1981 Het
jaar dat de Beatle John Lennon voor zijn appartement in New
York van dichtbij neergeschoten is door de geestelijk gestoorde
fan Mark Chapman
Vijf
Jaar Kikker en Pad in de Werkplaats
Verhalen
die verteld en voorgelezen worden
Er is een verschil tussen verhalen
die voorgelezen worden en verhalen die verteld worden.
Een voorlezer kan zich verbergen achter de hoofdpersoon van
het verhaal. De kinderen die naar het verhaal luisteren zullen
niet denken: dat zijn vreemde dingen die de juf voorleest, maar
ze gebeuren alleen maar in sprookjes, ze staan in een boek,
maar juf was er zelf niet bij.
Als je een verhaal vertelt, iets dat je ter plekke verzint of
iets dat waar gebeurd is, dan denken de kinderen dat jij het
zelf bent die vreemde-, of heel gewone dingen hebt meegemaakt.
Kikker vertelt Pad hele gewone dingen, dingen die ieder kind
kan meemaken en Pad luistert goed en als hij bang wordt van
de dingen die in het verhaal gebeuren weet hij dat Kikker altijd
dichtbij is om hem te helpen.
Een goed gevoel voor de kinderen die luisteren naar de verhalen
over die twee vrienden Kikker en Pad.
Bij Taalvorming gaat het erom dat de verhalen die voorgelezen
of verteld worden de kinderen bij hun eigen ervaringen en hun
eigen verhalen brengen.
Verhalen die op papier staan kunnen bij willekeurige kinderen
terecht komen.
Achter de verhalen die uit de verbeelding van de verteller tevoorschijn
komen kan die zich moeilijk verschuilen. Ze vormen een directe
communicatie tussen de verteller en de luisteraar.
Het kan geen kwaad om Kikker het woord te laten doen en te kijken
wat de kinderen daarover zelf te vertellen hebben.
Het is niet vanzelfsprekend dat kinderen horen wat een verteller
zegt en dan hetzelfde gaan denken.
Luisteren naar een verhaal, of het zelf lezen, is niet alleen
maar van het ene woord naar het andere bewegen. Het gaat van
de ene betekenis naar het andere. Zo worden kinderen competente
lezers en luisteraars. We helpen ze daarbij door ze te omringen
met goede boeken en mooie verhalen.
***
Internationale
Aandacht
We nemen deel aan het congres van de International
Non-Government World Organisation for Education trough Art,
INSEA, in Rotterdam.
Bij die gelegenheid ontstaat een tentoonstelling van taaldruksels,
die we sindsdien vaak gebruiken.
De VCO-special over taaldrukken wordt in het engels vertaald.
Jos van Hest en
Frans van Es
geven een workshop met deelnemers uit de hele wereld.
Het is een bijzondere ervaring om deelnemers, bijvoorbeeld uit
Nigeria, in hun kleurige gewaden te zien schrijven en drukken.
***
Leerplanontwikkeling : Taalonderwijs
anders bekeken
Leo Lentz
beschrijft het thematisch cursorisch werken in het
Innovatieproject.
Frederice van Faassen vat daarin taaldrukken
samen in een soort stellingen.
'Ieder kind, ieder mens heeft zijn eigen taalgebruik.
Zintuiglijke ervaring is noodzakelijk voor eigen taalgebruik.
Fantasie komt voort uit de realiteit en moet daar ook weer op
uit komen.
Concentratie op het waarnemen voorkomt verbalisme.'
Leo Lentz, een terugblik op de tijd
met taaldrukkers om zich heen.
Mijn eerste contact met taaldrukkers was op de VON-conferentie
in Noordwijkerhout in 1977.
Ik zat de hele dag met leraren Nederlands op stoelen te praten.
Ik zie nog voor mij de ruimte waar de taaldrukkers bezig waren.
Er heerste daar een gezellige, actieve sfeer. Een zekere opgewonden
stemming, een prettige gekte.
Het contact met de taaldrukkers klikte meteen.
Toen ik bij de Stichting
Leerplan Ontwikkeling werkte, beschreef ik
de fascinerende verandering van sfeer, als er een taaldrukker
in de klas kwam. Van een schoolse praktijk ging het ineens over
het echte leven.
