startpagina

trefwoorden


index
literatuur


bekijk
foto's, werk


index
taalwerkvormen


index
taal algemeen


Taalwerkvormen
Praten naar aanleiding van eigen teksten

Het zinvol kinderen actief na te laten denken over wat taal eigenlijk is

Vragen oproepen bij de kinderen en als leerkracht zelf vragen stellen.
Niets uitleggen, want ik denk dat het de kinderen veel meer oplevert als ze zelf nadenken en met antwoorden komen.
In plaats van hen uit te leggen wat bijvoorbeeld ‘nep' betekent, vraag ik naar hun ervaringen met nep. Samen vullen ze de betekenis van dat woord in en ontdekken ze de hoeveelheid nuances ervan.
Niet alleen probeer ik de kinderen aan het na denken te zetten, zij zetten mij ook aan het nadenken.

Joshua bijvoorbeeld met zijn opmerking dat alle poppen nep en alleen baby’s echt zijn.
Ik weet van tevoren nooit hoe het gesprek zal lopen. Het enige wat ik doe is een paar teksten uitkiezen om voor te lezen. Ik kies teksten die bij mij vragen oproepen en waarvan ik denk dat dat ook bij de kinderen het geval zal zijn.

Er staan twee dingen van tevoren vast:

het tijdstip waarop het gesprek plaatsvindt en het gegeven dat we naar aanleiding van de eigen teksten van de kinderen praten.
In dit soort gesprekken probeer ik zo dicht mogelijk de natuurlijke situatie waarin mensen met elkaar praten te benaderen.
Zoals we op het schoolplein of voor de les begint op een associatieve manier praten over wat ons bezig houdt, zo praten we ook tijdens dit soort geplande gesprekken.
De kinderen bepalen in feite het gesprek. Ik ben er om te zorgen dat de sfeer veilig is en dat de kinderen zich uitgenodigd voelen om hun gedachten en ervaringen onder woorden te brengen.

Praktijkverslag
Ik praat met de kinderen van groep 4 naar aanleiding van de teksten die ze geschreven hebben over een aandenken.

Varsha heeft geschreven over een kettinkje van nep goud uit Spanje.
Nadat ik haar tekst heb voorgelezen houden we een rondje waarin iedereen een ding opnoemt dat bij hem thuis nep is. Ik vertel dat ik thuis een nep-roos heb, hij is van plastic.
Naast me zit Denise. Zij heeft thuis ook een nep-roos.
Previn heeft een nep-spiegel, Raquel een nep-oorbel.
Verschillende kinderen hebben thuis nep-fruit. Morqiana heeft nep-geld.

Na dit rondje vraag ik : wat is nep eigenlijk, hoe kan je het nog meer zeggen? ‘Niet echt’, zegt een kind. Ik schrijf het op het bord onder het woord ‘nep’. Kan je het ook nog op een andere manier zeggen? ‘Namaak’.
Josephine zegt: "vals". Oh ja, je hebt valse tanden, en een valse pruik, zegt een ander. ‘Plastic’ is een ander woord voor nep. Ik aarzel even, maar schrijf het erbij. Dat woord plastic zorgt vervolgens voor veel onduidelijkheid.
Denise zegt dat ze een nep-beker heeft. "Waaraan kan je zien dat hij nep is?" Want hij is van plastic. "Waar is een echte beker dan van gemaakt?
Er worden verschillende materialen genoemd: beton, steen, glas.

Ik vraag me hardop af of een plastic beker niet gewoon een plastic beker is. Maar dat is volgens Denise niet zo.
Een ander kind vertelt dat ze een nep-pop heeft. Ik vraag waaraan je kan zien dat het een nep-pop is. Hij is van plastic. "Dus nep-poppen zijn van plastic gemaakt?
Waar zijn echte poppen van gemaakt?
Die vraag geeft enige verwarring. Een kind zegt dat een echte pop van stof is gemaakt. Een ander vindt dat echte poppen van ijzer zijn en een derde zegt dat echte poppen van hout zijn.

Ik herhaal steeds wat een kind zegt:
"dus een echte pop is van hout?" Ik vraag of het misschien niet zo is dat alle poppen nep zijn of juist allemaal echt. Joshua zegt dat alle poppen nep zijn, alleen baby’s zijn echt.
Daar laat ik het bij.
Yvandera vertelt een verhaal over nep-geld op Curaçao. Het is plotseling doodstil. Iedereen luistert naar Yvandera. Ik weet niet of dat komt omdat Yvandera nooit veel zegt en nu opeens wel of omdat de kinderen extra geïnteresseerd zijn in nepgeld.

Ik vraag voordurend waaraan je kan zien dat iets nep is
Op een gegeven moment vraag ik wie er iets heeft waaraan je kan voelen dat het nep is.
Ik vertel over de plant in de bank, waaraan ik niet kon zien of hij echt of nep was
en dat ik toen aan een blaadje ging voelen.
Raquel vertelt een verhaal over nep-geld dat niet aan het magneetje op de koelkast bleef kleven en echt geld wel. Ze kent het woord magneet niet, maar ze kan het duidelijk omschrijven: zo’n dingetje dat op de ijskast plakt.
Yassine zegt dat echt geld van ijzer is en dat het daarom blijft plakken.
Nep-geld is van plastic en dat blijft niet plakken op een magneet.
Ik herhaal nog eens wat hij zegt zodat iedereen het verhaal van Raquel kan begrijpen.
"Kan je ook horen of iets nep is of echt?"
Dauke liet een keer een gulden vallen en toen kon ze horen dat het een neppe gulden was.

Het is bijna 10 uur en ik stel voor dat we stoppen,
maar dan laait het gesprek toch opeens weer op.
We hebben het over nep-huilen en nep-schrijven en nep-lachen.
Je kan dus ook allerlei dingen nep-doen.

Lucie Visch