Taaldrukken
Opkomst en ondergang
van de drukpers op school

Boekdrukken
is niet meer aan de orde in de klas
Boekjes worden nog wel, veel en vaak, gedrukt met de tekstverwerker,
printer en fotokopieerapparaat. Maar heel echt met losse metalen
letterstaafjes, op de ambachtelijke manier in een zethaak
tot woorden en zinnen bijeengevoegd, gedrukt op een degelpersje,
dat is niet meer.
Dat is om verschillende redenen erg jammer.
Boekdrukken is meer dan spelen met
letters
Vanaf 1920, het moment dat Celestin
Freinet de waarde van een drukpers
op school herkende voor de kinderen van het dorpsschooltje
in Bar-sur-Loup, heeft hij ervoor geijverd om de teksten die
de kinderen schreven buiten het schooltje te verspreiden.
Om dat mogelijk te maken ontwikkelde hij daarvoor werkvormen
en technieken.
Die technieken gingen verder dan een leuke spelactiviteit.
Freinet herkende de waarde van
een handeling, in dit geval van boekdrukken, die van het begin
tot het einde voor de kinderen inzichtelijk is.
Ze kunnen lijfelijk ervaren hoe het is om het gewicht van
het woord te voelen dat je net, letter voor letter, uit een
zetkast samengesteld hebt. Het geluid van de inktroller te
horen en de typische geur van drukinkt op te snuiven.
En bovenal het trotse gevoel dat de kinderen krijgen als de
bladen met hún woorden aan een waslijntje te drogen
hangen.
Nog trotser als anderen het boekje in handen nemen en de teksten
lezen.
Hoe
gaat het vandaag aan de dag?
De kinderen typen moeiteloos hun verhalen over zielig gefokte
kippen en huilende zeehondjes op de computer. Een spellingscontrole
maait hen het gras voor de voeten weg als ze zich afvragen
of alle woorden wel kloppen. Grinniken om door elkaar geraakte
letters en vreemd gespelde woorden voor kip en zeehond is
er niet meer bij.
Terwijl gebleken is dat de kinderen juist daarvan zo veel
leren.
De computerprogrammeur,
een man die ze nog nooit gezien hebben, heeft ervoor gezorgd
dat alles wat je schrijft in de meest bizarre lettersoorten
en in alle kleuren van de regenboog geprint wordt. (...)
Boekdrukken
is een daad van verzet
Freinet schreef in 1927 "L'imprimerie
à l'Ecole" en richtte het kindertijdschrift
"La Gerbe" (de Korenschoof) op.
De prefectuur en de burgemeester zagen, vanwege deze activiteiten,
in Freinet een communistische spion en ontsloegen hem. Zijn
linkse opvattingen en zijn antifascistische houding maakten
hem verdacht en zijn mond moest gesnoerd worden. In de tweede
wereldoorlog werd hij daarvoor zelfs in een kamp gestopt.
Toen hij in 1941 vrij kwam nam hij onmiddellijk deel aan het
verzet.
Vrijheid
van drukpers
De koppeling van vrijheid van meningsuiting en vrijheid van
drukpers is door de eeuwen heen van grote betekenis geweest.
Die vrijheid is verbonden aan de drukpersen die je ten dienste
staan. Het verspreiden van je mening reikt alleen maar zover
je stem klinkt. Wil je dat je mening verderop gehoord of gelezen
wordt heb je een pen nodig om je woorden op te schrijven.
Vervolgens moet je verspreidingsmiddelen kunnen beheersen
of die inhuren.(...)

Vrijheid
van denken en spreken is een ramp, vrijheid van drukpers doemenswaardig
De paus Gregorius
XVI schreef op 15 augustus 1832 over vrijheid
van drukpers en scheiding kerk en staat, een encycliek: Mirari
vos:
"Een ondervinding immers van jaren her getuigt, dat staten
schitterend door rijkdom, macht en roem ten onder zijn gegaan
alleen door deze ramp, de bandeloze vrijheid van denken en
spreken en de zucht naar vernieuwing.
Hiertoe moet ook gerekend worden de onzalige, doemenswaardige
en verfoeilijke vrijheid van drukpers, om maar allerlei soort
geschriften te publiceren, een vrijheid, die sommigen onder
luidruchtig geschreeuw durven opeisen en bevorderen. (...)
En
de kinderen op school?
In het onderwijs zijn kinderen in principe wel vrij hun ervaringen
en meningen te verwoorden, maar niet, of onvoldoende, beschikken
ze over mogelijkheden om er effectief en zinvol mee om te
gaan.
Per definitie loopt het ontwikkelen en gebruiken van woorden
op school via een systeem, de leerkracht en zijn methodische
leerlijn.
Alles wat aan kinderen gevraagd wordt dient om te controleren
of die methode effectvol geweest is. De vragen én de
antwoorden zijn vooraf vastgesteld in het systeem.(...)
