startpagina

trefwoorden


index
literatuur


bekijk
foto's, werk


index
taalwerkvormen


index
taal algemeen


Lees ook:
Abstracte vormen en
dan schrijven


Stellen, werken met
een schrijfplan


Vaardigheden bij
Taalvorming


Taalwerkvormen
Schrijven, een stapsgewijze opbouw



Schrijven is in principe een handeling
waarbij letters op papier tot een leesbare tekst komen
Het is een van de meest gewaardeerde vaardigheden van de mens
.


Bij Taalvorming maakt schrijven deel uit van een stapsgewijs opgebouwde werkvorm van vertellen via schrijven naar voorlezen.
Je mag schrijven in dit verband niet verwarren met handschriftontwikkeling.

Schrijfprocessen kunnen individueel en klassikaal begeleid worden
Schrijven van authentieke teksten die een duidelijk beeld geven van een eigen ervaring.
Schrijven is kijken naar en onder woorden brengen van de werkelijkheid.
Het is zeggen wat je op je hart en in je hoofd hebt, met de bedoeling te leren omgaan met je gevoelens en op te komen voor je belangen.
Het is de productie van een functioneel bruikbare tekst, een verslag, een brief, een werkstuk.
Schrijven is conceptualiseren: in taal bouwen van een beeld van de werkelijkheid en vastleggen hoe je die werkelijkheid ervaart.
Schrijven is communiceren, je schrijft voor een ander.
Schrijven is een proces van probleemoplossen.

Een kind dat niet weet waar het over wil schrijven
wordt op gang geholpen door het nog eens zijn ervaring te laten vertellen.
Door concreet te vragen naar zintuiglijke waarnemingen ontstaat een duidelijk beeld van die ervaring. Het schrijven gaat daarna makkelijker.
Door regel voor regel te vragen wat het kind ermee bedoelt, net zolang tot we een concreet beeld voor ogen krijgen, helpen we het kind zijn tekst te verbeteren. Overbodige woorden en zinnen verdwijnen daarmee vaak Het schrijven op zich is een individuele bezigheid, maar wat eraan vooraf gaat en wat erna komt doe je met elkaar.

In de kring luisteren de kinderen samen naar een tekst of een gedicht en ondergaan ze de werking daarvan. Ze brengen onder woorden wat hen is bijgebleven van het gedicht en wisselen indrukken uit.
Zo breiden ze hun taalmogelijkheden uit, kwantitatief en kwalitatief. Doordat verschillende ervaringen benoemd worden leren ze van elkaar nieuwe woorden. Doordat de woorden door ieder kind met een andere ervaring ingevuld wordt, krijgen begrippen een genuanceerde betekenis.
De kinderen lezen elkaars tekst aan de hand van de vraag: snap ik wat er staat?
Door samen over elkaars tekst te praten, helpen ze elkaar bij het duidelijk schrijven. Als we een tekst in de groep bespreken, worden ze deelgenoot van elkaars schrijfproces.

Een tekst schrijven
In principe hebben de kinderen in de vertelronde en de tweetalgesprekken de inhoud van hun tekst al vastgelegd. De volgende stap is dat de kinderen in geschreven taal vastleggen wat ze zojuist verteld hebben. Dat wil nog niet zeggen dat dit al 'schrijftaal' moet zijn.

Een principe is dat er zo min mogelijk drempels zijn

Teksten die vanaf het begin in schrijftaal vastgelegd zijn missen vaak de authentieke kracht van de ervaring. Het is in tweede instantie, tijdens het herschrijven, mogelijk de eisen voor een geschreven tekst toe te passen.
Dat geldt ook voor taalfouten: eerst zonder belemmering werken en in tweede instantie aan de techniek van de taal werken.

Bij een tekening schrijven

In het begin van groep 3 maken de kinderen vaak een "taaltekening".
De leerkracht schrijft onder de taaltekening wat het kind erbij vertelt.
Soms wordt het kind geholpen met de formulering of krijgt het woorden aangereikt.
Het is belangrijk goede vragen te stellen als het kind het even niet weet.
Niet vragen: wat is dat? maar: wat gebeurt daar? Wat deed je daar? Wie waren er nog meer bij? Wat gebeurde er daarna?

Vervolg opdrachten
De tekst naleggen met een magnetische letterdoos.
De nagelegde tekst kan daarna gekopieerd worden.
Een gekozen woord of korte zin stempelen met Linkprint.
De tekst typen op de computer.
In een later stadium schrijven de kinderen hun tekst zelf.

Groep 4:
Afhankelijk van de vorderingen in groep 3 schrijven de kinderen zelf bij hun taaltekening of schrijft de leerkracht er nog bij.

Aandachtspunten tijdens het schrijven
Belangrijk is het 'zelf schrijven' te stimuleren en te waarderen.
De leerlingen willen weten hoe ze een woord moeten schrijven.
Als er tijd voor is schrijf je het woord voor.
Als er geen tijd voor is, zeg je: "Schrijf het maar op zoals je denkt dat het goed is, straks praten we er wel over".
Tijdens het individueel verbeteren komt het woord vanzelf ter sprake.
De kinderen maken gebruik van woorden die in de klas te zien zijn op kaartjes, woordvelden, woordenboeken, in bordrijen en vooral van teksten op verpakkingen, affiches en omslagen van boeken en andere incidentele teksten.
Je speelt in op veel voorkomende fouten in de eigen tekst van de kinderen.
In de eerste instantie aan de hand van een lijst die gemaakt is van activiteiten die in de taalmethode belangrijk gevonden worden.
In tweede instantie aan de hand van een bewerkte foutenanalyse waarin de meest voorkomende spellingfouten gerangschikt staan.

Het is niet de bedoeling de kinderen te toetsen.
We spelen met taaldrukken in op activiteiten die ook aan bod komen in de taalmethode.
We geven aandacht aan veelgemaakte spellingfouten die te vinden zijn in de zelfgemaakte teksten.