startpagina

register
trefwoorden


index
literatuur


bekijk
foto's, werk

lees ook:
Taal en Beeld

Kunst Cultuur
en Democratie


menselijk taalgebruik

Taalvorming en Cultuur

Omdat hij niets meer weet te weten
-zo moe kan een cultuurdrager zijn -
mag iedereen zijn leesboek pakken
of tekenen..
[ Ed Leeflang ]

Veeleisendheid
Literatuur is het opstellen van vallen. Je hebt het nodig om het niet-begrijpende deel van het publiek van je af te schudden en de weg voor meer-eisenden vrij te maken.
[Jan Hanlo 1954]

Onbetreden paden
De kwaliteit van onze culturele voedingsbodem hangt af van de kwaliteit van de taal die een heel volk ter beschikking heeft. Is het niet de moeite waard om, door het inzetten van taalvorming bijvoorbeeld, niet-begrijpenden tot meer-eisenden te bewegen? (...) In het onderwijs dient er maximale aandacht voor een goede talige ontwikkeling te zijn. Het onderwijs vraagt om steun op het gebied van taal. Taalachterstand is een sleutelwoord.

De gebruikte taalmethoden verwijzen wel naar 'creatieve' aanvullingen, maar laten het verder aan de leerkrachten om daar invulling aan te geven. De leerkracht wil liever vastigheid en begeeft zich zelden op onbetreden paden.
[Henk van Faassen, Taalvorming, taal, onderwijs en cultuur 1989]

Kenmerken van menselijk taalgebruik
Het gaat niet om inhouden die al vastliggen. Het vinden van woorden zelf is de zingevende activiteit. Vertel je wel dingen die je al eerder precies zo verteld hebt dan voel je het patroon daarin sluipen en daarmee de afstand tot je directe ervaring. Spontaan spreken is op zoek zijn naar woorden, naar een benoeming in woorden die de ervaring benadert. Je wisselt ervaringen uit en op grond daarvan kom je tot herkenning en ga je samen op zoek naar woorden. Het is een gemeenschappelijke poging tot verheldering.
[Peter Dellensen, Over taaldrukken en menselijk taalgebruik ]

Taaldrukken en de vele aspecten van cultuur

Taaldrukken in afgeleid van cultuuraspecten. Bijvoorbeeld wordt het groepsgevoel gestimuleerd doordat alle stappen die in het taaldrukproces gezet worden vanuit een groep ondernomen worden. Dat wil echter niet zeggen dat de individuele uiting ondergeschikt is aan het groepsproces.
Ik kan me niet goed voorstellen dat je taaldrukken in een geïsoleerde situatie kunt toepassen.
Het is natuurlijk mogelijk de afzonderlijke technieken individueel te beoefenen, maar dan zal er sprake zijn van het beoefenen van grafische technieken in plaats van taaldrukken. Voor de oppervlakkige beschouwer zal er weinig onderscheid zijn, deelname aan de beide processen zal de verschillen in effect verhelderen.

Geert Koefoed heeft het in dit verband over de gemeenschappelijke wereld van betekenissen en uitingsvormen. Het is datgene dat mensen in een gemeenschap, met hun denk- en vormgevend vermogen, hebben gemaakt om het 'alledaagse' betekenis, waarde en zin te geven. De waarde van taaldrukken als vormend aspect van de kunsten is mensen zich er van bewust te laten zijn dat dit vermogen niet afhankelijk is van een kunstzinnige professionaliteit. Men denkt dat de kunstenaars de bezitters zijn van de oorsprong en de kracht van het heilige der kunsten en als je nu maar zorgt voor een goede imitatie naar inhoud en techniek, eer en roem je deel zal worden. Taaldrukken werkt mee aan een alledaags gebruik van kunstzinnige middelen. De technieken van taaldrukken zijn ontdaan van alle aanstootgevende of belemmerende eigenschapen. Het gegeven dat veel taaldrukkers ook kunstenaars zijn bevordert dat ze de problematiek van binnenuit kennen en oplossingen voorstellen die het verdichtsel van het kunstenaarschap doorbreken. Dat er eveneens 'grote kunst' bestaat is wat taaldrukken betreft van een andere orde. Bij taaldrukken spreken we daarom liever van taalvorming dan van literaire vorming teneinde het begrip te ontdoen van een belemmerend aureool.

Taaldrukken tussen taal en cultuur
Alle werkvormen van taaldrukken gaan uit van een eigenheid van de deelnemer en een uitwisseling daarvan. Waar op andere plekken dingen verzwegen of versluierd worden uit cultuurgebonden overwegingen, is taaldrukken erop uit die versluiering ongedaan te maken en helderheid te verschaffen in de algemene toepasbaarheid van woorden en betekenissen. Deze stellingname voegt een waarde toe aan het individuele vermogen van een deelnemer die versluiering te doorzien. In dit verband verwijs ik naar begrippen als: 'een groot thema klein maken' waarbij taaldrukken uitgaat van de meest nabij gelegen ervaringen en waarnemingen van de individuele deelnemer. Taal is cultuur en taaldrukken is het gereedschap
Het gereedschap om het fundamentele creatieve vermogen in de gemeenschappen te kunnen inzetten moet ontdaan worden van al hetgeen dat gereedschap schijnbaar onbereikbaar maakt. Het hebben van inzichten en wijsheid, van gevoel voor schoonheid, is een ieder gegeven. De belemmering is slechts aanwezig in een gebrek aan zelfvertrouwen om van die potentie gebruik te maken. De waarde van taaldrukken is gelegen in het ontwikkelen van voldoende vertrouwen in een eigen creatief taalvermogen, zonder dat uitdrukkelijk te demonstreren.

