startpagina

trefwoorden


index
literatuur


bekijk
foto's, werk


index
taalwerkvormen


index
taal algemeen


AR/21
Het is goed, en hoe weet je dat?
De beschouwing en beoordeling van de poŽzie van kinderen

Het is goed, en hoe weet je dat?
Ga je deze zin beoordelen?
Je deed het zojuist, op z'n minst had je een directe reactie klaar: je werd misschien blij verrast door de slimheid van de zin, je was geŽrgerd door de bedrieglijkheid ervan, dan wel was je verbaasd.

Geef je die zin een cijfer?
Natuurlijk niet, net zo min als je de kinderen een cijfer voor hun poŽzie geeft. Je hoefde dat ook nooit te doen.
Maar nu veel scholen experimenteren met het beoordelen van wat kinderen schrijven en daarbij portfolio's van hun werk aanleggen, is het beoordelen van verbeeldingskracht bij het schrijven terug gekomen.
Oplossing van dit probleem is harder dan ooit nodig.

Weerklank
Goede begeleiders in taalvorming weten dat het geven van cijfers voor verbeeldingskracht misleidend is en contraproductief werkt. Maar de meeste weten ook dat de kinderen cijfers willen krijgen en behoefte hebben aan een vorm van weerklank.
Ze hebben er recht op.
De meeste kinderen hebben iets aan oprechte lof en bemoediging, met daarbij misschien af en toe een tactvolle suggestie voor verbetering.
In het algemeen is dat een goede benadering, maar kunnen we het daarbij laten?
Hoe weten we dat hetgeen we prijzen die lof inderdaad waard is? Hoe helder zijn onze beoordelingen? Welke esthetische vooronderstellingen en vooroordelen hechten we aan hetgeen we lezen?
Is onze smaak beperkter dan die zou moeten zijn? Kan je persoonlijke smaak verruimd worden? Bestaan er nieuwe evaluatietechnieken die we nog niet kennen? Kan de beoordeling met behulp van portfolio's, mappen met teksten van kinderen uit de verschillende perioden van hun schooltijd, ons iets nieuws leren op het gebied van creatief schrijven en taalvorming?

Wat vind je van mijn gedicht?
Om antwoord op die vragen te krijgen hield het Teachers & Writers Collaborative een conferentie onder de titel "Wat vind je van mijn gedicht?"
De titel gaf de kern van het probleem aardig weer: niet alleen 'wat vind je van mijn gedicht?', maar ook 'volgens welke regels beoordeel je mijn gedicht'

Het was niet verbazingwekkend dat poŽzie weer eens de hardste noot was om te kraken, omdat poŽzie een ruimer veld van reacties oproept dan fictie, non-fictie en toneelstukken dat doen.
Maar deze en andere genres zijn ook moeilijk te beoordelen.
Stop achttien intelligente hoogbegaafde literatoren in een kamer, laat ze hetzelfde stuk lezen en wees niet verbaasd als er achttien totaal verschillende reacties komen.

Om je een indruk te geven koos ik twee stukken uit voor een discussie.
Neem even de tijd om "Epos van een vrouw" geschreven door een middelbare scholier, en het stukje tekst van een twaalfjarige te lezen. *) zie bijlage

Waarderingsletters
Als je deze twee teksten gelezen hebt geef je ze een waardering:
H voor 'ik hou er van' en N voor 'ik hou er niet van',
of een O voor 'onbegrijpelijk'. (deze letters maken overigens geen deel uit van de een of andere methode)

De mensen op de conferentie, in twee groepen, gaven het gedicht drie H's, een N en vier O's.
Ze gaven het stukje proza vier H's, drie N's en een O'. Is het in zulke gevallen waarschijnlijk om te denken dat we ooit tot een consensus komen?
Pas bij het achttiende gedicht vonden we er een waar we het allemaal over eens waren: allen een N, we hielden er allemaal niet van. Maar zelf toen waren er twee leuke dingen in te vinden.

Moeten we ons erg druk maken over die overeenstemming of zelfs over die waardering?
Het is verleidelijk om te stellen, en verschillende leerkrachten deden het, dat er zo weinig tijd in de klas is, dat het beter is de kinderen minder te beoordelen en ze meer te inspireren en aan te moedigen.

Beoordeling: Hmmmm
De meest extreme uitspraak kwam van een docent die zei dat zijn reactie op een door hem gelezen gedicht van een leerling is: "Hmmm". Deze vorm van minimalisme kan misschien studenten op de universiteit helpen, maar het verbijstert en ontmoedigt jongere schrijvers. Behalve dat, sinds we zonder meer persoonlijke reacties hebben op de gedichten die we lezen, waarom zouden je studenten daar niet hun voordeel mee kunnen doen?