Er kwamen verhalen bij de kinderen los en met die verhalen kon
iets gedaan worden.
Als ik op scholen kwam voelde ik mij daar altijd een beetje
illegaal want Willem Verspui, van het ABC, vond het maar
niks dat een SLO-er in de klas kwam.
De ideeën van de sectie moedertaal
van de SLO,
Het project 'Gericht
schrijven', liep
gelijk met dat van taaldrukken.
We wilden graag die draaibeweging, tot stand brengen en waren
trots op onze uitgaven zoals 'Taalonderwijs
anders bekeken' en onze
bijdrage aan het Handboek 'Taaldrukken, verder dan zeggen
en schrijven'.
Ook het ABC, het Innovatieproject
en later het APS, volgden snel in dat enthousiasme.
Later verruilde ik het basisonderwijs voor het universitaire
onderwijs. Ik moest zelf les geven in plaats van beschouwen,
beschrijven en stimuleren. Mijn vakgebied ging van taalonderwijs
naar taalbeheersing. Taalbeheersing gaat om gebruiksteksten
van nota's en formulieren.
Onderzoek naar Schoolwerkplannen
Waarom zien zakelijke teksten eruit zoals ze eruit zien?
Aan de ene kant kwam ik op de Rijksuniversiteit van Utrecht,
in de vakgroepen dichter bij literatuur, aan de andere kant
hield ik mij zelf niet met letterkunde bezig.
Door deelname aan de begeleidingscommissie voor een cursus
'Docent schrijven' en het boek 'Leren
schrijven leren' kwam
ik gelukkig terecht in een ander stuk van het veld, namelijk
het 'opleiden van volwassenen die plezier hebben in schrijven'
Het sluit aan bij mijn belangstelling voor schrijfprocessen.
Ik zie daarin nog steeds een relatie met taaldrukken maar sta
zelf langs de zijlijn.
Een goede docent schrijven zal de basisprincipes en werkwijze
van taaldrukken goed kunnen gebruiken. Volwassenen zijn echter
schools gevormd en willen zelf iets 'literairs' produceren zoals
de schrijvers die ze bewonderen.
De taaldrukkers vinden dat er iets mis gegaan is in het literaire
onderwijs, met de verplichte leeslijsten.
Het heeft dingen kapot gemaakt en daarvan krijgt de literatuur
zelf ten onrechte de schuld.
Het Heilige Huisje is in het Postmodernisme afgebroken.
Het gaat nu om 'teksten'. Letterkundigen kijken zelf ook verder
om zich heen.
Ik heb veel moeite gedaan om op de RU een studierichting 'Cultuureducatie'
in te richten.
Literatuur buiten de schoolklas en in de Centra voor Kunstzinnige
Vorming.
De studenten kunnen docent 'literatuur beschouwing' worden.
Die beschouwing missen de afgestudeerde docenten literaire vorming
van de HKU misschien een beetje.
Hebben die wel genoeg zelf gelezen?
Daar staat tegenover dat ik begrijp dat taaldrukken op de HKU
als voeding voor schrijfprocessen aangeleerd wordt.
***
2e
Fédération Internationale de Mouvements d'Ecole
Moderne
Onder de titel 'L'ecole Face a
la degradation Urbaine' houdt
de internationale Freinetbeweging in Delft haar congres. Taalvorming
en het Freinetonderwijs worden in werkgroepen besproken. In
het tijdschrift van de FBN, 'In Beweging' verschijnt een beschouwing
over Taaldrukken en menselijk taalgebruik.
***
Taalbezigheid
Theo Vesseur
zegt in een interview met Peter
Toxopeus:
'De Taaldrukwerkplaatsen liggen dichter bij wat mij boeit
dan bijvoorbeeld de cursussen van het IDV.
In de taaldrukwerkplaats zijn mensen toch weer bezig met hun
taal. Het staat niet zo los van het leven.
Ik vind het vaak ook boeiender dan onderwijs.
Op school komt men niet toe aan de vraag: 'wat
leeft er bij jou en wat kan ik daarmee?'