De
peuters van een kinderdagverblijf in Amsterdam maakten vormstempels,
drukten die af in het vakje en ze vertelden er bij.

Driehoeken
die gaan lijmen want ze hebben snavels.
Harde wind, dan waaien ze weg
Vogels kunnen vliegen maar niet zwemmen hoor!
Kleine eendjes wel en grote zwanen.

Heel veel eekhoorntjes die gaan gewoon op mijn handen lopen,
dat kriebelt zo.

Vissen eten hun eigen voer en ik eet vis.

Hokje voor het hondje.
En tunneltjes.
Dan gaan ze botjes zoeken.

Dat is de bus, dan gaat ie vallen.
Er komt een auto tegen.
Er komt ook een auto tegen de broek.

Ik had geen armbandjes.
Ik had niks aan.
Ik kan al zwemmen zonder bandjes.
Hoe
ging het in zijn werk?
De vormstempels zijn kleine houten
blokjes waar de peuters vormpjes van zelfklevend cellrubber
opgeplakt hebben.
In een dekseltje is wat Ecoline op een viltje gedruppeld.
Dat
is het stempelkussentje.
De kinderen gebruiken elkaars stempels en combineren die met
elkaar.
Ze bedenken waar een stempeltje moet komen en met welke kleur.
Je kunt het stempeltje ook heel vaak afdrukken.
Soms gaat een peuter met het stempeltje veegjes maken. Dat is
de bedoeling niet, maar het is wel leuk om te zien.
Wat
de kinderen vertellen
Ze kijken naar de stempelwerkstukken.
Soms benoemen ze slechts de vormen.
Maar als je doorvraagt krijgen de vormen een betekenis.
Dan komen er
verhalen los.
Vaak zijn die verhalen verbonden aan de prentenboeken die ze
kennen.
Het wordt pas echt spannend als ze vertellen over de dingen
die ze zelf gedaan hebben.

Sinterklaas of een heks, die gaat kadootjes brengen
En er is een veulentje die pas geboren is, die hoort bij het
moederpaard, die moet in een ander hokje.
En Sinterklaas zegt: "Welkom in Nederland"

Dat is een beetje kapot, die maan, dan gaat ie soms huilen.
De maan is gevallen en dan komt de vogel die vierkant is hem
helpen

De broeken waaien allemaal weg.
Heel hoog in de wolken
Het ene rondje lijkt net alsof het kapot is
Die met gaatjes zijn ook wolken