startpagina

register
trefwoorden


index
literatuur


gedichten


bekijk
foto's, werk


lees ook:

Elfen wat zijn dat?

Rondelen

Pantun gedichten


Gedichten schrijven in de klas
Liefdesgedichten


Liefdesgedichten zijn gedichten over iemand op wie je verliefd bent en nog meer over jezelf.
Deze liefdesgedichten kunnen uit één of meer strofes bestaan en ze rijmen in principe niet. Omdat ze vooral ook over bekende, alledaagse onderwerpen gaan, bijvoorbeeld: wat vind je mooi om te horen?, kan ieder kind eraan meedoen, verliefd of niet.

De structuur van het liefdesgedicht is, dat er per strofe een onderwerp beschreven wordt en dat daarin opeen overdreven manier een verband gelegd wordt met de geliefde.
Overdrijving is het stijlmiddel dat gebruikt wordt om dingen onder woorden te brengen die anders niet zo gauw gezegd of geschreven zullen worden. Behalve een manier om te leren overdrijven, is het ook een manier om oor te krijgen voor hoe een regel klinkt, voor hoe muzikaal taal kan zijn.

Uit de praktijk
Aan groep acht stel ik voor om liefdesgedichten te schrijven.
Onmiddellijk is er gegiechel: 'Nou ja zeg', 'Poeh', 'Hè?', 'Dat zal ik me daar op gaan schrijven', 'Wat, liefdesgedichten?'. Maar er is ook meteen nieuwsgierigheid: 'Hoe moet dat, een liefdesgedicht schrijven?'
Als de gemoederen een beetje bedaard zijn, leg ik het uit. Ik vertel dat iedereen een liefdes gedicht kan schrijven, zelfs al ben je
nog nooit in je leven verliefd geweest.

Grote ogen. Grote monden: 'Ik ben al zo vaak verliefd geweest'. 'Ik ga er niks over schrijven, mees. Daar heeft niemand iets mee te maken'. Ik antwoord dat niemand tegen zijn zin hoeft te schrijven, maar dat een liefdesgedicht spannend is en dat het geheim mag blijven. Ook leg ik uit dat een liefdesgedicht anders mag zijn dan hoe het in het echt is en dat ik zelf ook meedoe.

Ieder krijgt een blaadje papier. Ik schrijf mee op het bord; zo kan ik stapje voor stapje uitleggen hoe het gaat en kan iedereen zien hoe ik het doe.
We beginnen met de naam op te schrijven van de desbetreffende geliefde, alleen de voorletter mag ook.
Als je nu niet verliefd bent maar een tijdje geleden wel, schrijf je de naam of voorletter van je geliefde van toen op. Als je nog nooit van je leven verliefd bent geweest, bedenk je iemand op wie je eventueel verliefd zou willen worden.
Zenuwachtig gelach. Een paar vlotte binken roepen meteen namen.
Ik bemoei me ermee door te zeggen dat het voorlopig geheim moet blijven en dat ze niet zogenaamd stoer moeten doen.
Ik schrijf op het bord een hoofdletter L.
Er wordt meteen gespeculeerd wie dat zou kunnen zijn, maar ik ga er niet op in.
Sandra zit met een beschermende hand rond haar blaadje zodat niemand kan afkijken op wie ze is.
Marsh fluistert of hij ook de Dolly Dots op mag schrijven. Ik fluister terug
dat dat mag. Ik zeg hardop dat popzangers zeer geschikt zijn om verliefd op te worden maar dat het mij nog leuker lijkt om op een ècht iemand verliefd te worden.
Vervolgens maken we een lijstje van drie dingen die je graag hoort. Maar één van de drie dingen mag te maken hebben met muziek.
Ik schrijf op het bord: 'de regen als je lekker binnen zit', 'EIvis Presley' en 'de hond als hij zachtjes jankt'.

Ik heb er nog moeite mee om op drie dingen te komen.
Ik loop even rond om te lezen hoe het met de kinderen gaat. Ik lees onder andere: 'bij de prijsuitreiking als je een beker gewonnen hebt en als dan je naam wordt gezegd', 'een orgel',
'afluisteren' en 'het geluid van botsautootjes'.

Op eenzelfde manier maken we een lijst van dingen die je leuk vindt om te doen.
Op een derde lijst komt je leeftijd te staan, het aantal jaren dat je van plan bent om te leven, en de leeftijd die daar precies tussenin zit.
Bij iedere leeftijd schrijven we een regel. Die kan gaan over hoe je er dan uitziet, waar je dan woont, enzovoort.
Ik lees regels als: 'Mooie leeftijd, ik leef gelukkig nog, maar ben doof' en 'lekker gezond en nog rijp'.

Uit de eerste twee rijtjes onderstrepen we één ding en daar schrijven we ook wat losse woorden of zinnen bij op.
Met behulp van de aantekeningen tot nu toe maken we een liefdesgedicht. De eerste strofe gaat over iets dat je leuk vindt om te horen maar nog liever hoor je je liefje.
Je mag erbij overdrijven, want in de liefde is veel geoorloofd.
De tweede strofe gaat over iets wat je leuk vindt om te doen maar nog liever. ..en dan komt er iets waar je lief mee te maken heeft.
De derde strofe gaat over de liefde als je op hoge leeftijd bent.
We maken met elkaar op het bord eerst een gemeenschappelijk liefdesgedicht, uitgaande van de verschillende woorden van verschillende blaadjes:

Weet je wat ik liever hoor
dan The Reflex van Duran Duran?
Jouw mooie stem als je zegt:
'Ik hou van jou'.

Weet je wat ik liever doe
dan DonaId Duck lezen?
Samen met jou DonaId Duck lezen!

