verhouden
mensen zich tot elkaar en tot de objectieve wereld om
hen heen?
Hij werkt allerminst systematisch; hij roept eerder
vragen op dan dat hij ons stap voor stap meeneemt naar
een antwoord.
Maar
steeds gaan de vragen in een bepaalde richting, die
van zelfsturing en van leren als betekenis geven. Wat
bepaalt dat een mens kan leren? Kunnen mensen handelen
door onafhankelijke mentale sturing of is wat ze doen
uiteindelijk altijd geconditioneerd?
Tegenover determinisme stelt Vygotsky de menselijke
vrijheid. Samenwerkend en -sprekend zijn mensen in staat
tot dingen te komen die niet herleidbaar zijn tot iets
wat eraan vooraf ging.
Vygotsky sprak over de eenheid van evolutie en revolutie;
een voorbeeld: jarenlang functioneert een persoon op
een bepaald niveau en zonder dat er enige aanwijsbare
aanleiding voor is, maakt hij een kwalitatieve sprong
waarmee hij zijn eigen grenzen overstijgt.
Vygotsky legde hiermee onder meer de basis voor de ideeën
rond conceptual change.
Die ideeën gaan ervan uit dat mensen hun subjectief
concept kunnen afleggen en geheel nieuwe concepten kunnen
creëren, waarvoor geen oud 'materiaal' aanwezig
was.
*)
Orthopedagoog prof. dr. Luc Stevens
voorziet een radicale onderwijsvernieuwing: Onderwijs
op maat is het doel. Een gebrek aan motivatie is het
grootste probleem binnen het onderwijs. Maar dat ligt
niet aan de kinderen. Het ligt aan de school. Dat is
de stellige overtuiging van Stevens. Hij verwacht alle
heil van een radicale onderwijsvernieuwing: weg met
de klassen; laat kinderen zelf bepalen wat ze wanneer
leren.
naar
boven