startpagina

trefwoorden


index
literatuur


bekijk
foto's, werk


index
taalwerkvormen


index
taal algemeen


Lees ook:
Bijvoeglijke
naamwoordenschat
ontwikkeling


Taalwerkvormen
de Woordenschat uitbreiden

Woordenschatontwikkeling:
Wekelijks een bepaald aantal nieuwe woorden leren.

De meest effectieve woordenschatontwikkeling komt voort uit de teksten die kinderen zelf schrijven en die ze elkaar voorlezen en laten lezen.
Authentieke teksten ontlenen hun effect aan de belangstelling die de kinderen op dat moment voor bepaalde woorden hebben en die ze 'willen' leren.

Woordenschatuitbreiding met eigen teksten
Een tekstronde is aanleiding voor verschillende taalactiviteiten:

Een bordrij: Een woordveld maken rond een woord of een begrip, samen of met een individuele leerling.

Spel: Een tekst kan worden nagespeeld.
Tijdens het spelen kan de tekst ook worden veranderd of uitgebreid.
Aandacht voor de dialogen.

Thema: Het gaat erom dat er zoveel mogelijk taal verbonden wordt aan een thema.
Dezelfde tekst zo vaak en zo veel mogelijk in zetten met verschillende opdrachten.
Herhalingen kunnen woorden inslijpen en kan passieve taal omgezet worden in actieve taal.

Praktijk:
In mijn visie ga ik er van uit dat wij met onze kinderen regelmatig naar allerlei plaatsen in de eigen omgeving gaan.
Het klaslokaal biedt niet voldoende mogelijkheden voor een optimale taalontwikkeling.
Het is verdiepend om als leerkracht samen met de kinderen "uitstapjes" te maken naar dierenwinkel, postkantoor, zwembad, musea enz.
Het is belangrijk dat de leerkracht gezamenlijke ervaringen met de kinderen heeft, zodat hij ze beter kan begrijpen en begeleiden.

Opletten:
Hoe had ik moeten weten wat het kind bedoelde toen hij vertelde dat er een ding in het postkantoor hing waar je een gek gezicht kreeg; als ik niet gezien had dat er een bolle spiegel in het postkantoor hing waardoor de baliemedewerker het gehele postkantoor kon overzien.

Gemeenschappelijke woorden
Deze "uitstapjes" dragen bij tot een betekenisvolle woordenschat uitbreiding en zinvolle uitwisseling met de kinderen.
De communicatie tussen de kinderen onderling neemt toe. Zij hebben een gemeenschappelijke ervaring waarover zij graag willen praten.
Deze "uitstapjes" worden een soort ankerpunten in de schoolbeleving van het kind en hier kunnen we regelmatig naar terugverwijzen

Een leerkracht merkt op:
Dit is het belangrijkste dat ik meeneem is mijn visie op taalonderwijs.
Ik wil kinderen serieus nemen en ze over echte dingen laten vertellen, in plaats van over de dingen die ze moeten 'leren'. Ik wil graag dat de kinderen met elkaar in gesprek komen.

Knelpunt:
Hoe organiseer ik tweetalgesprekken met kleuters die een primaire taalachterstand hebben? Ze begrijpen niets en zeggen niets.

Er blijft altijd iets hangen
Als ik met voorwerpen werk weet ik in ieder geval dat die kinderen zien waar we het over hebben.
Ik heb de ervaring dat als je veel en vaak met die kinderen praat en een verbinding met afbeeldingen en voorwerpen maakt, bepaalde woorden en begrippen blijven hangen.
De kinderen zijn ondanks dat ze veel niet verstaan, wel betrokken bij een taalproces.
Zo ontstaat er een woordenschatontwikkeling.
Het zou natuurlijk prachtig zijn als die kinderen vervolgens thuis ook consequent in het Nederlands aangesproken worden.
Dat is helaas niet zo, de inburgering faalt op dat punt.
Een positief element is dat de buitenlandse ouders steeds meer belangstelling voor onze aanpak krijgen en er in participeren.
Als woorden tekort schieten bij een kind hoeven we ons niet meteen ongerust te maken.
Op wonderbaarlijke wijze blijkt vaak dat er meer taalontwikkeling plaats vindt dan objectief waarneembaar is.

Wat komt eerst?
Is het onder woorden brengen van ervaringen te moeilijk voor die kinderen voor wie het nou juist bedoeld is?
Is het zo dat kinderen met een beperkte woordenschat het niet prettig vinden om een ervaring op te schrijven?
Zou je deze kinderen eerst een aantal begrippen aan moeten leren die te maken hebben met het onderwerp?
Met die begrippen kunnen ze dan hun ervaring onder woorden brengen.
Uit onderzoek is gebleken dat die werkwijze niet effectief is.
Het gaat om een interessant onderwerp waar alle kinderen graag over willen vertellen.
Dat kan ook als je nog maar weinig Nederlandse woorden tot je beschikking hebt.
Je breidt die voorraad uit door taal actief te gebruiken in een situatie die gericht is op communicatie.
Het al of niet prettig vinden om over ervaringen te schrijven heeft meer te maken met zelfvertrouwen en een veilige sfeer.

Henk van Faassen