|
Taalwerkvormen
Over
beoordeling van teksten

Om een beeld te krijgen van de taalontwikkeling
van kinderen
is het noodzakelijk die ontwikkeling op de een of andere manier
te volgen
Binnen de opvattingen van taalvorming leiden centraal afgenomen
standaardtoetsen tot verarming van de beoordeling.
De levende, veelzijdige taalontwikkeling wordt ter wille van de
objectiviteit teruggebracht tot eenzijdige brokjes technische
kennis en omgezet in cijfers en punten.
De toets geeft daardoor geen compleet beeld van de taalontwikkeling
bij een kind.
Het zou dus goed zijn als aan de uitkomst niet teveel gewicht
gegeven werd.
Het beoordelen van de kwaliteit van een
tekst van kinderen
vereist een open blik van de leerkracht.
Die blik moet geoefend worden.
Als kinderen een tekst schrijven staat het er nooit in een keer
goed. Dat kan niet en dat hoeft niet.
Leerkrachten zijn van tevoren vaak bang dat het bedreigend is
voor een kind als zijn tekst klassikaal besproken wordt.
In de praktijk blijkt het tegendeel: kinderen vechten erom om
hun tekst op het bord te krijgen mits de sfeer positief en opbouwend
blijft en dat de schrijver meester blijft over zijn tekst.
In het begin zijn de kinderen zo verbaasd dat ze zelf iets over
hun tekst te zeggen hebben,
dat ze alles wat er over hun tekst gezegd wordt goed vinden.
Na verloop van tijd ontwikkelen ze een kritische blik op hun taalproducten.
Door samen teksten te bespreken worden de kinderen deelgenoot
van elkaars schrijfproces.
Samen houden ze zich bezig met de vraag hoe de tekst duidelijker
kan worden.
Doordat de aandacht zich richt op de inhoud vindt er zinvolle
en betekenisvolle communicatie plaats.
De kinderen wisselen ervaringen, gedachten en ideeën uit.
Er komen daarbij vanzelf verschillende begrippen, woorden en taalproblemen
naar voren.
© Henk
van Faassen
Praktijk
tekst van Nafisha uit groep 5
Ik was
eens een keer in het Tropenmuseum.
We gingen eerst eten en toen kwam er een vrouw. Zij liet ons alles
zien.
Toen kwam er een man hij kwam uit Bolivia en hij ging allemaal
ding over Bolivia.
Maar op het laatst toen moesten we andere kleren aan, want we
gingen een feest voor moeder aarde vieren.
Toen dit af was gelopen mochten we limonade.
Daarna gingen we zingend weg.
Bespreking
Nafisha geeft een opsomming van activiteiten die ze gedaan heeft.
Ze vertelt nergens wat ze precies deed.
Het blijft allemaal oppervlakkig en daardoor onduidelijk.
Ze gaat nergens de diepte in.
Je kan het niet voor je zien.
Je komt er ook niet precies achter hoe ze het beleefd heeft, wat
indruk op haar gemaakt heeft en waarom.
Ze doet zakelijk verslag, in een min of meer chronologische volgorde,
van een museumbezoek.
Kinderen schrijven meestal op die manier over uitstapjes, bezoeken
en schoolreisjes.
Ze beginnen bij het vertrek of de aankomst, geven een opsomming
van wat ze deden
en eindigen met dat ze weer naar huis gingen.
Je kan dat voorkomen door ze een lijstje te laten maken van bijvoorbeeld
momenten of lijstjes van dingen die ze gezien hebben, gedaan hebben,
gehoord hebben, gevoeld hebben.
Als ze daar iets uitkiezen en daar over schrijven, wordt het concreter,
persoonlijker en daardoor interessanter om te lezen.
Het is moeilijk om een ontwikkeling te zien bij de kinderen.
Dat komt onder andere doordat de teksten verschillend van aard
zijn.
Met de ene schrijfopdracht vraag je een ander soort tekst dan
met de andere.
De opdracht om te beschrijven hoe jij wel eens iets schoonmaakt,
levert een kortere en meer feitelijke tekst op dan de opdracht
te schrijven over een keer dat je je alleen voelde.
Lucie Visch
naar
boven
|
|