|




|
|
1987
Het
jaar dat Ahold-topman Gerrit Jan Heijn door de werkeloze ingenieur
Ferdi E. ontvoerd en nog dezelfde avond vermoord is
Ieder
Kind is een Kinderboekenschrijver
Het
kind als tekstproducent
Het congres 'Ieder
kind is een kinderboekenschrijver' wordt op
12 en 13 november 1987 gehouden in de Meervaart in Amsterdam
en is georganiseerd door de Taaldrukwerkplaats in samenwerking
met Stichting Leerplan Ontwikkeling, Nederlands Bibliotheek
en Lectuur Centrum, Stichting Schrijvers School en Samenleving,
het Landelijk Ontwikkelingsinstituut Kunstzinnige Vorming en
de Taaldrukwerkplaatsen uit Groningen, Rotterdam, Den Haag,
Nijmegen, Hilversum en Utrecht.
Ondersteuning wordt geboden door de universiteiten van Amsterdam,
Nijmegen en Utrecht.
Het tijdschrift Vernieuwing maakt een themanummer en geeft alle
werkverslagen uit.
Literatuuronderwijs
Peter van
der Hoven schrijft bij die gelegenheid
een lezenswaardig artikel.
We moeten zoeken naar nieuwe wegen binnen het literatuuronderwijs.
De uitingen van kinderen serieus nemen.
Taaldrukwerkplaatsen hebben een buitenschoolse oorsprong maar
horen thuis binnen het onderwijs.
De laatste 25 jaar zijn er belangrijke ontwikkelingen op het
gebied van op kinderen gerichte literatuur te bespeuren. De
productie van teksten voor kinderen zal
echter niet snel beïnvloed worden door teksten door kinderen.
Er zijn belangrijke veranderingen te bespeuren binnen het taal-
en leesonderwijs. Men probeert de traditionele methoden te doorbreken.
Kenneth Koch,
de Amerikaanse dichter die als eerste aandacht geschonken heeft
aan de vrije en associatieve creativiteit van kinderen, krijgt
in Nederland volgelingen.
We moeten leren omgaan met 'probleemoplossende
fantasie' en het creatief benaderen van herkenbare problematieken.
Inzetten van verbeeldingskracht in alle mogelijke situaties
is van belang.
Te lang is 'ervaringsleren' verwaarloosd.
***
Leren van je ervaring
De sociaal pedagoog D. Wildemeersch (universiteit van
Nijmegen en Leuven) probeert eigen ervaringen te koppelen aan
meer afstandelijke theoretische observaties.
Er is een verbinding tussen concrete ervaringen en abstracte
concepten.
Hij vindt ook dat ervaringsleren te maken heeft met dialoog
en verantwoordelijkheid in educatie.
Vertaald naar taalvorming betekent dat als we bij kinderen naar
een gebeurtenis, een ervaring, vragen en er komen verhalen,
dan hebben die altijd te maken met normen opgelegd door anderen,
meestal volwassenen, maar ook leeftijdgenoten.
Dat leidt tot een andere stelling: Er moet een noodzakelijke
balans zijn tussen een communicatie volgens verhalen en die
volgens redeneringen.
Ik vraag me af of we ons in onze taalrondes met de kinderen
altijd bewust zijn van dat evenwicht. Ikzelf merk dat ik meer
inga op de verhalen en minder op de redenering die er aan ten
grondslag ligt. Volgens mij is ook van belang de balans tussen
die vaker genoemde affectieve ontwikkeling en cognitieve ontwikkeling,
een evenwicht tussen gevoel en verstand.
Dan is er nog een stelling: Er bestaan relevante ervaringen
tegenover irrelevante ervaringen.
Relevante ervaringen komen voort uit alledaagse gebeurtenissen.
Irrelevante ervaringen, bijvoorbeeld het machogedrag van jongetjes,
belemmeren integratie in leerprocessen.
Toch hebben we met steeds met die achtergrondervaringen te maken.
Kijk maar naar de onderwerpen die aangedragen worden in vertelkringen.
De 'verdichtingen' die in de verhalen gelegd worden bepalen
hoe de bekende 'belevingswereld van het kind' eruit ziet. De
openheid die deze wereld is wordt door de taal, de tekst, verdicht.
Zeggen en schrijven wat je op je hart
hebt', dat is het motto van de taaldrukker
'Het
gaat er niet om dat je steeds mooiere of nieuwere dingen verzint.
Zoals je het gezegd hebt, kan het opgeschreven worden. Vervolgens
kun je daar weer zinnen uit kiezen of stukjes tekst in veranderen.
Dat maakt de teksten boeiend. Niet omdat ze over zulke bijzondere
dingen gaan, maar juist omdat ze onthullen wat zo gewoon lijkt.'
Er moet een directe verbinding zijn tussen de eigen ervaring
en de tekst.
***
Leo
Lionni
We ontmoeten de beeldhouwer en kinderboekenschrijver
in zijn schitterende landhuis in Toscane.
Is het niet zo dat zijn prentenboeken, en vooral Frederick,
inspiratiebronnen en werkmateriaal zijn voor taaldrukken?
We praten over de plek van zijn jeugd: de Plantagebuurt in Amsterdam.
Daar is Artis. Boven een van de ingangen staat volgens Leo Artis
Natura Magistra. Ik fiets vaak langs die plek, er staat Natura
Artis Magistra. De Natuur is de Leermeester van de Kunst, of
andersom? Een aardige discussie die op ons congres niet zou
misstaan. Filosofisch gezien zou je kunnen zeggen dat de natuur
pas bestaat als er door de kunsten aandacht aan geschonken is,
als er een schilderij van gemaakt is of een gedicht over geschreven
is.
***
5
mei: Taaldrukken in het Vondelpark
Een warme tent met in en uit lopende feestgangers. In deze
heksenketel werken we met limografen en stempels. We halen mensen
over om bevrijding te schrijven in plaats van passief met een
geroosterd worstje in de hand te proberen naar alle muziekmakers
tegelijk te luisteren. De geur van Oosterse hapjes drijft de
tent in. Kinderen stempelen teksten met in hun andere hand een
ballon. De resultaten hangen we op een tentoonstelling in de
Openbare Bibliotheek.
***
Brug tussen twee culturen
El
Hizjra dat
in het Arabisch 'vertrekken' of 'migratie' betekent, staat symbool
voor een veranderende samenleving, waarin een groot aantal mensen
uit Arabische landen hun plaats innemen.
Kennis van de Arabische kunst en cultuur en een meer genuanceerd
beeld van het Arabisch en Islamitisch gedachtegoed bevordert
de verstandhoudingen tussen Marokkaanse, Arabische en andere
Nederlanders.
In het verleden heeft de Arabische cultuur een belangrijke bijdrage
geleverd aan de ontwikkeling van Westeuropa. Ook nu leidt kennis
van deze cultuur in meerdere opzichten tot een verrijking.
De Aarde is mijn vaderland, de Menselijkheid
mijn familie
aldus de Libanese schrijver en mysticus Gibran
Khalil Gibran
>
naar boven
> verder
> terug naar index
|
|
|
|
|
|
|
|