Wat
is taal?
Taal bestaat niet zonder beeld

Learning
by doing, door Bruner.
De mogelijkheden om met objecten, begrippen, symbolen,
klanken te handelen zijn dankzij de media onbegrensd.
Zeker wanneer we de mogelijkheden van interactieve media
gebruiken.
Hoe abstract het fenomeen 'taal' ook is te beschouwen,
er doemen altijd beelden en voorstellingen op die een
algemene betekenis hebben of die typisch voor mij zijn.
Taal roept beelden op en beelden
roepen taal op
De verklaring van deze relatie is moeilijk.
De vertaling van taal naar beeld en omgekeerd lijkt vanzelfsprekend
te verlopen maar de manier waarop is complex.
De
invoer:
De moeder die een kind aanzet tot nabootsing van haar
taal. [Weir]
De voorwerpen die het kind waarneemt en benoemt zijn woorden
met een zelfstandige betekenis.
De beloning voor die uitvoer leidt tot nieuwe en verbeterde
invoer. [Skinner]
Of er is geen invoer, maar kinderen speuren uit zichzelf
naar taalregels [Cairns]
Dan kan het zijn dat de taalontwikkeling zich autonoom
in het kind voltrekt en niet door de omgeving wordt aangeleerd;
de taalontwikkeling voltrekt zich los van de verstandelijke
ontwikkeling [Chomsky]
Ook een theorie is dat taal een aparte menselijke mogelijkheid
is, verankerd in genen, genetisch-neurologisch voorgeprogrammeerd,
aangeboren taalbegrip. Language Acquisition Divice.
Er
zijn nog meer en andere opvattingen:
Tussen 1e en 2e jaar wijst een kind naar dingen om de
namen te horen, dat wordt etikettering genoemd. [Jensen]
Kinderen manipuleren met dingen, ze lijken in toenemende
mate in staat nieuwe verbale structuren te scheppen omdat
ze interacteren met objecten [Piaget]
Andere
denktraditie: die van de Russische wetenschappers:
De gerichtheid van het kind op de materiële wereld
vormt de invoer.
Van
belang voor het onderwijs is dat het ontkennen van de
invoer de onmogelijkheid betekent van buitenaf de taal
tot ontwikkeling te brengen, bijgevolg binnen het onderwijs
geen bruikbare opvatting.
Taal is een voorwaarde om als mens te kunnen fungeren.
Alle mogelijke keuzen moeten als uitgangspunt genomen
worden.
De
uitvoer
Wat je er ook instopt, er komt iets uit. Vocalisaties,
geklets, mammawoordjes, brabbelen, echt praten.
De
sociale functie van taal lijkt onomstreden
Over de functie van egocentrisch
taalgebruik lopen de meningen uiteen.
Piaget vindt het een betrekkelijke functieloze
overgangsperiode.
Hansen en Vygotsky zijn van mening dat egocentrisch
praten leiding geeft aan het eigen doen, sturing aan het
gedrag.
Buhler noemt ook de expressieve functie en geeft voorzichtig
de lijn naar het denken aan: typisch menselijke functies:
het kunnen uitbeelden van objecten, relaties kunnen leggen
tussen objecten, nieuwe ideeën kunnen formuleren.
We kunnen de sociale en communicatieve
functie van taal interpersoonlijk noemen.
Vygotsky voegt daar een dimensie aan toe: de intrapersoonlijke
functie.
De functie van de taal is richting geven aan het eigen
denken.
Piaget
zoekt binnen het gebeuren van in- en uitvoer, schakels
tussen taalontwikkeling en verstandelijke ontwikkeling.
Lenneberg schrijft over het vermoedelijk verband
tussen taalontwikkeling en motorische ontwikkelingen.
Bloom heeft ontdekt dat het gebruik van beelden
het proces van in- en output stimuleert.
Leontev vormde de basis voor een ontwikkelings-kijken:
het bewustzijn laat zich kennen in de vorm van innerlijke,
subjectieve verschijnselen. Dat bewustzijn heeft ook een
objectief substraat, namelijk de taal.
Alles
bij elkaar genoeg redenen
om met meer dan normale
aandacht naar het begrip 'beeld' in het verband
van taal te gaan kijken
Omdat
taaldrukkers zich bewegen in het grensgebied van ontwikkeling
van creativiteit en geletterdheid en dat van technische
leerprocessen op taalgebied en daarboven in het interactieve
gebied van taal en beeld, is het niet vreemd dat in kringen
van taaldrukkers veel en vaak nagedacht wordt over beeldtaal
en taalbeeld.
Mag het een geluk zijn dat ze een en ander niet vanuit
een puur wetenschappelijke houding onderzoeken?
©
Henk van Faassen