startpagina

trefwoorden


literatuur

bekijk foto's, werk

gerelateerde
artikelen:

Ervaringsgericht
onderwijs


Leren in een goed pedagogisch klimaat

Zonder respect kun je niet samenwerken


Belangrijke waarden
De klas van Margaret is een multiculturele samenleving in het klein.
Een aantal zaken valt direct op: de sfeer en rust in de groep, de manier waarop de leerlingen met elkaar omgaan, hoe ze samenwerken, maar ook de manier waarop ze een gast in de klas begroeten en betrekken bij de dingen waarmee ze bezig zijn.


Margaret vertelt hoe ze met haar leerlingen werkt
"Zonder een goede sfeer in de klas kun je bijna geen les geven.
Als ze de eerste dag binnenkomen, laat ik meteen merken dat ik een aantal punten belangrijk vind, zoals eerlijk zijn, lief zijn voor elkaar, niet schelden; dat leren belangrijk is in groep' 8, maar ook dat je het samen goed en gezellig hebt.
Die speerpunten zet ik op het bord en bespreek ik met ze.
Ik kies er één uit die voor dat moment het meest belangrijk lijkt en ben daar de eerste weken vooral mee bezig.
Ik merk bijvoorbeeld dat kinderen het vaak moeilijk vinden om lief te zijn voor elkaar, er is vaak ruzie. Ik laat zo'n situatie uitspelen en vraag andere kinderen te laten zien hoe het anders kan. Daarna doet het betreffende kind dat zelf. Vaak is dat erg om te lachen; humor is heel belangrijk.
Als het daarna weer misgaat, hoef ik ze alleen maar te herinneren aan wat we gespeeld of afgesproken hebben."

Een voorbeeld over eerlijkheid
"Ik laat mijn tas openstaan en ik weet dat mijn portemonnee erin zit.
Als kinderen iets nodig hebben wat ik heb meegenomen van huis, zeg ik soms dat ze het uit mijn tas kunnen pakken. Iemand merkt op: "Ja, maar juf, dat is toch onbeleefd?" Mijn antwoord is dan: "Ik vertrouw je, dus pak het er maar uit."
Fouten maken mag, je krijgt bij mij altijd de kans om het opnieuw te doen maar ik wil wel dat je me zegt als je iets hebt gedaan wat niet kan of niet mag."

Respectvol omgaan met elkaar en met mij vind ik ook een heel belangrijke waarde. Respect is ook dat kinderen het tegen mij zeggen als ik iets fout doe.
Als ik boos ben geworden en een kind is het daar niet mee eens, dan is bijvoorbeeld de afspraak dat ze er na schooltijd bij mij op terug komen.

Ik vind veel goed maar ben ook streng en duidelijk
Ik heb allerlei regels, zoals geen propjes op de grond gooien, je kastje netjes houden, geen poppetjes tekenen op de kaft van je schrift.
Ik houd van structuur, het biedt veiligheid, en het werkt door in de sfeer in de klas.
De enige straf is 'alleen zitten'. Na drie waarschuwingen moet iemand een hele maand alleen zitten.
Bij conflicten laat ik opschrijven wat er gebeurd is, wat er fout ging, waar je boos over bent; we praten erover en vaak is het dan al opgelost.
Een paar jaar geleden liet ik ze nog strafregels schrijven, maar dat doe ik nu niet meer; dat is pure onmacht!"

De klasvergadering
Sinds een tijdje werkt Margaret met de 'klasvergadering'; een manier om van de klas een oefen- en ervaringsplek te maken voor identiteitsontwikkeling en burgerschapsvorming.

Een zij-instromer stelde een keer voor om te vergaderen met de kinderen, met een voorzitter, notulist, ingekomen stukken en dergelijke. Het onderwerp was de troep op straat. Het resultaat was dat kinderen zelf met allerlei ideeën kwamen om de buurt schoon te krijgen.