Het hele onderwerp van beoordelen en waarderen heeft nogal wat haken en ogen.
Bijvoorbeeld benadrukten de deelnemers aan de conferentie dat er twee verschillende soorten van beschouwen van kinderpoŽzie zijn: een ontwikkelende beoordeling en een esthetische beschouwing. In de groep, in het klaslokaal, prijst men een gedicht als het een ontwikkeling bij het kind laat zien, zelfs als het gedicht op zich niet zo goed is.
Beschouwen is ingewikkeld omdat leerkrachten eerlijk en tactvol tegelijkertijd moeten zijn. Zelden kunnen ze (of zouden dat moeten kunnen) alles zeggen wat ze vinden, speciaal als het gaat om het soort schrijven waar ze niet van houden. Maar ze moeten diplomatiek zijn, per slot van rekening is het geen goed/niet goed quiz.

Opwinding en later...
Meestal is een gedicht de ernstige uitdrukking van kwetsbare gevoelens van een kind. Maar laten we aannemen dat je een ideale leerkracht bent, in staat om je beschouwingen perfect aan te passen aan de behoeften van ieder kind, hoe verschillend die ook mogen zijn. Wat doet je veronderstellen dat je beoordelingen in feite nauwkeurig zijn?
Na de conferentie zei een leerkracht dat ze zich meer bewust is van "het belang van het herkennen van de subjectiviteit van onze beoordelingen"
Als je in een goede stemming bent kan een bepaald gedicht dat gisteren nog vlak klonk, vandaag prachtig zijn.
Als teenager, toen ik E.E.Cummings ontdekte, was ik opgewonden bij het zien van zijn gedichten; een paar jaar later leken ze op een oude dweil; en weer een paar jaar later vond ik ze weer prachtig en inspirerend.

Shakespeare, dichter van een tweede garnituur
De meervoudige natuur van het lezen van poŽzie bepaalt onze beoordeling meer als de maat van onszelf, onze stemmingen, ons gevoel voor schoonheid, onze behoefte van het moment, onze levenservaring, dan als die van de poŽzie zelf.
Hoe vaak verwerpen we bepaalde gedichten als oninteressant, terwijl ze in feite aansluiten bij onze ontwikkeling om te zien hoe ze werken.
Het is niet ongebruikelijk voor bekende literaire experts om verschillende meningen over hetzelfde werk te hebben; en zelfs als ze het met elkaar eens zijn, is hun oordeel slechts tijdelijk van kracht. Om verschillende redenen kan de reputatie van een schrijver een diepe val maken.

Denk aan Shakespeare, die in het Engeland van de achttiende eeuw tot een dichter van een tweede garnituur bestempeld werd.
We vinden het verbazingwekkend, maar nu de hele literaire wetmatigheid ter discussie staat is het niet onmogelijk dat men het er in de volgende eeuwen met de opvatting achttiende eeuw eens is. Dus als complete eeuwen het 'mis' kunnen hebben, hoe kunnen we dan van een individu verwachten dat die het 'goed' heeft.

Technisch schrijven contra verbeeldingskracht
Daar ligt de kern van het probleem, of een ervan: leerkrachten staan onder druk om dingen goed te doen, hetgeen een van de redenen is dat de beoordeling van het technische schrijven, de spelling, het stellen, gemakzuchtig zelfs vervelend is.

Als ze opstellen en boekverslagen beoordelen hebben leerkrachten een relatief vaststaand idee van een standaard. Maar naarmate de response van de leerkracht subjectiever is, zoals het geval is bij gedichten, vermindert de notie van goed en fout.
Als we de kinderen stimuleren om met verbeeldingskracht te schrijven, zeggen we erbij dat ze zich geheel vrij moeten voelen en dat er geen goed of fout bestaat. Waarom veroorloven wij ons niet diezelfde speelruimte als we hun werk lezen?
De reden is dat we daarop niet afgerekend kunnen worden, zelfs minder nog dan onze voortdurend geteste en beoordeelde leerlingen.

