startpagina

trefwoorden


literatuur

gerelateerde
artikelen:

schrijfonderwijs

schrijven is handenarbeid



waarom en hoe mensen leren schrijven
Hoe ontwikkelen kinderen een persoonlijk handschrift?

Wat leert een mens het eerst, lezen of schrijven?
Tussen lees- en schrijfdidactici bestaat een discussie
of leerlingen tegelijkertijd of achtereenvolgens moeten leren lezen en schrijven en of bij het schrijven gebruik mag worden gemaakt van het blokschrift of dat men zich moet beperken tot het verbonden schrift.
Schrijfdidactici zijn van mening dat het funest is voor de handschriftontwikkeling om kinderen het blokschrift te laten schrijven. Bovendien is het blokschrift om allerlei redenen ingewikkelder. Kinderen gaan bij het blokschrift bijvoorbeeld veel eerder 'spiegelen'. Bij schrijfletters kan dat niet.
Blokletters zijn ontworpen om in gedrukte vorm te lezen. Ze zijn daartoe oorspronkelijk uit blokken hout gesneden.
Bij het schrijven van blokletters gaat het dan ook niet om schrijven, maar om het tekenen van letters.
Van de kant van de schrijfdidactici kwam ook kritiek op het laten schrijven van jonge kinderen.
De heersende opvatting in het onderwijs was dat eerst de motoriek goed ontwikkeld moest zijn, voor met schrijven kon worden begonnen en dat het lees- en schrijfonderwijs losgekoppeld moesten worden.

Ik ben geen deskundige op het gebied van handschriftontwikkeling, dus alles wat ik hier schrijf is gezien vanuit mijn visie op een algemene talige ontwikkeling van mensen.
Dan kom ik altijd uit bij het vermogen van mensen om te communiceren. Daar heb je dan de bijpassende hulpmiddelen voor nodig. Aan de kant van productie je stem en je handen die werktuigen bedienen waarmee je woorden zichtbaar maakt.

Het communiceren doormiddel van klanken was er eerder dan het gebruiken van tekens voor die klanken. Als je met elkaar praat moet je bij elkaar in de buurt zijn.
Als je tekens gebruikt hoeft dat niet, dan hoop je dat er iemand langs die muur met ingekraste tekens komt en begrijpt wat er staat.
Als je elkanders stem hoort weet je meestal al meteen wie er spreekt en als je een brief krijgt herken je het handschrift van je geliefde. Maar in de moderne tijd van computers en internetverbindingen is dat laatste hopeloos verloren gegaan en dat is jammer.


Een kind leert al taalgebruikend en klanknabootsend zijn wereld kennen
Taal bestaat uit een gesproken dimensie en een systeem.
Gaat het in het eerste geval om het individuele gebruik van taal, het tweede betreft een door regels bepaald systeem. Dat wil niet zeggen dat het eerste los van het tweede kan bestaan.
Die verzameling bouwsteentjes van een taal, die ik letters noem,
moet door de kinderen op een vrije en creatieve manier gebruikt kunnen worden.
Dat wekt nieuwsgierigheid op naar de effecten van hun bouwwerkjes, die door hun leerkrachten hardnekkig 'woordjes' genoemd worden.
Wijst dat er niet op dat men het geknutsel van kinderen voorlopig niet zo serieus neemt?

Nieuwsgierigheid
Dat er voor de kinderen begrippen achter die letterslierten schuil gaan lijkt op school even nog niet aan de orde als ze leren schrijven in de zin van handschriftontwikkeling.
Dat is ook het moment dat de leerkrachten krampachtig bezig zijn met het onderscheiden van blokletters en lopend schrift. Dat is jammer.
Die blokletters zijn ingezet om het alfabet te leren, helemaal niet om te leren schrijven.
Goed, anders gezegd, de kinderen moeten de kans krijgen om eigen woorden en zinnen in elkaar te zetten op een manier die op dat moment het meest passend en motorisch uitvoerbaar is.

Dan gebeurt er iets aardigs
Peuters krassen een eind weg, kijken om zich heen en merken dat andere kleuters een bijzondere manier van krassen hebben waarmee ze letters, van hun voornaam bijvoorbeeld, maken.
En peuters hebben weer gehoord dat je op de basisschool aan het lezen en schrijven slaat.
Daar willen ze bij horen. En dan zitten ze aan tafel naar de pot met pindakaas te kijken waar gedrukte letters op staan en ze proberen de letters uit hun naam daar tussen uit te halen.
Kinderen leren, terwijl ze taal gebruiken en klanken nabootsen, hun wereld kennen.
Op die manier ontwikkelen ze hun denkkracht. Daaruit zou kunnen volgen dat kinderen leren schrijven als ze lettertekens nabootsen.
Die nieuwsgierigheid dus.


Maar dan komt het:
Er blijken meerdere lettervormen te bestaan die allemaal het zelfde betekenen.
De meeste lettertekens om de kinderen heen treffen ze aan in gedrukte vorm, hun prentenboeken, de krant, de pindakaaspot. Een gedeelte daarvan kunnen ze zelf produceren en dat noemt men dan schrijven. Als dat schrijven voor de leerkracht moeilijk leesbaar is kan er sprake van zijn dat die zegt: "het handschrift is onvoldoende ontwikkeld" terwijl het gaat om een uiterst creatief proces met een eigen handschrift, hoe onleesbaar in het begin dan ook.

