Eerst een tekening drukken en daarna de tekst maken
Eerst is er een beeld en dan komt pas
taal

De
buis van het riool zit onder de grond
De bliksem gaat door de buis van het riool.
Iedereen zijn poep gaat door de buis.
De buis gaat stuk Ik vind het stinken
Stephan
Taal kun je horen, taal kun je ook
zien en lezen.
Er is taal als je vertelt, luistert, schrijft en leest.
Er is ook iets wat wel met taal te maken heeft maar er eerst
nog niet veel op lijkt.
Taaldrukkers hebben vele jaren een volgorde van werken gehanteerd
die in hun naam besloten lag: Eerst taal en dan drukken.
Nu is de behoefte ontstaan om die volgorde om te draaien.
Eerst beelden drukken en dan pas de woorden erbij halen.
Doelen
De kinderen leren met behulp van elkaars abstracte vormonderdelen
beeldend vormgeven.
De kinderen leren in een proces van beeldende vormgeving samen
te werken.
De individuele creatieve prestatie is ondergeschikt aan het
groepsproces.
De kinderen leren te associëren op de gedrukte beelden.
De kinderen leren hun associaties op- en ervaringen met beelden
te verwoorden, mondeling en schriftelijk.
Praktijk
Taal
en beeld wordt op een nieuwe manier bij elkaar gebracht
Bij taalvorming wordt al vaker een tekening gebruikt om op woorden
te komen.
Denk bijvoorbeeld aan het bijschrijven van tekst bij tekeningen
van kleuters.
In die gevallen worden tekeningen in een talige context gebruikt.
Er zijn verschillende redenen om de aanpak 'Eerst een beeld
en dan pas taal' aan het basisonderwijs aan te bieden.
Op veel scholen hebben kinderen moeite zich in het Nederlands
uit te drukken en via taal met elkaar te communiceren.
Bij deze aanpak begint het proces niet met praten, lezen of
luisteren, maar met motorische handelingen en visuele indrukken.
Iedereen kan eraan deelnemen, los van zijn of haar taalniveau.
Handelingen en beelden roepen taal op.
Die taal wordt geleidelijk aan verder uitgebouwd.
Zo worden ook de onzekere of minder taalvaardige kinderen haast
ongemerkt in een talig communicatieproces geleid.
Het is daarnaast een uitdaging om in een tijd met een overheersende
beeldcultuur taal en beeld bewust met elkaar te verbinden en
te onderzoeken hoe die twee elkaar kunnen versterken, aanvullen
en veranderen.
Beeldende
vormgeving
Het werken met beeldende middelen is voor taaldrukkers meestal
gericht op het gebruik van grafische technieken.
Drukken met behulp van elkaars vormonderdelen is een werkvorm
die afgeleid is van de verschillende taalactiviteiten waarbij
kinderen elkaar op gedachten brengen,
zoals dat bij tweetalgesprekken, doorgeef teksten schrijven,
verder schrijven aan elkaars teksten, et cetera gebeurt.
Het is een activiteit die, in deze vorm, in het onderwijs in
het algemeen, en bij beeldende vorming in het bijzonder, niet
vaak toegepast wordt.
De
vormen worden voortdurend afhankelijk van elkaar
opgebouwd.
De vorm die het ene kind knipt of scheurt en een plek geeft
in het vlak, is voor een ander kind een beginpunt van een compositie
van die vorm samen met de zijne.
Die twee vormen zijn weer een uitdaging voor een derde en zo
voort.
Alles is steeds 'af' terwijl er eveneens voortdurend aan doorgewerkt
kan worden.
Er is in een eerste ronde nauwelijks sprake van overleg vooraf
tussen de kinderen over de vormgeving.
De afbeeldingen ontstaan
op een beheerst toevallige manier.
De beheersing is inherent aan de werkvorm die zo opgebouwd is
dat alle vormbeslissingen die de kinderen nemen altijd tot een
bevredigend resultaat leiden.
De toevalligheid komt voort uit de beslissing van een kind om
een bepaald vormpje op een bepaalde plaats vast te plakken en
af te drukken.
Later zullen de kinderen gebruik maken van hun ervaringen op
het gebied van compositie.
Hun vormen worden weloverwogen, hoewel nog steeds gevoelsmatig,
opgebouwd.
De
werkvormen
De werkvormen zijn zodanig ingericht dat die toevalligheden
binnen een van tevoren bepaald stramien tot een geheel komen.
Steeds opnieuw voeg ik elementen aan zo'n stramien toe als ik
zie dat de kinderen daarmee tot een bevredigende vorm kunnen
komen.
Het stramien kan bestaan uit een eenvoudig vierkant kader.
Het kan ook onderverdeeld zijn in vakjes die de kinderen helpen
bij de plaatsbepaling van hun vormpjes.
De bevrediging bij het ontdekken van een vormenwereld is een
belangrijk element van de werkwijze.
Hoe de kinderen ook met de vormen en kleuren omgaan, welke combinaties
ze ook toepassen, er komt altijd een verrassend resultaat tevoorschijn.
De compositie is in de meeste gevallen evenwichtig, of kan met
minimale ingrepen evenwichtig gemaakt worden.
Het zijn nooit experimenten die kunnen lukken of mislukken.
Alle eindprodukten zijn in principe goed.
©
Henk van Faassen
naar
boven