startpagina

register
trefwoorden


index
literatuur


bekijk
foto's, werk

lees ook
Verhalen in een Kamishibai

Buitnschoolse opvang
Schriftelijke cadeaus

 

 


verhalen vertellen
Fabels


DE WOLF EN DE OOIEVAAR
Wolven eten graag heel veel.
Er was eens een wolf die zat aan tafel feest te vieren.
Hij zat daar zo te schrokken dat er een brok in zijn keel bleef steken.

Doods benauwd kon hij niets roepen.
Toen zag hij een ooievaar en wenkte haar.
Ze kwam te hulp en heeft met haar lieve snavel
de brokken uit zijn keel gepikt.
Anders was de wolf gestikt.

Toen de ooievaar, als beloning, om iets lekkers vroeg.
Gromde de wolf: Mevrouw de ooievaar dat is een mop.
U mocht toch uit mijn bek de lekkere hapjes pikken?
Maak dat u weg komt.
En vlug, want anders eet ik u op


Fabels met kinderen lezen
Af en toe lees ik met kinderen die in een kinderdagverblijf of in een instelling voor naschoolse opvang verblijven omdat hun ouders aan het werk zijn.

Ik kies dan uit prentenboeken met verschillende inhoud of sprookjes.
Dat zijn meestal boeken die ik, al voorlezend, moet aanpassen aan het talige vermogen en de verbeeldingskracht van de kinderen die om mij heen zitten.
Veel prentenboeken zijn wel voor kinderen geschreven of vertaald, maar volgens mij niet altijd geschikt wat onderwerp en taalgebruik betreft.
Daar tegenover staat dat het mij vaak overkomt dat kinderen belangstelling hebben voor de grote-mensen-boeken waarmee ik buiten op de bank zit.
De kinderen zijn nieuwsgierig waar ik mee bezig ben en vragen om een verhaal.
Soms lees ik ze letterlijk voor en kijk naar de verbaasde gezichten.
Andere keren pas ik mijn voordrachtvermogen aan.

Zo is dat ook met het voorlezen van fabels aan de orde.
Een recente uitgave van fabels van Jean de La Fontaine*) deed mij besluiten in plaats van sprookjes, fabels met de kinderen te lezen.
Een voordeel is dat het voornamelijk over dieren gaat.
Een nadeel is de verwijzing naar de klassieke Griekse oudheid, het archaïsche taalgebruik en moralistische strekking van de teksten.

Het boek is door M d'Hane-Scheltema, een classica, vertaald.
Voor ik de fabels met kinderen kan lezen moet ik die naar vermogen 'hertalen'.
Bijvoorbeeld:
De houthakker en de dood. hertaalde ik met: liever dood.





De houthakker die liever dood is.

Er was eens een arme man die hout en takken verzamelde.
Hij droeg zijn vracht steeds op zijn rug.
Maar toen hij oud was werd zijn rug krom van het sjouwen.
Hij kon niet meer, alles was hem te zwaar.
Het hout was zwaar.
Zijn hele leven was zwaar.

Wat doe ik hier eigenlijk?
Niemand op de hele aardbol is zo arm als ik.
Ik kan nooit uitrusten,
heb geen geld en soms zelfs geen hap brood.
Hoe moet ik nu voor mijn vrouw en kinderen zorgen?
En ik moet ook nog belasting betalen.
Was ik maar dood.

Toen kwam er een stem uit de lucht.
Wat is er aan de hand?
Niets hoor, maar wil je mij helpen
dit hout weer op mijn rug te laden?
Het is niet zo veel.

Soms is een stem ergens vandaan
een goed middel tegen de pijn.
Veel beter dan dat je dood gevonden wordt
onder een stapel hout.


Lezen, tekenen en schrijven met kinderen.
Stap 1. In het boek staan bekende en minder bekende fabels. Maak eerst een keuze voor de kindergroepen die je kent en waarvan je weet welke onderwerpen hen boeien.

Stap 2. Hertaal de tekst, waar mogelijk met behoud van vorm en rijm.
De hertaling plak je in het boek naast de originele tekst

Stap 3. Zoeken naar authentieke illustraties. Die geven de kinderen de kans een keuze uit de fabels te maken die ze willen horen en die hun verbeeldingskracht op gang brengen.

Stap 4. De afbeeldingen, samen met een paar regels tekst kopiëren. In plastic mapjes verzamelen waarmee ze als een boek op tafel door de kinderen te bekijken zijn.

Stap 5. Lees een paar fabels voor.

Stap 6. Vraag één van de kinderen een keuze te maken uit de illustraties met verkorte tekst. Die laat de afbeelding zien en leest de korte tekst voor.

Stap 7. Lees de hertaalde tekst in zijn geheel voor. Dat herhaalt zich enige keren, waarbij kinderen die nog niet zelf lezen ook een keuze kunnen maken.

Stap 8. Vraag de kinderen op een kladblaadje een lijstje te maken van dieren die nog niet in de voorgelezen fabels voor kwamen.

Stap 9. In tweetallen gaan zitten. Het ene kind kiest twee dieren uit het lijstje uit waarover iets aan de ander te vertellen is. Na korte tijd wisselen. Herinner de kinderen eraan dat in de fabel het ene dier meestal slimmer is dan het andere.

Stap 10. De kinderen schrijven hun vertelde verhaal in het klad op. Voor kinderen die nog niet schrijven, doet de begeleider dat.

Stap 11. De kinderen tekenen het voorval tussen de twee dieren. Eerst in potlood, daarna gaan de gekleurde viltstiften rond.

Stap 12. De kinderen schrijven 'in het net' op gelinieerd papier.
Als alles klaar is wordt de tekst onder de tekening geplakt.

Henk van Faassen 2020.

Meer hertaalde fabels

*)
Fabels van La Fontaine
Vertaald door M d'Hane-Scheltema, uitgegeven door Van Oorschot 2017.