startpagina

register
trefwoorden


index
literatuur


bekijk
foto's, werk

lees ook:

nieuwe kansen
bij taalachterstand


Taalachterstand en Taalverhaal
Moeten kinderen met taalachterstand taalbroodjes afbakken?



Pas op! dit is een kritisch verhaal!

Toevallig kwam ik in aanraking met 'Taalverhaal'.*)
Het bleek een taalmethode voor het basisonderwijs te zijn. En niet zo maar een methode. Men adverteert dat 'Taalverhaal 'als enige in Nederland alle kerndoelen voor begrijpend lezen en schriftelijk taalonderwijs dekt.
Alle kerndoelen in één pakket, dat is me nogal wat in een land waar je over de taalmethodes struikelt.
Het begrip Taalverhaal is eigenlijk een beetje dubbelop.
Alle verhalen hebben toch met taal te maken, hebben taal als bron.
Mensen vertellen elkaar verhalen en luisteren naar elkaars vertellingen. Verhalen kun je ook lezen en schrijven. Maar ja, taalverhaal ligt nu eenmaal lekker op de tong van taal-o-logen.

Taalachterstanders
Goed taalonderwijs is het belangrijkste dat het onderwijs jonge mensen moet bieden. Als een kind de Nederlandse taal niet goed beheerst, roept iedereen: "die daar, die heeft een taalachterstand".
Vaak blijkt dat die achterstand alleen maar bestaat ten opzichte van een taalmethode en dat er voor dat kind mogelijkheden genoeg zijn om gevoelens en ervaringen met anderen te delen.

Taaltegenstanders
Dat de methode Taalverhaal geen vertrouwen heeft in de verbeeldingskracht van kinderen en hun meesters en juffen blijkt bijvoorbeeld uit een paar opdrachten die ik aantrof.
De leerlingen moeten bijvoorbeeld een verhaal, gedicht of strip afschrijven.
Let eens op het begrip 'afmaken'. Dat kinderen op school vaak te horen krijgen: "maak je werk af anders zwaait er wat" dat is nog wel te begrijpen.
Maar dat kinderen iets moeten afschrijven dat een, voor hen volkomen vreemde volwassene, half afgemaakt heeft is natuurlijk absurd.
Het geeft kinderen net zo weinig gevoel dat ze zelf iets gebakken hebben als wanneer ze een slap supermarktbroodje in de oven moeten afbakken.
Leerkrachten mogen geen tegenstanders van leerlingen zijn, ze kunnen samen met de kinderen heerlijke taaltaarten bakken.

Taalmisstanden
Een strip AFmaken, een verhaal AFmaken, dagboekfragment AFschrijven.
Daarin ligt al besloten dat de leerlingen aan een tekst die de methodeknutselaar bedacht heeft iets van hen zelf moeten toevoegen.
Zeker waar het bijvoorbeeld om een dagboekfragment gaat is dat natuurlijk de waanzin ten top. Wat hebben die arme kinderen te maken met een dagboek van een ander?
Een dagboek is van alle teksten die kinderen schrijven de meest persoonlijke.
Het is ook een tekst die in principe niet de bedoeling heeft om mee te communiceren.
Het is kennelijk de bedoeling dat het onaffe fragment, van het een of ander, een voorbeeld is voor stijl, zinsbouw en zo meer.
Het is zinvol om kinderen in aanraking te brengen met gedichten, liedteksten en verhalen van anderen, maar dat is uitsluitend mogelijk als een dergelijke tekst als een geheel aangeboden en besproken wordt.

Taalmismethodologen
Een stukje voor een fantasie encyclopedie schrijven.
Zo'n bijdrage is al meteen als flauwekul gedefinieerd en de kinderen zullen van die flauwekul weinig leren.
Nepverhalen schrijven hoeven ze echt niet te leren.
Een songtekst afschrijven? Ze mogen het lied misschien ook afkraken, maar nooit zelf zingen, want dat geeft teveel herrie in de klas.

Een haiku schrijven (EEN haiku bestaat niet, want haiku is enkelvoud en meervoud tegelijkertijd.
Ik herken daaraan methodologen die zelf nog nooit haiku geschreven hebben en daarmee vallen ze dan daverend door de mand, net zoals met die elfjes.
Een gedicht schrijven, zo maar in het wilde weg.

Waar ik mij echt boos over maak zijn de flauwekul opdrachten van Taalverhaal waarin leerlingen moeten RADEN naar de bedoelingen van een tekst en RIJMEN op die tekst.
Allemaal onbegrepen opdrachten waar kinderen niets van leren en waarmee ze zeker niet hun vermeende taalachterstand inhalen.

Taaldiscriminatie
Wat mij verder opviel bij 'Taalverhaal' dat men daar uitgaat van gewone-, zwakke- en sterke leerlingen.
Als je met dergelijke discriminerende opvattingen over kinderen op weg gaat moet je toch wel een stroeve geest bezitten.
Er bestaan immers uitsluitend kinderen met een hoofd erop, en wat daarin zit is zo verschillend als er kinderen zijn.

Taalmedestanders
Het verschil dat er is tussen een ervaringsmodel als bron voor ontwikkeling van taalvaardigheid en een theoretisch model, waarbij de leerlingen over de matrix van de kerndoelen gelegd worden, is het verschil tussen de opvatting dat kinderen objecten zijn waar op een efficiënte manier kennis en vaardigheden ingepompt moet worden, of kinderen die een eigen ontwikkelingskracht bezitten.

Bert van Oers **) schreef: 'Kinderen zijn geen foto's, ze ontwikkelen zichzelf'
Daarmee is impliciet vast te stellen hoe het zou moeten in het onderwijs.

De onderwijsconcepten met mooie slogans en aansprekende titels zoals 'Taalverhaal', 'TaalTotaal', 'TaalToren', 'TaalDit' en 'TaalDat', mogen best eens op hun uiterste houdbaarheid bekeken worden.
Een eigen identiteit groeit bij kinderen, als die bij hen maar gevoed wordt door rijke en goede ervaringen. Daar kunnen geen labels van 'gewoon', 'zwak' of 'sterk' aan gehangen worden.
Ieder kind moet om te beginnen aangespoord worden medeverantwoordelijkheid te zijn voor zijn eigen ontwikkelingsproces, en dat dan samen met de anderen in zijn omgeving.
Dat vraagt om een enorme inzet van de opvoeder als taalmedestander. De contexten waaraan leerkracht en leerling samen deelnemen in een dergelijk proces moeten zorgvuldig ontworpen worden. En dat is niet mogelijk als alles in een nationaal, digitaal- of analoog schriftelijk, en technisch bepaald, taalpakket zit.

Op veel scholen leeft de wens om effectiever en betekenisvoller les te geven in schrijven.
Met reden: een goede schrijfvaardigheid is belangrijk in allerlei onderwijs- en beroepssituaties, ook in het digitale tijdperk.
Hoe leren kinderen in het basisonderwijs teksten schrijven, hoe goed moeten ze daarin worden en hoe kunnen leerkrachten hen daarbij ondersteunen?
Dat zijn de kernvragen ***)

Henk van Faassen 2008

*) Taalverhaal is een uitgave van Thieme Meulenhof

**) Bert van Oers: Onderwijsconcepten, één van stof en één van leer...?

***) Suzanne van Norden, Iedereen kan leren schrijven. (2018) Schrijfplezier en schrijfvaardigheid in het basisonderwijs. Uitgave: Coutinho Bussum. ISBN: 9789046906101

meer kritische besprekingen