1985 Het
jaar dat de wet op het basisonderwijs in werking treedt waardoor
er zeventienduizend kleuter- en lagere scholen fuseren tot basisscholen
met acht groepen
Fuseren
Nessesere Est



Zijn
er voordelen bij een fusie te behalen?
De eerste vergaderingen over een mogelijke fusie van IDV, VREK
en De Werkschuit vinden plaats in het rommelige schilderlokaal
op de Mauritskade. De Werkschuit is al lang geen schip meer,
kinderen komen nauwelijks meer op de clubs. De ateliers worden
bevolkt door volwassenen die voor hun plezier komen schilderen,
hakken in steen, etsen, weven en fotograferen.
De instellingen die moeten fuseren om in de markt te blijven,
kijken met argwaan naar elkaar.
IDV vindt dat drama de moeder van taalvorming moet zijn.
Vrek heeft de mond vol van de sociale problemen die met drama
opgelost moeten worden.
En de Werkschuit denkt voornamelijk aan beeldende kunst.
Gelukkig wijst de Gemeente nog niet met een dreigende subsidievinger
naar ons.
Bloedgroepen
De opvattingen van de drie instituten zijn uiteenlopend.
Docent taalvorming, Jos
van Hest ziet het allemaal niet zitten en
neemt afscheid. We halen herinneringen op aan een tijd, waarin
Jos met zijn eigen opmerkelijke houding aanwezig was.
Hij ziet er niets meer in om schrijfcursussen op het IDV te
geven en werken met kinderen doet hij ook niet meer. Hij gaat
zich richten op een eigen journalistieke praktijk. We komen
hem in alle mogelijke situaties nog bij voortduring tegen. Hij
gaat werken voor Het Parool, maar ook voor veel educatieve publicaties.
Kunstzinnige Vorming / Amateuristische
Kunstbeoefening
In een notitie Cultuurbeleid roept het ministerie van
WVC dat Kunstzinnige Vorming / Amateuristische Kunstbeoefening
deel uit maakt van het kunstbeleid. De kwaliteit ervan moest
bewaakt worden.
Eerder, in 1976, was er al een nota Kunst
en Kunstbeleid verschenen.
Men moest het goede behouden, de uitvoering vernieuwen en culturele
waarden verspreiden. Dat was iets anders dan de maatschappelijke
relevantie die tot dan toe in de kunstzinnige vorming van belang
was.
De roep om financiële beheersbaarheid en privatisering
is duidelijk hoorbaar. Uitwassen daarvan zijn dan sponsoring.
Maar hoe zit het dan toch met de verantwoordelijkheid van de
overheid? Als kunstzinnige vorming betekent dat mensen zélf
bezig zijn is er kennelijk minder aandacht voor de gesubsidieerde
kunsten.
Afijn de welzijnswerkers gaan het Malieveld op om te protesteren.
***
Schrijversvakschool 't Colofon opgericht
't Colofon wil een literaire werkplaats zijn waar de aankomende
schrijver zijn talenten ontwikkelt en onderzoekt onder begeleiding
van professionele schrijvers.
De schrijvers geven opdrachten, laten de studenten ploeteren
en beoordelen dat geploeter met normen die aan de eigen stijlopvattingen
van de schrijver ontleend zijn.
Voor zover bekend is er geen samenhangende didactische aanpak
Het is voorlopig de enige kunstvakopleiding voor schrijvers
in Nederland.
De vierjarige deeltijdopleiding heeft als afstudeerrichtingen
proza, poëzie, toneel, scenario en literaire non-fictie.
***

Stichting Plint
Poëzie en kunst vooral bij kinderen en jongeren onder de
aandacht brengen door de uitgave van poëzieposters en poëziekaarten,
dat is de gedachte.
Waar komt het gedicht, naast de afdruk, erboven of door elkaar?
Doorelkaar, zo zien de gedichtenposters van de stichting
Plint er uit.
Men kiest de beeldende kunst als de pels waarin de luis der
poëzie zich kan verplaatsen en geven beeldende kunstenaars
opdrachten de combinatie tussen beeld en tekst te realiseren.
De meeste affiches vertonen een worsteling tussen taal en beeld.
In veel gevallen moet de typografie het afleggen tegen het vormengeweld
van het schilderij. Het is duidelijk dat er beeldende kunstenaars
aan het werk gezet zijn die niet tegelijkertijd de typografische
eisen die je aan het drukken van een gedicht mag stellen, beheersen.
Poëzie moet het hebben van de intimiteit van bladzijde
in een bundel. Een affiche moet de strijd met de reclameschreeuwerij
aangaan in een abri dat, het spijt me, geen plaats is voor tere
teksten.
Visuele communicatie verdient alle aandacht. De nadruk moet
daarbij echter komen te liggen op de ontwikkeling van een nieuwsgierige
houding op het gebied van de eigen beleving. Kinderen moeten
vertrouwen krijgen in hun eigen verbeeldingskracht en zintuiglijke
waarneming. De gedachte dat ze die ingewikkelde relatie tussen
taal en beeld zelfstandig in de gedichtenmakerijhoek kunnen
ontdekken en oplossen is een misvatting.