Laten we het opzoeken
De uitdaging voor de leerkrachten is om met nieuwe manieren van beoordelen van creatief schrijven en taalvorming te komen.
Manieren die begrijpelijk, ondersteunend, eerlijk en bescheiden zijn.
De O categorie (van onbegrepen) staat voor nederigheid tegenover de complexiteit van poŽzie. Leerlingen worden gerustgesteld door een leerkracht die alle antwoorden weet, maar ze hebben toch meer vertrouwen in een leerkracht die eerlijk genoeg is om te zeggen: "Ik weet het gewoonweg niet"
Het is beschamend dat een vraagteken nooit als een cijfer bij een beoordeling geldt of een rol speelt bij een portfolio systeem.
Gelukkig kunnen we het in gesprekken met kinderen wel zeggen en we moeten dat voortdurend doen om onze eigen normen voor smaak en kwaliteit te onderzoeken. We moeten altijd ruimte laten voor de mogelijkheid dat ons oordeel over een bepaald gedicht voorlopig is, dat het mogelijk herzien kan worden zoals het gedicht zelf.
We moeten ieder gedicht lezen met de verwachting het te waarderen of niet te waarderen of beiden of er misschien over struikelen.
Vervolgens moeten we ons kunnen afvragen hoe het komt dat ze ons zo voelen.
Wat volgt op "ik weet het niet" is "Laten we dat proberen uit te zoeken"

De meeste vinden het, nadat ze hun leerlingen beter kennen, gemakkelijker hun gedichten te bespreken vanuit een ontwikkelend standpunt dan vanuit een esthetische opvatting.
Bijvoorbeeld kun je in het algemeen herkennen wanneer een leerling een doorbraak, een grote sprong voorwaarts, maakt.
Die sprong kan er al uit bestaan dat een kind domweg een pen op papier durft te zetten en zijn eerste gedicht maakt, of zelfs dat het zijn eerste regel schrijft.
De sprong mag dan in de ogen van de leerling een nieuwe en uitdagende onderneming zijn. Het kan zijn dat de leerling in termen van techniek of stijl plotseling lijkt te ontdekken wat een metafoor is, en dat niet uitsluitend verstandelijk.
De sprong kan ook betekenen dat hij of zij plotseling ontdekt dat het leuk is om te schrijven.
De sprongen kunnen klein of groot zijn, maar ze zijn voor de meeste leerkrachten een vanzelfsprekend bewijs voor ontwikkeling.

De evaluatie van esthetiek
Het kind kan als zijn eerste zin schrijven: 'ik zie een kat'.
De student die een emotionele doorbraak maakt kan schrijven: 'ik ben droevig'.
De leerling die een metafoor ontdekt kan schrijven: 'de zon is een gele bal'
De leerling met zin in schrijven kan bladzij na bladzij met middelmatigheid volpennen.
Ergo kan er een dramatische verscheidenheid bestaan tussen de ontwikkelingsgerichte en esthetische opvattingen van de leerkracht.
Voeg dit bij de problemen die vastzitten aan elke esthetische beoordeling en je hebt een ontmoedigende en verwarrende hoeveelheid ideeŽn en gevoelens.
We mogen de gedichten van kinderen niet lezen "voor het eindrapport"

Leren beoordelen
Dit is het moment waar een 'laten we eens proberen hoe het gaat' een handige benadering is.
De laatste jaren komen de T&W bijeen in zogenoemde 'focus groepen' waarin ze het werk van kun leerlingen bespreken. Deze focus groepen blijken een enorme ondersteuning te zijn voor taalvormers die worstelen met het beoordelen. In het licht daarvan zoeken ze naar manieren om kinderen en studenten te helpen met het zelf verbeteren van hun schrijfkwaliteit.

Een van de eerste dingen waarover de T&W het eens waren dat een 'blinde' beoordeling te beperkt is. Hoewel een 'Nieuwe Kritiek methode' voordelen heeft, houdt die elke discussie langs ontwikkelingsgerichte lijnen tegen en dwingt beoordelaars om esthetische evaluaties te maken die onjuist zijn.

Bijvoorbeeld, als het bij een kind uit de basisschool een leuk stukje tekst betreft, zal hetzelfde schrijfsel stukken minder interessant zijn als het een leerling uit de hoogste klas van het voortgezet onderwijs blijkt te zijn.

Leuke spelfouten
Literaire recensenten maken vergelijkbaar onderscheid voor de leeftijd van een auteur en noemen het werk van een debutant 'veelbelovend' terwijl ze veel minder toegefelijk zijn bij het derde of vierde boek van de schrijver.
Het kan ook zijn dat het 'leuke stukje' steunt op een spelfout die het ongewild een briljante wending geeft, zoals een van de kinderen op de basisschool van Kenneth Koch maakt die schreef: ' swan of bees' (bijenzwaan) in plaats van 'swarm of bees' (bijenzwerm).

