startpagina

index
literatuur


taalwerkvormen


drukwerkvormen


werkvormen, lessen


eerst beeld


gedichten






Taalwerkvormen / gedichten
Monologen, Dialogen en Pantun


Een werkvorm waarbij gedichten een schrijfprocesbij kinderen op gang brengt
Gekozen uit de bundel: 'Als je goed om je heen kijkt zie je dat alles gekleurd is'

In dit geval is het gedicht in een monoloogvorm geschreven

Monologen schrijven is een manier om aan kinderen te vragen te schrijven op een manier alsof je iets vertelt.
De meeste monologen die de kinderen kennen zijn afkomstig van ouders of leerkrachten.
Degene die een monoloog houdt (of schrijft) verwacht geen antwoord van de lezer of luisteraar.
Het tegenovergestelde van een monoloog is een dialoog.
Het schrijven van een dialoog vereist meer inzicht van de kinderen,
ze moeten zich kunnen voorstellen hoe een ander ingaat op iets.

Pantun
Voor de uitvoering is gekozen voor het schrijven van een pantun, de orale volksgedichten uit het Maleise taalgebied.
Met name de 'pantun berkait' (aangehaakte pantuns) zijn uitstekend geschikt voor ons werkplan.
De tweede en de vierde regel van de eerste strofe dienen als eerste en derde regel van de volgende.
En zo verder kunnen het wel vijftien strofen worden.
Hoewel de oorspronkelijke pantuns 'minnedichten' waren werden ze ook gebruikt voor het beschrijven van de vele facetten van het leven.

Omgaan met verschillende dichtvormen is erop gericht kinderen kwalitatieve stappen te laten zetten op hun pad naar een beter taalgevoel.

Gekozen gedicht en de werkvormen die er bij gebruikt zijn

Monoloog van een moeder
Heb je pijn in je buik?
Dat komt van het chocolade eten
Ben je alleen?
Maar ik ben toch bij je
Heb je dorst?
Dan krijg je een glaasje water
Zit je kop vol?
Dat komt van het boeken lezen
Heb je het warm?
Dat komt omdat je met de kachel aan wilt slapen
Ben je bang?
Dat komt omdat het donker is
Mama doet het licht weer aan
zal je dan zoet slapen gaan?

Bianca Stigter

Praatronde:
Wat is een monoloog en wat is een dialoog
wie houden die?

Schrijfronde:
Schrijf een monoloog over iets dat je vaak tegen je moeder of vader zegt

Voorbeeld:
Iedere keer als ik de deur uit ga
Hoor ik iemand zeggen:
Voorzichtig bij het oversteken.
Dat vergeet ik als ik bij de hoek ben
Toch kijk ik goed uit

Rollenspel dialoog:
Kies met z'n tweeën een situatie die je kort voor het bord kunt spelen.
Bijvoorbeeld: Moeder en kind; Meester en leerling en zo meer.
Schrijf samen op één blaadje wat je samen gezegd hebt.
Het mag iets korter dan je het gespeeld hebt.

Moeder: Aisja ga nu eindelijk eens je tanden poetsen
Aisja: Even nog dit hoofdstuk uitlezen.
M: Nee, je gaat je nu uitkleden
A: Hè toe, het zijn maar twee bladzijden.
M: Als je nu niet gaat roep ik je vader.
A: Ik mag ook nooit wat

Praktijkvoorbeeld:

Dialogen schrijven in de bovenbouw

We leggen elkaar uit wat een dialoog eigenlijk is.
Veel kinderen beschrijven ondanks dat het een dialoog moet zijn met personages en een dubbele punt in de kantlijn, de gebeurtenis. Ze zijn het zo gewend.

Miesje: "héé waarom kijken ze niet naar mij."
Vader: "Mmm, je bent zo mooi dat ik je lust."
Miesje: "ik kom er lekker tussen in, hoi mam, hoi pap."
Moeder: "Miesje, we zijn toch bezig zie je dat niet?"
Miesje: "Al dat gevrij dat is niks voor mij.
Vader: "Spring niet zo op de bank!! Ik word boos."
Miesje: "Kijk eens naar mijn schoenen. Zijn ze niet om te voelen, héé jullie kijken niet eens.

Nu de dialogen op papier staan proberen de kinderen de tekst te volgen als ze spelen en improviseren veel minder.
Kinderen stellen voor om voor de videocamera te mimen. Dat is een goed idee.
De opname wordt gemaakt en het gedicht wordt buiten beeld erbij voorgelezen.

Schrijven in de vorm van een Pantun
Bijvoorbeeld als de monoloog of de dialoog ging over 'naar bed gaan'
Bij andere onderwerpen kan hetzelfde patroon gebruikt worden: Hoe doe je iets; Zin met een variant; Zintuiglijke waarnemingen; Hoe dingen gaan enzovoort.
Vanzelfsprekend kun je als leerkracht zelf de vragen bij de verschillende regels bedenken.
Het is daarbij handig als je vooraf geoefend hebt of de vragen wel werken.

Schema:
regel 1 Hoe lig je in bed.
regel 2 Zin met een ander woord voor slapen.
regel 3 Wat hoor je.
regel 4 Hoe/wat

regel 5 = regel 2
regel 6 Wat zie je
regel 7 = regel 4
regel 8 Hoe/wat

regel 9 = regel 6
regel 10 Waar/hoe
regel 11 = regel 8
regel 12 Waar en hoe

regel 13 = regel 3
regel 14 Zelf bedenken waarover.
regel 15 = regel 1
regel 16 Sluitregel

Voorbeeld:

met opgetrokken benen
lig ik in mijn bed
de geluiden van de nacht
soms zacht, dan hard


lig ik in mijn bed
dan zie ik de lichtjes
soms zacht dan hard
motoren van de auto's

dan zie ik de lichtjes
op de muur
motoren van de auto's
buiten op straat

de geluiden van de nacht
houden me uit de slaap
met opgetrokken benen
denk ik aan de dag erna.

lees ook