|
Mieters
en meer woorden van jongeren
Is
straattaal besmettelijk?

Wat
is er allemaal mieters
In de jaren vijftig, toen de bromnozems
de straten onveilig maakten, was mieters hét woord. Het
werd verdomd mieters als dit woord ook door bekende schrijvers
als Nescio en J.J.Voskuil in hun boeken voorkwam.
Vetkuiven, jongens met geplakte haren die je tegenwoordig ook
nog tegenkomt, spraken elkaar zo toe. Studenten spraken het 'bekakt'
uit.
Het blijkt zelfs in de vertaling van The Catcher in the Rye
van J.D.Saliner terecht te zijn gekomen. Men had het in
het muziektijdschrift Tuney Tunes over mieterse muziek.
Te
gek en onwijs gaaf
Deze woorden hebben we in de flowerpowerperiode gebruikt als we
ergens enthousiast over waren.
Cool
en flexs
Nu moeten we weten wie cool zijn en wat allemaal flex is.
Jongeren spreken Murks, Bijlmers.
Nederlandse woorden worden vervangen door die uit immigrantentalen
en uit het Amerikaanse slang.
Is de jongerentaal besmettelijk voor het Algemeen Beschaafd Nederlands?
Het
Groene Boekje neemt in ieder geval veiligheidshalve een aantal
straattaal woorden op.
Wie
naar een conversatie in straattaal luistert zal er
geen touw aan vast kunnen knopen. Zelfbedachte woorden schieten
in hoog tempo uit de monden, het liefst doorelkaar. Van enige
inhoudelijke uitwisseling is geen sprake. Zelden is er een afgemaakte
zin. Er is veel lijfelijk geduw en getrek.
De woorden die het hardst geschreeuwd worden zullen in het vervolg
in de woordenlijst van dat bepaalde groepje uit die bepaalde wijk
of stad opgenomen worden. Voor zolang het duurt, want straattaal
blijkt zeer vluchtig te zijn. Er is niets van te volgen, maar
een ding is zeker, wat je hoort en de boze gezichten die daar
bij getrokken worden, zorgen er voor dat je een straatje om gaat.
Wij
en de rest van de wereld
Jongeren vinden straattaal stoer, het is een soort geheimtaal,
wie het niet begrijpt, is een buitenstaander. Een buitenstaander
is te herkennen aan foute kleren, foute muziekkeuze en foute haardracht,
make-up, tatoeages en piercings.
Straattaal dient om je af te zetten tegen de rest van de wereld,
vooral tegen autoriteiten en ouders.
De steeds veranderende woordenschat dient in een moeite door om
onderling te kunnen praten in schuttingtaal of over verboden onderwerpen.
In
1998 onderzocht René Appel
de Amsterdamse straattaal en het Meertens
Instituut organiseerde in 2004 een Symposium over Jongeren- en
Straattaal in binnen- en buitenland. Een aparte variant is het
Murks dat in de Utrechtse wijken Lombok en Transvaal door Turkse
en Marokkaanse jongeren gebruikt wordt.
Er zijn nu plannen om jongeren videocamera's in handen te geven
om de verschillen in straattaal in de Amsterdamse wijken Zuid
Oost en Osdorp vast te leggen.
Er kan weer op gepromoveerd worden.
De
uitspraak van het Murks uit Utrecht
Jacomine Nortier
publiceerde in 2001 'Murks
en straattaal. Vriendschap
en taalgebruik onder jongeren'. Behalve de woordenschat, is de
uitspraak van het Murks opvallend: De
s wordt uitgesproken als sj: 'sjla' in plaats van 'sla' . De g
is scherper en harder dan in het Nederlands, vooral aan het begin
van een woord. De r is vaak overdreven rollend. 'tje' in 'weet
je' wordt 'dik' uitgesproken, zoals als de beginklank in het Engelse
'chocolate'. De 'z' erg stemhebbend, de 's' harder en scherper
dan in het Nederlands De ij/ei wordt uitgesproken als 'ai': hai
Het nieuwe Nederlands
Meestal is het gebrabbel een mengsel van Nederlandse, Surinaamse,
Turkse en Marokkaanse woorden, vrijelijk gemengd met Amerikaanse
slang.
'Die bakra is weri
hoor, ennuh, misschien ga ik 'm doodvermoorden.'
Van enige zinsbouw is geen sprake.
Leerkrachten zijn bezorgd, de jongeren beheersen het ouderwetse
Nederlands niet.
Het is in Engeland al onderzocht: met zo'n taalachterstand zullen
ze steeds moeilijker aan een baan komen.