Door de geschiedenis heen zijn voortdurend voorbeelden te
herkennen van interventie op het gebruik van woorden. Daarmee
bedoel ik nog iets anders dan het dwarsbomen van de vrijheid
van meningsuiting.
Op alle plekken waar woorden ontstaan, woorden worden opgeslagen
en woorden worden verspreid, is een bemoeizuchtige interventie
te herkennen. De kinderen leren medelijden met die zielige
batterijkippen en verdwaalde zeehondjes te hebben, maar verbinden
dat niet direct met wat ze gebakken op hun bord aantreffen.
De
eigen woorden en beelden van kinderen
Boekdrukken, en alle daarvan afgeleidde druktechnieken, zijn
waardevol omdat ze een directe verbinding tussen de hoofden
en handen van kinderen aanbrengen. Een uitgeknipte vorm of
een zelfbedachte zin kan dat zijn.(...)
Prenten
zijn ook taal
Als ik de rijen afdrukken van rubberdruk en sjablone van de
kleuters in de hal van de school zie hangen ben ik onder de
indruk dat ze iets tot stand gebracht hebben dat zo eigen
is van vorm en zoveel afwijkt van de stereotype uitgeprikte
tulpen, vissen en hazen die op de muren en ramen van vele
kleuterscholen en kinderdagverblijven hangen (...)
Vygotsky
Een basisbegrip van onder meer de onderwijskundige
Vygotsky, als hij het heeft over de menselijke
psychologie, is bemiddeling, uitwisseling: De mensheid heeft
door de eeuwen heen culturele zowel als psychologische hulpmiddelen
uitgevonden, die een cognitieve technologie" vormen
waardoor wij onze capaciteiten hebben geherstructureerd en
onze aard" aangepast.
De nieuwe informatietechnologie" verenigt de materiele
middelen met de psychologisch inhoud. Dat wil zeker niet zeggen
dat je daarmee de oude technologieën overboord moet gooien.
Het World Wide Web verschaft de mogelijkheden zowel als de
belemmeringen om onze gedachten uit te wisselen.
Whole
Language
Taalontwikkeling met gebruikmaking van een voor kinderen inzichtelijk
instrument is voorwaarden scheppend: de leerling 'bezit' het
proces, neemt de beslissingen wanneer het te gebruiken, waarvoor
en met welk resultaat. Geletterdheid is eveneens voorwaarde
scheppend als de leerling het gebruik ervan beheerst. Om dat
proces gaat het nu precies.(...)
Taal
leren is leren een mening te hebben
Hoe de wereld te ervaren in de context van die van onze
ouders, de familie en de cultuur.
Cognitieve - en talige ontwikkeling voltrekken zich totaal
onafhankelijk van elkaar: denken is afhankelijk van taal en
taal is afhankelijk van denken. Maar onderwijzen we onze kinderen
dat als een eenheid?(...)
Taal
is taal als die volledig is
Een volledige tekst, een samenhangend gesprek of een of ander
literaire gebeurtenis, is werkelijk de minimale functionele
eenheid.
Als leerkrachten en leerlingen naar woorden, regels en zinnen
kijken, moeten ze dat altijd in de context van het geheel
doen.
Echte teksten die deel uitmaken van de ervaringen van kinderen.
In dat geval moeten meer mensen, dan uitsluitend de leerkracht,
kennis kunnen nemen van wat kinderen schrijven.(...)
Boekjes
en dagboekjes
Leerkrachten gaan regelmatig in op wat kinderen schrijven.
Als kinderen groter worden willen ze liever hun persoonlijke
dagboekjes schrijven, waarbij ze zelf beslissen of de juf
of meester het mag lezen of niet, of ze er commentaar op willen.
Als de kinderen boekjes samenstellen die buiten de klas gelezen
zullen worden moeten ze ook kunnen bepalen wat wel en wat
niet 'gepubliceerd' wordt. (...)
Zijn
we al tevreden als er maar iets op papier staat?
Veel kinderen schrijven briefjes aan vriendjes, vlugge reacties
op iets dat ze meegemaakt hebben, aantekeningetjes, stukjes
voor het klassenboek. Ze gebruiken daarvoor de meest voor
de hand liggende vorm.(...) Het is belangrijk dat kinderen
een gevoel krijgen voor de noodzaak van het herschrijven.
Die noodzaak is bij drukken van belang.
Ik
pleit ervoor dat al die 'ambachtelijke' druktechnieken behouden
blijven
Niet alleen om de pedagogische waarde ervan, maar vooral om
het plezier waarmee de kinderen hun handen vuil maken als
ze zelf aan het drukken zijn.
Henk
van Faassen
Dit
artikel is hier en daar ingekort
De gehele tekst opvragen: archief
taalvorming
naar
boven