Een ander voorbeeld:
Op weg naar het Anne Frankhuis hadden ze een rondvaartboot gezien; daar zouden ze zelf een keer in willen zitten. In de vergadering werd een werkgroepje gevormd en de taken verdeeld: telefoneren, de directie vragen of het mag, enz.
De kinderen vergaderen nu iedere dag rond 9 uur in de kring onder leiding van een eigen voorzitter.
Soms hebben we hele pittige discussies over Osama Bin Laden en de terreuraanslagen, over Pim Fortuyn of over hoofddoekjes.
Dan praten we ook over met respect omgaan met elkaars mening, ook als dat vanwege de inhoud van die mening moeilijk is.
Wat in de vergadering naar voren komt geef ik een plaats in mijn onderwijsaanbod.

Over de rondvaartboot bijvoorbeeld hadden de kinderen een brief aan de ouders geschreven dat het hen niet alleen om het leuke varen ging, maar dat ze het ook over de geschiedenis van Amsterdam wilden hebben. Daar haak ik dan op in en haal bijvoorbeeld boeken uit de bibliotheek. Ik geef de kinderen veel ruimte om te kiezen en te beslissen, maar ik heb ook mijn doelen; ik weet wat ik wil bereiken.
Zij brengen hun belangstelling in, zoals de jongen die in het kader van 'De tweede wereldoorlog' van alles uitzocht over vliegtuigen. Ik laat vaak krantenartikelen meebrengen om onderwerpen uit te diepen.
De kinderen komen ook met zaken die ik niet zie zitten of waar ik het niet mee eens ben.
Soms ben ik dan autoritair en zeg dat het niet kan; een andere keer zie ik er tegenop maar ga ik het toch aan. Als ik met de kinderen bespreek waar ik over pieker, hoe doen we dat nou, hoe pakken we dat aan, sta ik vaak versteld met welke oplossingen ze komen en dat ze zoveel zelf kunnen.

Samen leren
In de klas wordt veel samengewerkt.
Het valt op dat de kinderen dat goed kunnen.
Naar elkaars mening luisteren en respectvol met elkaar omgaan, zijn volgens Margaret voorwaarden om samen te kunnen werken en leren.

Als kinderen niet goed met elkaar kunnen omgaan, kun je ook niet in groepsverband werken. Als er geen respect is voor elkaars mogelijkheden, kan een dyslectisch kind toch niet samenwerken met met kinderen die goed zijn in taal?
Ieder kan op een eigen manier een bijdrage leveren: de één maakt een tekening, anderen de tekst, weer een ander de illustratie.
Ik merk wel dat het voor kinderen die moeite hebben met leren een stuk moeilijker is. Kinderen die nite goed kunnen communiceren zijn vaak veel individueler bezig, dat is veiliger.
Het heeft niet alleen met intelligentie te maken, ook de achtergrond van kinderen speelt een rol daarbij.
Kinderen leren ook van elkaar, juist omdat ze zoveel in groepsverband werken.
Ik ving toevallig een flard van een gesprek op in een groepje waarin iemand zei: "Ja maar baby's die poep je toch uit? "Nee", zei een ander, "die komen er door de vagina uit!" Prompt werd het een beetje giechelig, maar het is wel zó veilig dat ze het erover kunnen hebben.

Ik hoop dat de kinderen zich veilig en prettig voelen, met mij, met anderen en met zichzelf, waardoor ze zich goed ontwikkelen en zich gestimuleerd voelen om te leren.
Ik hoop dat ze, als ze zich goed voelen, dat overbrengen op anderen, thuis, bij vriendjes. En dat ze anders reageren in conflictsituaties.
Maar ik ben ook realistisch. Ik denk dat het maar heel klein is wat ik ermee bereik en maar met een deel van de klas. Je hebt ze maar een jaar. En ze leven in zo'n jungle buiten de school. Maar al zijn het er maar een paar!

Door Margaret Schut-Beenders en Hanneke Verkleij. Margaret Schut-Beenders is leerkracht van groep 8 van de Lukasschool in Amsterdam West/Osdorp.


[bron: Zone, tijdschrift voor Ontwikkelingsgericht onderwijs, jrg 2, nr. 4