Een
Amsterdamse woordenlijst:
afoe: stukje, helft; trek van een stickie
boeloe: gek, raar, vaag, homo
boeng: goed
chickie: meisje
doekoe: geld
faja: heel, erg, goor
fawaka: hoe gaat het
habibi: liefje
how's the dope: hoe staan de zaken
kardash: makker
kill: jongen
kon ta bei: hoe gaat het
loesoe: weg
mi gado: mijn god
mi lobo joe: ik hou van jou
motjo: hoer
no fasa stof sisca/brada: blijf van me af wijfie/jochie
osso: huis
papang: kut
scotoe / skootoe: politieagent
tezz, tazz: shit
woella: ik zweer het
(Bron: Jacomine Nortier)
Gesprek
tussen Thaiboksers
Alles
goedci, kalibali vriend?
Best. Lauw geknurd goed geslapen? Gaat.
Blij dat je weer in kakkig saai tinkywinkytown bent? Blij?
Me klote echt niet.
Vraag ik me toch af waarom we hier eigenlijk zijn, mattie
vriend.Begin je weer te tjollen moeilijk doen? Serieus.
Ik kom hier voor de varia afwisseling vechten, trekpop
eikel.
En verder? Verder niks. For rilah echt waar? For shota
heel zeker.
Jij voert iets in je schild. Blada onzin. Denk jij dat
ik parra gek ben? Ik denk niks. Waarom niet, neteknip
vervelend persoon?
Hou toch op met je aksi-aksi vragen stellen. Ik dacht dat
ik je tzippo maatje was. Ben je ook, naaihond klootzak.
Waarom loop je me dan te flashen bedriegen? Wayoo
jezus wat ben jij een noednik doordrammer. Omdat je denied
vastgeluld bent, mos vriend. Kaak klem. Zorg liever dat
je wat te weten komt over die vettie lelijke jongen tegen
wie ik moet vechten. Okizay baas.
Alles wel irie goed met jou? Ik heb keelrot keelpijn. Kaulo
klote. En ik ben goem gek. Goem? Zwaar goem. Hoe dat zo?
Van dat lauzy geweldig ding met dat keffe mooie
koppie. Ze keek me aan en ik dacht dat ik overhipte. Wat een
keun mooi meisje. Ketseraffe prachtig tanga
meisje man. Dat haar, die ogen, die oortjes, kikkelauw super.
Wat een goodchicka schoonheid.
Heb je weer jeuk aan je kobus pik? Pff, als dat mn
tjinnie liefje was, zou ik kats zeker weten mn
kaf bed niet meer uitkomen. Wat een gompi schatje.
Dr figuur, dr armen, dr benen, alles even striel
geweldig. Ik stond gewoon te stronken trillen op mn
poten.
Rustig aan, kassa casanova. Laat je niet op stang jagen
door je aarsappelen ballen. Zahbi vriend, swa
broeder, dit is anders.
Ik weet niet hoe maar dit is foekie-loekie vreemd nieuw
voor mij. Ik geloof dat ik in de flow ben verliefd. Jij
wilt alleen maar kricken neuken. Ook, tuur natuurlijk.
Maar dat dakkie knap meisje doet me wat.
Echt.Jij moet je gewoon effe lekker aftunen aftrekken.
Vanaf de eerste seconde.
Ze stond haar wiri haar te doen. Opeens draait ze zich
om, kijkt me floid vet aan en zegt: ik ben Elja. Hoe heet
jij? Wayoo jezus, ik was meteen uitgegomd van de
wereld, wholla ik zweer het. Wat een flenz mooi
meisje. Ik vond het niet echt een mecke geile meid. Meer
een millebil iemand met dunne benen.
Spekt respect stronzo lelijkerd. Je hebt het wel over
mijn habiba liefje. Dat jij een westcoast stoere
gast bent, weten we. Maar dan hoef je mn oeshna vriendin
nog niet in de kakker te pakken naar beneden te halen.
Strontpukkel klier.
No spang maak je niet druk. Rustig aan. We zijn tsjoepies
of noh vrienden of niet dan? Gisteren zei je nog dat je effe
genoeg had van die trutsels vrouwen.
Had ik ook. Maar dit is anders. Me klote echt niet. Dit is
lusm love you so much. Echte lusm. Misschien wel de
lusm van mn leven Hier in tinkywinkytown?
