startpagina

trefwoorden


index
literatuur


bekijk
foto's, werk


index
taalwerkvormen


index
taal algemeen


Taalwerkvormen
De talige omgeving van de school


Met de talige omgeving wordt bedoeld dat de school op alle mogelijke manieren
een inspiratiebron voor de kinderen moet kunnen zijn.

Er zijn verschillende domeinen te onderscheiden:

De gestuurde taalomgeving.

De aan de gestuurde taal ontleende omgeving.

De ongestuurde taalomgeving.

De gestuurde taalomgeving
Die bevat de reguliere bronnen, zoals:

- Taalboeken en taalschriften die bij taaloefeningen gebruikt worden,

- Boekenhoeken met boeken die op een bepaald moment aan de orde zijn,

- Documentatiecentrum met informatieve boeken,

- Bibliotheek met een collectie proza en poëzie,

- Boekenkist van de OME met een thematische collectie boeken,

- Boekjes voor nivolezen.

Verder alle mogelijke taalhulpmiddelen zoals:

- Bordrijen, schrijflettervoorbeelden, woordkaarten,

- Tekstverwerkers, limografen, fotokopieermachine, stempelletters, magneetletters

De inzet van de gestuurde taalomgeving is intentioneel,
dat wil zeggen dat de leerkracht de middelen kiest met een uitdrukkelijk gekozen leerdoel.
Er is voor de kinderen een direct verband tussen de gestuurde taalomgeving en de taallessen.

De aan de gestuurde taal ontleende omgeving
Die bevat bronnen zoals:

- Zelfgedrukte boekjes die in andere groepen gepresenteerd worden.

- De in de klas en de gang opgehangen teksten van kinderen.

- Tentoonstellingen van thematische projecten.

- Teksten van kinderen in de schoolkrant.

De inzet ervan is incidenteel, dat wil zeggen dat de opbrengst ervan plaats vindt op een manier
die door de leerkrachten slechts impliciet is waar te nemen.
Omdat de kinderen uit andere groepen kennis kunnen nemen van de werkstukken is er geen direct verband tussen deze taalomgeving en de taallessen die ze in hun eigen groep volgen.

De ongestuurde taalomgeving
Die bevat bronnen zoals:

- Teksten op de kleren en het schoeisel van de kinderen.

- Teksten op de pakjes en flesjes drank voor in de pauze.

- Teksten op door de kinderen meegebrachte spelletjes en voorwerpen.

- Teksten in de tijdschriften en het reclamemateriaal die in de groep terecht komen.

- Teksten op verpakkingsmateriaal, dat op toevallige manier in het lokaal terecht komt.

- Teksten op de deuren en de aanplakborden van de school.

- Teksten van de leerkrachten en de ouders in de schoolkrant.

- Informatieve teksten, uitnodigingen en brieven van de leerkrachten aan de ouders.

- Formuleringen in verslagjes en rapporten.

- Recepten in het kinderkookboek.

- Gebruiksaanwijzingen bij het kopieerapparaat en dergelijke.

De inzet van de ongestuurde taalomgeving is incidenteel
Dat wil zeggen dat de opbrengst ervan plaats vindt in de hoofden van de kinderen op een manier die door de leerkrachten in het kader van de reguliere taallessen nauwelijks is waar te nemen of te registreren.
Het belang ervan is veel groter dan we algemeen aannemen.
De opbrengst is echter wel waar te nemen als de kinderen tijdens alle mogelijke vormen van interactie, in kringgesprekken of gesprekken op het speelplein, verwijzen naar die ongestuurde taalomgeving.

Evenwicht tussen de gestuurde en ongestuurde taalomgeving
Het is van belang voor de taalontwikkeling van de kinderen dat er op een school
een goed evenwicht tussen die twee omgevingen aangebracht wordt.
In de meeste gevallen is er voldoende aandacht voor de gestuurde taalomgeving,
niet in de laatste plaats omdat de reguliere lessen daarom vragen.
In thematische projecten komt veel gestuurd en ongestuurd materiaal de klas binnen.

Het is zaak het ongestuurde deel niet over het hoofd te zien,
zeker als het niet direct met het thema te maken heeft.
Er kan door de kinderen een bijdrage geleverd worden als er voortdurend plaats is voor het opslaan en tentoonstellen van "gevonden teksten" en dergelijke.

De gevonden teksten komen bijvoorbeeld voor op pagina's uit tijdschriften die meegebracht zijn omdat er een foto van een geliefd dier of een geliefde popzangeres in voorkomt.

Er kunnen verzamelingen aangelegd worden van teksten op alle mogelijke verpakkingen, bijvoorbeeld van geliefd broodbeleg, voedsel, enzovoort.

Extra aandacht moet er zijn voor de teksten die niet in de eerste plaats voor de kinderen bedoeld zijn, maar die wel door hen gelezen worden, zoals de brieven naar huis.

Ook de algemene teksten in de schoolkrant verdienen speciale aandacht
De typografische leesbaarheid van de krant moet optimaal zijn.
Dat betreft natuurlijk in de eerste plaats de afdrukkwaliteit van de opgenomen teksten van de kinderen.
Niet alle teksten van de kinderen lenen zich in dat verband voor de krant, ze zijn vaak in minder goed leesbaar handschrift, of te klein afgedrukt.

Het is al een hele verbetering als er slechts een selectie van zulke teksten opgenomen wordt die daarmee vergroot kan worden of nog eens met een zwarte fineliner overgeschreven wordt.
Teksten die schots en scheef in de krant geplakt worden lezen voor kinderen (en voor hen niet alleen) minder gemakkelijk dan de teksten die in een rustige lay out opgenomen zijn.

De 'versiering' van de pagina's kan erg vrolijk zijn, maar gezien het belang van een rustige leesomgeving ook storen en afleiden van het lezen van de teksten.
Ook de verhouding tussen de illustraties, de tekeningen van de kinderen en de teksten moet overwogen zijn.

De betekenis van taalvorming
Alle taaldomeinen die beschikbaar zijn kunnen effectief ingezet worden om de taalvaardigheden van kinderen op ontwikkelingsgerichte scholen te ondersteunen.

Alles wat kinderen lezen en schrijven, het schrijfonderwijs en de lessen in begrijpend lezen, dient in samenhang tot een talige omgeving te staan.

Het meest effectief is een taalproces in samenhang met alle vakken en gebieden.

Het minst effectief zijn de vaardigheden die niet in een context aan de orde komen, als schrijven in beperkte situaties bevorderd wordt en als lezen mechanisch, als een techniek, min of meer inhoudsloos beoefend wordt.

Henk van Faassen