1931
1936

1940
1945

1949
1950
1951

1952

1953

1954

1955

1956

1957

1958

1961

1962

1963

1964

1965

1966

1967

1972

1973

1974

1975

1976

1977

1978

1979

1980

1981

1982

1983

1984

1985
1986
1987

1988
1989

1990

1991

1992

1993
1994

1995

1996

1997
1998

1999

2000
2001
2002
2003

2004

2005

2006


1936

Het jaar dat er midden op de Veluwe het Kröller-Müllermuseum voor moderne kunst geopend wordt

De Werkgemeenschap
voor Vernieuwing van Opvoeding en Onderwijs

Kees en Betty Boeke

Het is de tijd die aangeduid wordt met 'voor de oorlog'
Meestal komt daar nog achteraan: "voor de oorlog kon je nog naar de schouwburg voor..." en dan komt een bedrag in centen en halve centen. Soms hoor ik dat voor de oorlog alles beter was, wel een moeilijke tijd, maar toch beter.

1935 Kees Boeke richt de Nederlandse afdeling van de New Education Fellowship, de Werkgemeenschap voor Vernieuwing van Opvoeding en onderwijs, op
Opvoeding betekent bevordering van de grootst mogelijke ontwikkeling van de aanleg van ieder individu persoonlijk en als lid van de gemeenschap.
Er is een dwingend verband tussen de ontwikkeling van de maatschappij en de opvoeding van kinderen.
Vrede en rechtvaardigheid moeten in een wereldorganisatie gewaarborgd zijn.
De WVO bestaat tot op de dag van vandaag, evenals het maandblad Vernieuwing, opgenomen in het SOVO, het Samenwerkingsverband van Organisaties voor Onderwijsvernieuwing, waarin de Freinetbeweging, de verenigingen van Vrije Scholen, Daltonscholen, Jenaplanscholen en Montessorischolen samenwerken.

De onderwijsinspectie
heeft grote bezwaren tegen de vernieuwende tendensen in het tekenonderwijs.
Die zouden ten koste gaan van de kwaliteit ervan.

Nieuw is alles eens, maar niets blijft het
Kees Boeke schrijft:
"Ervaren wij het niet als zielig, soms bijna tragisch, wanneer wij in aanraking komen met iets, dat de naam 'nieuw' draagt, maar waarvan wij bij de eerste aanblik merken, dat het al evenzeer verouderd, even duf en star geworden is, als zijn minder pretentieuze concurrent die zich niet van dit gevaarlijke etiket heeft voorzien?"

Het vrije tekenen
De WVO haalt Richard Rothe binnen. Het is een Weense tekenleraar die een Jugenkunstklasse organiseerde en die zich opstelde tegen het starre tekenonderwijs van die tijd.
De belangrijkste vernieuwende omslag was dat het tekenonderwijs zich meer richtte op de innerlijke beleving in plaats van de uiterlijke waarneming. Dit vrije tekenen werd door de behoudende leraren als te vrijblijvend ervaren en afgewezen. Het zou toch maar tot bandeloosheid leiden. Daar tegenover stond dat kindertekeningen beoordeeld diende te worden als een persoonlijke uiting, het creatieve proces.

1939 Overheid en Kunst
Emanuel Boekman, roepnaam: Manus, partijbestuurder SDAP en wethouder van Onderwijs en Kunstzaken te Amsterdam promoveert op Overheid en Kunst in Nederland. Hij is pleitbezorger van een actief kunstbeleid zoals de nationale regering dat pas na 1945 zou gaan voeren, en dat uitging van spreiding van kunst en kultuur onder achtergestelde maatschappelijke groepen.

1948 Vereeniging ter bevordering van het Aesthetische Element in het Voortgezet Onderwijs (VAEVO)
Er verschijnt een historische en psychologische studie van de kindertekening. De leerkrachten werden geadviseerd meer aandacht te besteden aan de ontwikkelingsfasen in de kindertekening. Toch is de VAEVO meer bezig met kunstbeschouwing, lessen in kijken.
De eerste bijeenkomst van de Werkgroep Aesthetische Vorming, afdeling Tekenen en vrij vormen en het zogenoemde ' pantomime-tekenen' wordt op 30 september op de Werkschuit gehouden.


1941 Congres Kunstzinnige Vorming van de WVO te Bilthoven
Tijdens WOII werd in binnen- en buitenland aan de voorbereiding van onderwijsvernieuwing gewerkt.

1944 Internationale aanpak van Onderwijs
In Londen werd onder leiding van minister Butler vergaderd zodat direct na de bevrijding met vernieuwing kon worden gestart. Voor Nederland neemt Dr. G. Bolkestein, minister v Onderwijs in ballingschap, aan de besprekingen deel. Hij pleit voor een apart ministerie voor de kunsten. Er moet meer schoonheid in het leven van de mensch komen.

Ministeries veranderen nogal eens van naam en inhoud
1799: Agentschap Nationale Opvoeding;
1818: Ministerie Onderwijs Kunsten en Wetenschap;
1824: Ministerie Publiek onderwijs, Nationale Nijverheid en Koloniën;
1825: Ministerie Binnenlandse zaken, Waterstaat en Onderwijs;
1918: Ministerie. van Binnenlandse zaken;
1922: Ministerie Onderwijs Kunsten en Wetenschappen (OKenW);
1966: Ministerie van Onderwijs en Wetenschap;
1986: Ministerie Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur en Ministerie Onderwijs en Wetenschappen (OW)
1994: Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW)

De bal stuitert tussen kunsten en onderwijs heen en weer


Papierpropjeskunst
In het 'kakschooltje', ook wel bewaarschool en later de kleuterschool, op het Beukenplein maak ik kennis met het onontkoombare onrechtvaardige. Ik word gestraft voor het stukmaken van een schaartje door een ander kind. Ik moet met de twee helften in mijn hand op de kamer van de directrice uren in de hoek staan.
Mijn verweer wordt niet geaccepteerd. De idealen van de WVO gaan aan mijn neus voorbij.
Een dergelijk trauma lopen veel kinderen op, ook vandaag nog, als leerkrachten slordig met hen om gaan. Ik kan me niet voorstellen dat ik toen besloot het ze later betaald te zetten, maar ik kan me wel voorstellen dat een dergelijke ervaring mijn latere werk op scholen heeft geraakt.
Daarnaast zijn er ook herinneringen aan goede dingen. Een juf om verliefd op te worden. Een spontaan groepswerk, als ik een papieren vuilniskarretje in elkaar plak. Alle kinderen in de klas kauwen propjes papier om die in mijn vuilniswagentje te doen.
Mijn leven lang heb ik zulke groepswerken bedacht, hoewel die verder gaan dan de papierpropjeskunst met de felgekleurde bloembollenvelden.

naar boven