Zaka broekoe niet te geloven.Waarom niet? Omdat luve
liefde in dit gat niet bestaat. Dat gedijt hier niet. Geen enkele
vorm van luve. Wat zit je me nou te pommen op te
fokken, pinkie knappe jongen? Mind my words. Wat tak
praat jij opeens swazi vaag. Ik sta heus niet te tjencken
liegen.
Rare zwaan vent ben jij. Echt een flasher freak.
Eerst moeten we hier vette kerk perse naar toe. Ook al
levert dat hele gala nauwelijks do geld op. En nou is de
hele zooi opeens bietjes waardeloos.
Nou, ik ga een potje juinen poepen en daarna moeten we
trainen. Latra tot straks.
(Bron:
Toneelstuk Thaiboxverdriet door Ad de Bont, Toneelmakerij)
'Heel
erg goed' in verschillende Nederlandse straattalen:
bombe, chill, cool, da, dope, flex (het tegenovergestelde is frox),
gru, gruwelijk, kapot goed, lauw, master, masterlijk,
relaxt, span, spin, standaard, strak, tof, tranga, vet, wreed,
(Bron: René Appel
en Rob Schoonen)
De structuur
van veel Surinaamse woorden is opgebouwd uit de opeenvolging van
een medeklinker, een klinker, een medeklinker en weer een klinker.
Omdat straattaalsprekers een voorkeur hebben voor woorden met
een dergelijke opbouw, zijn Surinaamse woorden in straattaal ruimschoots
aanwezig.
Over het algemeen is de neiging tot het gebruik van woorden die
eindigen op een open lettergreep groot. Duku (geld), foto
(stad), pipa (pistool) en lusu (weggaan)
botto (botterik), giga (reusachtig) en popie (populair)
zijn voorbeelden ervan.
Straattaal
is niet dodelijk voor het Nederlands!
René Appel is niet
zo bezorgd: "Verwar jongeren- of straattaal niet met een
geringe taalvaardigheid. Om zo creatief en effectief buitenlandse
woorden door het Nederlands te kunnen mengen, moet je het Nederlands
juist bijzonder goed beheersen. Allochtone jongeren die slecht
Nederlands spreken, behoren niet tot de groep van straattaalsprekers.
Er zal op den duur vast wel een woord of wat van die straattaal
doordringen in het Standaardnederlands. Niets om je druk over
te maken, want de invloed zal klein zijn en niet bepaald dodelijk
voor het Nederlands."
Waar zitten we mee in ons maag?
Er is een relatie tussen taal en gedrag.
De leerlingen schreeuwen elkaar toe op het schoolplein. Daarmee
krijgt straattaal een problematisch etiket opgeplakt.
Er worden, zie hierboven, woordenlijstjes verzameld door Appel
cs. Daarmee wordt straattaal 'geexotiseert' . Of dat een bijdrage
zal leveren aan het begrijpen van wat jongeren beweegt straattaal
te gebruiken is onzeker.
In ieder
geval is het bestuderen van losse woorden minder zinvol omdat
straattaal afhankelijk is van de context waarin de woorden gebruikt
worden.
Taal verandert
aan de lopende band. Bergrippen waaien over uit het buitenland,
met name de Verenigde staten, en worden gebruikt door Rappers
en andere serieuze muzikanten en worden overgenomen door jongeren
die zich ermee afzetten, verbergen, voor de cultuur van de volwassenen.
Overigens
zijn de commerciële media er als de kippen bij om de straattaal
in hun tijdschriften en reclamefilmpjes toe te passen.
Literatuur
Jacomine Nortier: 'Murks en straattaal.
Vriendschap en taalgebruik onder jongeren.' 2001 Prometheus, Amsterdam,
ISBN 90-5333-944-2.
Leonie Cornips en Vincent de Rooij: 'Kijk, Levi's is een goeie
merk: maar toch hadden ze 'm gedist van je schoenen doen 'm
niet'. Jongerentaal heeft de toekomst. In: 'Waar gaat het Nederlands
naar toe? Panorama van een taal.' Prometheus: Amsterdam 2003,
131-142.
Appel, R. (1999). Straattaal. De mengtaal van jongeren
in Amsterdam. In: Toegepaste taalwetenschap in artikelen 62, 2,
39-56.
Hoppenbrouwers, C. (1991). Jongerentaal. De tipparade van
de omgangstaal. Stubeg BV, Hoogezand.
Kempen, Y. van (2000). Taal mixen is dope, is basis, is spang.
Straattaal van Amsterdamse jongeren. In: Ons Erfdeel, 43, 3, 331-338.
Daniëls, W Mieterse bromnozems in: Onze Taal 2012-10
naar
boven
terug
|
|