|

De kinderen praten veel over engelen die uit de buik van een wolk
komen

Foto's: Bert Nienhuis
We
gaan bij kinderen uit van wat ze niet kunnen.
Dat maakt volwassenen machtig.
Door met kinderen samen te zijn leer je veel.
De kinderen verzamelen zelf hun kennis, je hoeft als begeleider
alleen maar te zorgen dat er mogelijkheden voor leren en ontdekken
zijn. Het kind is belangrijk, niet het programma. Kinderen gaan
relaties met elkaar aan en leren daar veel van. Kinderen moeten
fouten kunnen maken, dat zijn even zoveel bronnen.
De
teksten over kinderen:
Als een kind aan een boom denkt, denkt de boom aan het kind.
De bladeren vallen en beven. Ze laten los omdat ze maar aan één
hand vast zitten.
Zijn schaduwen van ringslangen giftig?
Wat gebeurt er als een grote schaduw of een kleine gaat?
Mijn schaduw wordt korter omdat hij zo ver gelopen heeft.
Laten we schaduwen vangen die rondzwerven.
***

Kinderrepubliek der letteren in Vrij
Nederland
Vertel
eens
We praten met Joke
Linders naar aanleiding van het boek dat
Aidan Chambers schreef .
Hoe gaan we met boeken om: kijken we hoe mooi de plaatjes zijn
en hoe duidelijk de letters gedrukt zijn?
Of praten we met kinderen over boeken.
Doen we dat alleen maar thuis of hebben we inmiddels allemaal
een manier om het in de klas te doen?
Het is belangrijk om niets uit te leggen, anders gaan de kinderen
lezen zoals de leerkracht het wil.
Het is met lezen op school zo gesteld dat er veel aan de techniek
van het leren lezen gedaan
wordt. Kijk maar naar die beruchte A VI boekjes.
Kinderen komen opgewekt vertellen dat ze al 'groen' kunnen lezen.
Ze wijzen op het groene plakkertje op de rug van het boek.
Aidan Chambers kiest moeilijke boeken uit om met kinderen over
te praten. De kinderen moeten leeservaring hebben, vindt hij.
De taaldrukkers vinden dat leesbevordering niet het doel van
taalvorming is, wel het effect ervan.
Het gaat erom dat kinderen door het lezen van een boek een
ervaring rijker worden. Het is prettig dat je die ervaring kan
delen.
Hoe kan je bij tweede taal verwervers over de 'beeldende kracht'
van woorden praten als hun woordenschat zo gering is? Hoe kunnen
ze daar dan ook nog creatief mee omgaan? Ook met weinig woorden
is het mogelijk om iets mooi, precies of herkenbaar voor anderen
te zeggen.
Uitgaande van de taal die ze al bezitten kunnen prachtige 'taalgesprekken
ontstaan in verschillende talen door elkaar. Iedereen denkt mee
en zoekt naar woorden. In een vertelkring mag nooit, zoals op
sommige scholen wel eens
het geval is, een verbod op het gebruiken van je eerste taal zijn!
Leeservaringen zijn de zogenoemde andere kant van het schrijven.
We zijn allemaal lezers en we beschouwen het als een belangrijke,
waardevolle activiteit. We doen het vaak.
We lezen belangeloos, omdat we er van houden.
We houden van verhalen en gedichten die ons raken.
***
|
|
1998 Het
jaar waarin het Gemeentemuseum Den Haag het schilderij 'Victory
Boogie Woogie' van Piet Mondriaan krijgt De Nederlandse Bank
heeft het schilderij voor veertig miljoen dollar gekocht van
een Amerikaanse verzamelaar
Reggio
Emilia
de verloren eer van de kinderen van de
Werkschuit
De
kinderen van Reggio Emilia in Amsterdam
In 32 kindercentra van Reggio Emilia in Italië wordt kunst
geïntegreerd in de opvoeding van kinderen van 0 tot 6 jaar.
Grondlegger van die aanpak is de pedagoog Loris
Malaguzzi.
