startpagina

index
literatuur

taalwerkvormen


drukwerkvormen


eerst beeld


gedichten


Taalwerkvormen

De bordrij

Oorspronkelijk tref je op scholen voorgedrukte bordrijen aan die voortkomen uit een taalmethode en die een vooraf bepaalde moeilijkheidsgraad hebben.

Een bordrij bij taalvorming is een reeks woorden die op een groot vel papier in het lokaal hangt.
Het zijn woorden uit de teksten van kinderen die gebruikt worden voor spellingsoefeningen en voor woordenschatontwikkeling. De leerkracht maakt een analyse van veel voorkomende spellingsproblemen en bepaalt welke woorden voor een bordrij in aanmerking komen.
De woorden worden door de kinderen zelf op grote vellen papier gestempeld.
Het is duidelijk dat bordrijen die samengesteld zijn uit teksten die kinderen recent geschreven hebben voor hen meer betekenis hebben en daarmee effectiever zijn.

Praktijk

De keuze van de woorden voor de bordrij ontstaat bij de kinderen.
Zoals bijvoorbeeld een rij naar aanleiding van een samengesteld woord dat in een voorgelezen verhaal voorkomt:
Het is een woord dat iedereen kent: 'rekenoefening'. Iedereen weet wat rekenen is en ook wat een oefening is.
We gaan op zoek naar meer dingen die je kunt oefenen.
Ademoefening; concentratieoefening; zwemoefening; voetbaloefening.
'Zand' en 'korrel' is zandkorrel. Suikerkorrel. Meer van zulke woorden worden gevonden.

Spellingsoefeningen vanuit een bordrij krijgen daarmee een zinvolle plaats binnen Taalvorming.
Je speelt in op veel voorkomende fouten in de eigen tekst van de kinderen.

A. Aan de hand van een lijst die gemaakt is van activiteiten die in de taalmethode belangrijk gevonden worden.
B. Aan de hand van een bewerkte foutenanalyse waarin de meest voorkomende spellingfouten gerangschikt staan.

Sleutelwoorden
"Een haar als een rietstengel" is wel het leukste uit een gedicht.
We doen even snel een onderzoek: wie van de jongens heeft de langste haren op zijn arm?
Een van de meisjes is jury en bekijkt giechelend alle jongensarmen.
Kibbelen, oren spitsen en klitten zijn sleutelwoorden die op het bord geschreven worden.
Doe eens voor hoe je jouw oren spitst?

Alle kinderen beginnen ijverig aan hun oren te trekken, tot eentje roept:
"Oren spitsen dat kun je niet zien, maar je merkt het wel"
Ze komt het voordoen en staat gewoon, met een ernstig gezicht, voor de klas.
Dat is oren spitsen, maar hoe zit het met klitten?
"Klitten zitten in je haar", weet één van de kinderen.

De kinderen lezen het gedicht nog eens en zoeken nog meer sleutelwoorden.
Woorden die te maken hebben met iets dat je zelf hebt beleefd.

Tijdens het opschrijven van de sleutelwoorden komen ze meteen ook de moeilijke woorden, en de spelling daarvan, tegen.
Zonder moeite kan hieruit een bordrij samengesteld worden.
Woorden waarvan de leerkracht vindt dat ze door de kinderen onthouden moeten worden.

De bordrij woorden worden later op de tekstverwerker overgenomen en uitgeprint

Er ontstaat een bordrij van woorden die onverwacht en bijzonder is.

Henk van Faassen