Taaldrukken is uitwisselbaar
In de beschrijvingen van de werkwijze in de vele publicaties en handboeken wordt verslag gedaan van het werken in de basisschool, dan wel in de basiseducatie voor volwassenen. Nauwkeurige beschouwing levert op de werkvormen voor kinderen uitwisselbaar zijn met die voor volwassenen. Net zo universeel als de taal zelf is ook taaldrukken. Zonder voor kinderen een kindertaal en voor volwassenen een grote mensen taal te gebruiken functioneren de werkwijzen met dezelfde thema's en inhouden. Slechts de techniek, van het drukken bijvoorbeeld, zal hier en daar aangepast worden. Dat gaat veelal niet verder dan dat voor kleine mensen lagere tafels gebruikt worden. De taal- en beeldende werkvormen zijn identiek zonder dat de kinderen zich vertillen of de volwassenen het kinderachtig vinden.
[Henk van Faassen 1994, Taal & Beeld ]

Zie kinderen
niet als onvoltooide volwassenen,
maar beschouw volwassenen
eerder als verknoeide kinderen.

Bestaat er een Kunst- en Cultuurtechniek?
Het is verdacht dat we in instellingen die de kunsten bevorderen, de cultuur willen ontwerpen en vaststellen dat cultuur vast verbonden is aan kunst. Cultuur is niet de laag die kunst over ons legt. Cultuur is de kwaliteit van het individu die omgaat met kunst. Cultuur is de som van mogelijkheden die een groep heeft. Niet alleen de mediacultuur, niet alleen de politieke cultuur, maar vooral een orale cultuur, overgedragen van mens op mens zonder tussenkomst van manipulerende krachten. De cultuur van gastvrijheid bijvoorbeeld.

Voor kinderen moet het verwarrend zijn. Soms worden ze bij elkaar gelaten om zich in alle vrijheid te ontwikkelen en te ontplooien. Maar op een bepaald moment worden ze gedwongen deel te nemen aan de cultuur van de volwassenen. Op die manier kunnen kinderen nooit een eigen cultuur ontwikkelen. We stoppen de kinderen allemaal in een soort Disneyland. Scholen zijn getto's voor kinderen geworden.

Mevrouw Margaret Mead zei het al: 'als we onafhankelijke kinderen willen opvoeden moet er behoorlijk wat veranderen aan het gedrag van volwassenen'. Er is een andere relatie tussen de generaties nodig. Het is zeer de vraag of we de culturele expressie over kunnen laten aan kunstmusea en schilder- en dramalessen op centra voor kunsteducatie. Het lijkt wel een veilig idee om kunsteducatie als cultuureducatie te beschouwen, maar dat is het niet. Cultuur is een contour van ons bestaan, hoe we ons huis inrichten, hoe we een verleidelijk lekker diner koken, hoe we onze tijd indelen en hoe we sterven. Cultuur is de manier waarop we onze kinderen opvoeden. Cultuur is geen techniek die je in een cursus leert beheersen.
Het gaat niet om de techniek van het opvoeden, maar om de grondhouding van de opvoeder.

Ik stel voor dat we als consulenten en docenten kunstzinnige vorming uitsluitend bezig gaan met onze eigen ontplooiing, maar dat wel zo doen dat er kinderen en volwassenen bij betrokken zijn en, als ze dat willen, ons wat leren. Impliciet of expliciet. Dat houdt in dat we van nu af aan ophouden met slimme leergangen te bedenken voor anderen, maar goed kijken naar wat mensen ons te bieden hebben.
Afgesproken.

Het Tsjernobile syndroom
We hebben geen macht over het werk dat we creëren. We vliegen af op vreemde religies, drugs, technomuziek, trendgevoelige kunstvormen en zo meer. We proberen te ontsnappen aan een mislukte samenleving.

Kinderen hoeven deze slechte levensstandaard echt niet over te nemen. Een razendsnelle bevolkingsgroei trekt een ontwikkeling van infrastructuur aan die door zijn vervuiling weer tot ondergang leidt. Kinderen hebben minder ruimte om te spelen door het gevaar van dat verkeer maar ook door de fysieke ruimte die er voor nodig is.
Het denken is gericht op het oplossen van een puinhoop in plaats van een revolutionaire positie in de nemen zoals bijvoorbeeld de natuur ons leert.
De klassen moeten om economische redenen groot zijn waarna dat onderwijs, in welke vorm dan ook, onmogelijk blijkt. In de onderwijsomgeving proberen we die mislukking te compenseren.
Steeds meer is de politiek gericht op protectie en compensatie ten opzicht van kinderen. We stoppen meer kinderen in meer crèches omdat ze niet vrij in de natuur kunnen rondstruinen met hier en daar een grootvader op de achtergrond die toch net bezig is met het omspitten van zijn land. We bedenken woonerfjes en vrije fietspaden. Ik denk dat we het onderwijs moeten veranderen.
Maak mensen sterk en hun denken helder. Dat valt allemaal niet te beperken tot kunsteducatie.

Wat doen woorden?
Woorden zijn transporteurs van beelden, gevoelens, informatie. Ze worden in het menselijk brein gevormd. Het is onduidelijk of het daar al woorden zijn en nog minder duidelijk is het of woorden daar al visueel zijn.
Kunst, of liever gezegd gedachteoverdracht die met aan kunst ontleende middelen visueel gemaakt is, kan nooit een objectieve betekenis hebben omdat het taalgebruik niet gebonden is aan vastliggende afspraken.
[Henk van Faassen ]


meer omschrijvingen en begrippen