Kinderen zijn krachtige competente wezens die ' honderd talen'
ter beschikking hebben, is het motto..
De school en samenleving leren de kinderen al die vermogens
zoals kleien, praten, zingen, dansen, prutsen en meer optimaal
te gebruiken.
De rol van kunstenaars
Ieder kindercentrum heeft er een permanent atelier waar kinderen
samen met een kunstenaar materialen en mogelijkheden onderzoeken.
De atelierista, zoals die
kunstenaar genoemd wordt, stelt al zijn vermogens ten
dienste van het ontwikkelingsproces van de kinderen.
De pedagogista is een deskundige
die de begeleidsters van de kindergroepen ondersteunt.
Malaguzzi: creativiteit is een alledaags jasje en geen zondagse
jas.
In de wetenschap onderscheidt men sociale, emotionele en cognitieve
ontwikkeling. Daarmee splits men de werkelijkheid. In de praktijk
zitten de kinderen de hele dag in een creatief proces
De verloren eer van de kinderen op
De Werkschuit
De kinderen van Reggio Emilia trekken in Amsterdam meer aandacht
dan de kinderen van De Werkschuit. Hoe komt dat?
Museumdirecteur Rudy
Fuchs heeft het licht gezien en zegt tegen
Tijmen van Grootheest,
de directeur van het Fonds voor de kunst: "we gaan de
kunst teruggeven aan de kinderen".
Hij herinnert zich Appel, Lucebert en
Cobra. "Ieder mens is een kunstenaar".
Zo origineel is hij in zijn oprisping niet. Het was Willem
Sandberg, zijn illustere voorganger die samen
met de medewerkers van De Werkschuit al in 1953 kindertekeningen
zijn museum in sleepte.
Twee tentoonstellingen "kinderen
uiten zich" en
een tentoonstelling van kinderspeelgoed waar kinderen in een
van de zalen zelf met materialen aan de gang konden. De medewerkers
van de Werkschuit ontwikkelden praktische werkvormen en gaven
voorbeeldlessen.
Maar ja dat was in die verdoemde jaren
zestig
Toch meldt Marlies
van der Veer,
docent expressie en beeldende vorming op het college voor peuterleiders,
dat ze nog steeds teert op de ideeën uit de jaren zestig.
Het gedachtegoed van De Werkschuit houdt haar gaande. Maar er
is iets mis gegaan sindsdien.
Wat moeten we opsporen om de draad weer energiek op te pakken?
Amsterdams wethouder Jikkie van der
Giesen geeft enthousiast geld aan Kinderdagverblijf De
Platanen om een pilotproject Reggio op te zetten. Kunstenaar
Tienke van der Werff kijkt wat kinderen met bolletjes
klei kunnen doen. Margot Meeuwis sticht een bureau voor
Pedagogiekontwikkeling voor het jonge kind.
Ikea plaatst een "ballenbak" tussen hun saaie eenvormige
meubeltjes. Op speelplaatsen worden verantwoorde "wipkippen"
stevig vastgeschroefd.
Helaas moeten de kinderen van Amsterdamse scholen en kindercentra
nog steeds plukken watten opplakken met Sinterklaas.
Er hangen nog steeds reeksen Dikkie Dik poezen en Dick Bruna
Nijntjes voor de ramen van de crèches.
Kunst wordt ondergeschikt gemaakt aan
educatie.
Dat kan toch nooit de bedoeling zijn?
***

Nieuwe
koers literaire vorming
Ineens spreekt iedereent niet meer over kinderen, maar over
KIDS, een beschamend staaltje van taalvervuiling en trendy benadering.
Kunstweb, ook al zo'n aanmatigende benaming voor een instelling
voor kunstzinnige vorming, geeft de activiteiten in het onderwijs
de naam: Kunst In De School. Leuk
gevonden toch?
We moeten hoognodig bestuderen hoe het gesteld is met de taalontwikkeling
van onze kinderen op de Basisschool. Jetty Vegter doet
dat.
