Het oor gaat voor het oog
Auditief
en Visueel

Auditief
zijn alle signalen die met het oor waargenomen worden
In eerste instantie zijn dat klanken die voortgebracht worden
door het in trilling brengen van een luchtstroom door stembanden
en mondholte en lippen of door een instrument dat trillingen
kan voortbrengen.
Vooralsnog zijn het klanken met een bepaalde golflengte
en sterkte die als zodanig onderling verschillen.
Na uitgebreide afspraken zijn bepaalde, door menselijke
stem voortgebrachte, klanken verbonden met woorden en hun
betekenissen en in het verlengde ervan met lettertekens
die dezelfde woorden vormen.
Interessant
is na te gaan op welk moment de letters hun klank kregen
Toen ze als woord al bestonden en daarna los in een alfabet
op een rij geplaatst werden of andersom. Vanaf dit punt
kan iedereen die de afspraken kent met een ander communiceren.
Althans de begrippen herkennen.
Het verwerken ervan is een andere zaak die ik gemakshalve
maar buiten dit betoog laat.
Het
oor gaat voor het oog
Het bijzondere is dat de auditieve taal voor gaat op visuele
taal.
In de eerste plaats is de auditieve taal primair.
In de geschiedenis zijn er eerst de klanken en pas veel
later de vastlegging ervan op een visuele manier.
We leren onze taal ook eerst auditief door als jong kind
klanken van anderen te reproduceren en er een betekenis
aan te verbinden.
Een baby zet het krijsen zeer snel in om een bepaald doel
te bereiken.
Auditieve
communicatie is heel rijk omdat in de nuancering
van het uitbrengen van de klanken een meervoudige laag aanwezig
is die niet alleen de letterlijke betekenis omvat, maar
ook diepere inhouden en nadrukkelijkheden en zo meer.
Aarzelingen in het uitspreken van een woord, boosheid of
vleien brengen zo'n extra laag aan.
Teksten kunnen gezongen worden, gedeclameerd worden door
een dichter of uitgesproken worden door een radionieuwslezer.
In alle gevallen krijgt de letterlijke tekst een toegevoegde
waarde.
©
Henk van Faassen