Beheers je de klanken voor je praat?
Gebruik je soort akoestiek voor je leest, de spelling voor je schrijft, voltooi je jouw woordenschat voor je taal gebruikt? Niet echt. Kinderen spreken op een begrijpelijke manier nog voor ze de klanken van het volwassen dialect beheersen. Ze maken zinnen nog voor ze de regels ervoor kennen. Ze schrijven voor ze een handschriftles gekregen hebben.

Waarom leren mensen schrijven?
Ze hebben het nodig!
Hoe leren ze het? Op de zelfde manier als ze leren spreken, door zinvolle taal die ze echt nodig hebben te gebruiken.
Soms hebben kinderen er moeite mee. Dat is niet omdat het moeilijker is of op een andere manier dan praten geleerd moet worden. Het is moeilijk omdat we het op school moeilijk gemaakt hebben door te proberen het gemakkelijk te maken.
Er bestaat minstens een dozijn eenvoudige manieren om leren lezen en schrijven moeilijk te maken.
Al die manieren zijn ontworpen om de lesstof gemakkelijk te maken door die in stukjes te breken.
Door de vaardigheden buiten de context aan te leren, door je te richten op een stuk geschreven tekst als doel op zichzelf, is die opdracht voor sommige kinderen moeilijker en soms onmogelijk geworden.


Kinderen proberen gedrukte taal te begrijpen
Een manier om ze daarbij te helpen is op school een rijke omgeving van gedrukte en geschreven taal aan te bieden, met een leerkracht erbij die op een verstandige manier de kinderen helpt geletterd te worden. Die niet op een technische manier ingrijpt, maar die het laat gebeuren.

Praten of schrijven, wat het beste uitkomt
Geschreven en gesproken taal zijn twee parallel lopende processen. Als je geletterd bent betekent dat soms dat schrijven een betere manier is om een bepaald doel te bereiken dan praten. Je kunt met je zus in een andere stad schrijven of bellen. Door je mobieltje praten is soms duurder dan een brief schrijven en er blijft geen verslag van over. Als je haar een Email stuurt gaat er veel van het persoonlijke handschrift verloren.

Kinderen beheersen E-mailen eerder dan dat ze hun persoonlijke handschrift beoefenen.

Dat zou je jammer kunnen vinden, anderen zouden dat juist meer efficiënt noemen.
Geschreven taal heeft al de karakteristieken van gesproken taal: symbolen en systeem gebruikt in de context van betekenisvol taalgebruik.
Het is verleidelijk, en sommige filosofen hebben dat gedaan, om geschreven taal niet als taal zelf te beschouwen maar als gecodeerde vervanger van gesproken taal. Dat is ongelukkig om een aantal redenen. Je zou dan kunnen veronderstellen dat je lezen en schrijven op een andere manier moet leren dan praten en luisteren. Je zou zelfs kunnen veronderstellen dat kinderen moeilijkheden hebben met geletterd worden.
De meeste mensen leren eerder praten dan lezen en schrijven, en het helpt wel als je het in die volgorde doet.

Lees- en schrijfdidactici breken er hun hoofden over of kinderen tegelijkertijd of achtereenvolgens moeten leren lezen en schrijven en of dat er uit moet zien als blokschrift of als verbonden schrift.
Dat is kenmerkend voor hen, het zijn daarom geen lesgevers die taal als een geheel zien.
Het schrijven van blokletters beschouwt men niet als schrijven, maar als tekenen.
Dat het schrijven hoe dan ook met letterTEKENS te maken heeft brengt mij er toe dat ook het lopend schrift een manier van tekenen is. Denk maar eens aan al die mensen die kalligraferen.


Samenvattend:
Het is tegen het primaire doel van taalontwikkeling bij kinderen gericht als men de inhoud en vorm als aparte domeinen van de communicatie beschouwt en als aparte technieken de kinderen aanbiedt.
Het belang van een helder en vooral persoonlijk handschrift is groot, maar kan slechts in verbondenheid met de inhoud van een tekst ontstaan.
Kinderen leren dat belang onderkennen als ze met hun eigen taal bezig zijn en merken dat een helder handschrift door anderen beter gelezen en begrepen wordt.
Het is niet zo dat jonge kinderen schade oplopen als ze te vroeg beginnen met schrijven. Net zo min als ze schade oplopen als de eerste woorden die ze brabbelen nog niet de juiste klanken bevatten die je later gebruikt om vloeiende zinnen uit te spreken. Of de krassen die ze maken pas later inhoudsvolle tekeningen worden.
Op het moment dat het nodig is ontdekken ze wat wel en niet duidelijk is in hun de vorm van hun handschrift. Ze ontdekken dat als een geschreven tekst niet het effect heeft van wat ze ervan verwachten. Of ze merken dat ze moeite hebben met het voorlezen van hun eigen tekst.
Op het moment dat ze een tekst schrijven gaan hun gedachten sneller dan hun moeizaam schrijvende hand kan volgen.
Dat is een moment dat een leerkracht kan vragen de tekst opnieuw te schrijven en daarbij te letten op de manier van schrijven en toepassing van de juiste spelling.
Waar kinderen wel schade van ondervinden is dat ze moeten wachten op dat juiste moment en vervolgens veronderstellen dat er slechts één manier van letters schrijven bestaat. Het is jammer dat die schrijfoefeningen altijd verbonden zijn geweest met inhoudsloze teksten.

Henk van Faassen


naar index