Ontluikende geletterdheid helpen ontluiken?
Een metafoor:
Methode Zwijsen is fabrieksbrood
Kansrijke taal is brood
van de warme bakker
Whole Language Taalvorming
is zelfgebakken brood
Conclusies van Jetty
Vegter-Rozendal
Het methode gebonden onderwijs
(Zwijsen) leert de kinderen op een technische manier lezen,
via deductief taalregels verwerven.
Methodegebonden onderwijs is klassikaal onderwijs met een minimale
arbeidsinzet van de leerkracht en een maximale groepsgrootte.
De werkopvatting van de leerkracht wordt negatief beïnvloed.
Whole Language (Taalvorming)
is zo veel mogelijk ervaringsgericht, thematisch onderwijs.
Veel kansen voor interactief werken en korte instructiemomenten.
Voor er oefeningen plaats vinden zijn er eigen ontdekkingen.
Positieve leerhouding, met belang voor constructief kennis te
verwerven.
Kansrijke Taal Een leerkracht
kan alle kanten op. Een 'transaction' manier van leren. Het
solistische karakter van lesgeven wordt doorbroken. Als alles
op gang gebracht is vergt het evenveel tijd als het werken met
een methode. Bestaande materialen en werkvormen, van onder andere
taaldrukken, worden gebruikt.
[Zwijsen Basis voor taal en lezen, Kansrijke Taal en Whole Language
(Taalvorming) vergeleken. Literatuurscriptie Afstudeeronderzoek
Universiteit Utrecht, Vakgroep Onderwijskunde, door Jetty
Vegter-Rozendal, september 1998]
Taalvorming & Whole Language
In de Verenigde Staten noemt men Taalvorming: Whole Language.
Toen ik kennis nam van wat Kenneth
Goodman, coördinator van taal- en alfabetiseringsprogramma's
aan de Universiteit van Tucson in Arizona over Whole Language
schreef werd ik getroffen door de overeenkomsten in visie met
die voor taalvorming.
Een vergelijkende beschrijving is gemaakt door Henk
van Faassen 1998
Dit stuk is op te vragen door een Email te sturen naar Archief
Filosoferen met kinderen
Een nieuwe werkvorm. Jammer genoeg gaat het veel over:
"stel je voor dat je op een onbewoond eiland zit, wat neem
je mee"
Het belang van het creëren van een creatieve situatie,
met een inspirerende startvraag.
Aldus de bedenker Berrie
Heesen en begeleidster Dorothee
Van Kammen (APS)
Mythes
Mythologische verhalen om te gebruiken bij schrijflessen. De
associatie die mensen hebben bij sprookjes is vaak een moralistische.
Er is een verschil tussen sprookje en mythe. Mythes zijn heel
goed te veralgemeniseren. Sagen zijn plaats en cultuur gebonden.
Legenden zijn gezamenlijke verhalen, aldus Nirav
Christoff en
de vakgroep taalvorming
Kerndoelen
basisonderwijs 1998
Onderwijs kan niet zonder doelen.
Het gaat om cognitieve kerndoelen per leergebied; en om doelen
die gedrag en zelfbeeld raken, doelen die te maken hebben met
de werkhouding, doelen die te maken hebben met het aanleren
van vaardigheden. Deze laatste doelen zijn de leergebiedoverstijgende
doelen.
De kunst is leergebiedoverstijgende doelen te integreren in
de gewone manier van werken, leren en doceren.
Nieuw is dat deze doelen zijn uitgesproken en op papier staan.
Geen nieuwe vakken
De nieuwe doelen betekenen niet dat er plotseling nieuwe vakken
bijkomen. Sociaal-emotionele doelen zijn niet als vak te doceren.
Sommige doelen zullen wat meer nadruk krijgen bij het onderwijs
in de zaakvakken, andere meer bij lichamelijke opvoeding, weer
andere bij taal en rekenen of de expressievakken.
Karin Adelmund
***
>
naar boven
> verder
> terug naar index
|
|