Weet je op wie ik verliefd ben
als ik 12 ben en 96 en 42 ?
Nou dat weet jij heel goed!

Ik spreek met ze af dat hun gedicht natuurlijk heel anders wordt dan het gezamenlijke gedicht op het bord. Ik vertel over het verschil tussen dichtregels en opstelzinnen.
Ik zeg dat ze mogen overdrijven, dat dat zelfs een beetje moet.
'Belangrijke of grappige woorden en regels kun je herhalen.
Ga liever niet rijmen want het is geen Sinterklaas.'
De helft van de klas luistert niet meer want ze zijn al bezig.



Waarom zou je met je groep over de liefde dichten?
Verliefdheid is voor iedereen een gevoelig onderwerp, voor volwassenen èn voor kinderen.
Volwassenen denken al gauw dat verliefdheid bij kinderen niet veel voorstelt en dat het alleen een grapje is.
Als volwassenen het lef en de openheid hebben om er met kinderen over te praten en te schrijven, verdwijnt dat oppervlakkige idee snel.
Alle kinderen kennen het verschijnsel verliefdheid behoorlijk goed.

Bij verliefdheid behoren speciale gedragscodes: briefjes doorgeven, elkaar pesten, stoer doen en giechelen, op muren schrijven, zoenspelIetjes, 'het' aan elkaar laten weten, het gebruik van woorden als 'verkering'.
Omdat verliefdheid bijna voortdurend door de basisschool zweeft, van groep één tot groep acht, ligt het voor de hand om er wat mee te doen, erop in te gaan, het te gebruiken, er kringgesprekken over te voeren, er liefdesgedichten over te schrijven.

 

Ik zou met J, willen.
Zij kan tegen een bal trappen
Maar of ze scoort weet ik niet
Als wij het op het grasveld doen
Schopt ze het gras uit de grond
Dan spelen we samen
En dan kijk ik naar J.

Ik hou veel van vogels
J, ook
We hebben thuis veel vogels in een volière
J, niet.
We liepen vaak in het park
En gingen op een bank zitten
Want we luisteren dan naar de
vogels
Maar ik liever naar J.

Ik ben twaalf
J. ook
We zijn nog jong
En kunnen nog alles doen
Als ik 65 ben
Ga ik met pensioen
J. ook
We hebben allebei een kromme rug
Als we 96 zijn
Dan lopen we krom
maar ik kijk nog steeds naar
jou.


 

Lieve Lieve M.

als ik lui ben
dan doe jij toch alles
voor mij ja
want zo lief ben jij wel
en je bent zo knap
en daarom hou ik van jou

als ik naar iets moet luisteren
dan luister ik wel naar jou
want je hebt zo'n mooie stem en daarom luister ik altijd naar jou

ik ben 12 jaar
en ik hou heel veel van jou
en je mooie zwarte krulletjes
en als ik 82 ben
dan blijf ik van je houden
en ik krijg grijs wit haar
en ik vergeet jou nooit
en ik word ook 59 jaar
en dan heb ik heel veel foto's
van jou
maar lieve lieve M.
ik vergeet je nooit


     
  Spelregels
Het praktijkvoorbeeld speelt zich af in groep acht.
Het onderwerp en de structuur kunnen ook goed gebruikt worden in lagere groepen.
Op een soortgelijke manier schreef groep vier korte liefdesgedichten.
Werk stap voor stap:
1. een introductie over liefdesgedichten
2. de naam of initiaal van het liefje
3. een drietal of minder lijstjes maken
4. uit ieder lijstje één ding kiezen
5. bij ieder gekozen onderwerp wat associaties opschrijven
6. met behulp van het verzamelde materiaal het liefdesgedicht schrijven
7. voorlezen.

Doe als leerkracht mee, liefst op het bord.
Dat kan sfeerverhogend werken.
Een atmosfeer van veiligheid en vertrouwdheid kan erdoor groeien.
Dat is altijd al belangrijk met schrijven maar zeker als het over verliefdheid gaat.
Zelf oprecht meedoen, voorkomt ook dat het als trucrecept gebruikt wordt. Door zelf mee te doen, kan het tempo beter aangegeven worden.
En het belangrijkste: als je zelf meedoet met vertellen en opschrijven, heb je meer recht om uitspraken en teksten van leerlingen te horen.
Voor- wat, hoort wat.
Kinderen vinden het meestal spannend als de juf of meester meedoet.
Hun inzet en de kwaliteit van de teksten wordt daardoor hoger.
De tekst van de leerkracht is geen voorbeeld hoe het moet, het is een richtingwijzer en stimulans.

Verder
De teksten kunnen gedrukt en gebundeld worden tot een liefdesgedichtenbundel.
De gedichten kunnen aanleiding geven om in de kring met elkaar te praten over verliefdheid, liefdes briefjes, hoe je het zegt, verkering, gepest worden,
over verliefde kleuters en verliefde grote mensen, over liefdesverdriet, over of meisjes op elkaar verliefd kunnen worden en over hoe dat bij jongens zit.

Uit die kringgesprekken kunnen nieuwe schrijfonderwerpen voortkomen. 'Echte' liefdesgedichten van 'echte' dichters kunnen gelezen, vergeleken, bewonderd en veranderd worden.

Andere onderwerpen die bruikbaar zijn om tot liefdesgedichten te
komen:

een lijst van lekker eten, drinken en snoep
een lijst van mooie dingen om te zien
een lijst van dingen die je wel eens vergeet
een lijst van dingen waar je bang voor bent
een lijst van mooie plekken waar je geweest bent.


[Bron: handboek Taaldrukken, verder dan zeggen en schrijven]