Maar de belangrijkste waarde van de focus groepen was dat schrijvers en leerkrachten samen konden praten over het werk van de kinderen waarbij ze een betere kijk kregen op de manier hoe ze erover praten.
Zo'n gebeurtenis was overigens zeldzamer dan je zou vermoeden. Stukje bij beetje ontwikkelen ze een woordgebruik dat ze niet alleen helpt om te beschrijven wat er aan de hand is met kinder- en studentenpoŽzie, maar ook wat er in hun eigen hoofd omgaat als ze die lezen.
Op meerdere manieren zijn deze focus groepen te vergelijken met groepen leerkrachten die de mappen met kinderteksten bespreken en de taalvormers die in werkgroepen en conferenties bijeen zijn.
De meeste deelnemers komen met nieuwe energie en veerkracht uit dergelijke besprekingen. Leerkrachten zeiden: 'Ik hou ervan andere leerkrachten te ontmoeten die hun best voor de kinderen doen' .

Een 10 voor poŽzie
De dialoog was uitdagend, interessant en leuk. 'De rijkdom van de verschillende visies'.
In de meeste gevallen is het ontmoeten van collega's om het onbeantwoordbare te beantwoorden nuttig en bevredigend, meer nog dan we hadden kunnen bevroeden. Is het niet zo dat we die kracht verwachten van de kinderen die we begeleiden bij het schrijven?
Natuurlijk is het een goede zaak om onze gevoeligheid zodanig te ontwikkelen dat het nuttig is voor de kinderen, maar het is een andere zaak om nu ineens de wereld te laten weten dat je meeste studenten een 10 voor poŽzie krijgen.

Laten we wel wezen, het cijfers geven voor poŽzie is een verloren zaak. Aan de andere kant als we gedichten helemaal niet toelaten tot de dossiermappen van de kinderen, lopen we het gevaar kinderpoŽzie tot iets marginaals te maken.
Het is van belang het schrijven van gedichten een plaats te geven in de schrijfaanpak, het te zien als een verrijking ervan. Daarmee geven we poŽzie een soort 'diplomatieke onschendbaarheid' om zonder cijfermatige beoordeling opgenomen te worden in de taaldossiermappen van de kinderen.

Meer dan door deze en andere vragen in dit artikel ontmoedigd te raken, kunnen we ze zien als mogelijkheden van overweging, discussie en verdieping ten opzichte van wat we aan kinderteksten lezen.

© Ron Padgett, Teachers & Writers Collaborative New York
© vertaling: Henk van Faassen

*)

Epos van een vrouw

Pandora,
Schaamte omzoomd je lippen
mannen namen je
voor hun listige experimenten.

Lilith
geest der geesten
je kracht huist eenvoudig binnenin deze
vrouwen
als een zacht tikkende klok
we weten niet dat hij er is.
om het goud te delven!
Eeuwen zijn vergaan
die kracht weggevaagd
ze verwijderen ons
van hen
Maar hun trots -
hun jeugd-
ontwikkelt zich.

Toch verminderen onze trofeeŽn in waarde.


(geschreven door een middelbare scholier)


(zonder titel)

Nog ťťn spelletje. We zijn net aan het winnen.
Ik weet dat we een boel spelletjes gespeeld hebben.
Wow!
We gingen naar McDonaldís.
Ik hou van McDonaldís.
Ik hou van clowns, het leukste wat ik doe is ze in hun rode neuzen te knijpen.
Ik en mijn vriendinnetjes zijn dit jaar geesten.
Ik hoop maar niet dat er iemand eieren naar ons huis gooit, want ik wil geen eieren van mijn huis afkrabben.
Mijn huis is oud!
We moeten steeds maar dingen heel maken.
Daarom hou ik nooit vrienden over.
Ik heb een boel vriendinnen maar soms doen ze dingen die ik niet leuk vind.
Maar dan worden we weer vrienden.
Dit jaar is mijn verjaardag op Thanksgiving dat is op 26 november,
schrijf dat maar in je agenda.
Soms is het rottig om je verjaardag op een feestdag te hebben want dan kan je geen partijtje geven!
Ik ben dol op cadeautjes!
Meestal krijg ik Barbies kado omdat ik ze spaar.
Let op ik spaar ze, ik speel niet met ze!
Ik heb een Ken pop die 65 dollar waard is.
Hij ziet er echt lelijk uit!
Dat is wat ik ben, lelijk, maar dat kan mij niet schelen omdat ik niet echt in jongens geÔnteresseerd ben.
Iedereen denkt dat ik op iemand ben, dus als je dat denkt laat het maar uit je hoofd!
Ik denk dat het echt ziek is om te zien hoe stom sommige van mijn vriendinnen over jongens doen. Ik hou van sport.
Sommige meisjes haten sport omdat ze dan helemaal bezweet raken.
Nou ik heb twee woorden voor ze:
GEBRUIK DEODORANT!

(geschreven door een leerling groep 8)


terug naar index Gedichten schrijven


naar boven