Lesontwerp
Pantun
of
hoe ouders en grootouders verder schrijven
met zinnen die hun kinderen eerder bedacht hebben

Satu
dua tiga empat,
Lima enam tujuh setengah.
Berapa tinggi tupai melompat,
Sekali-sekali jatuh ke tanah.
Van je ene,
tweeë, drieë, viere,
Vijf, zes zeven en een half.
Hoe hoog de eekhoorn ook wil springen,
vroeg of laat dan valt ie toch.
[vert.Angela Rookmaker en Alfred van der Helm]
Kinderen lezen en leren zinnen uit
hun hoofd omdat de leerkracht daar nu eenmaal om vraagt
Om te kijken hoe dat gaat hebben we de zaak eens omgedraaid
en stukjes uit teksten die kinderen geschreven hebben aan ouders
en grootouders aangeboden met de vraag om er mee verder te gaan.
Als vorm kozen we voor de Pantun, de orale volksgedichten uit
het Maleise taalgebied. In het Maleis is 'Pantun' enkelvoud
zowel als meervoud.
Met name de 'pantun berkait' (aangehaakte pantun) was uitstekend
geschikt voor ons plan.
Schrijfschema
De
tweede en de vierde regel van de eerste strofe dienen als eerste
en derde regel van de volgende.
En zo verder kunnen het wel vijftien strofen worden.
Op blaadjes waarop het schrijfschema al aangebracht was, waren
steeds twee regels, van de kinderen afkomstig, voorgedrukt.
Om het nog spannender te maken wisselden we de pantun tijdens
het schrijven met elkaar uit, waardoor je, behalve met de regels
van de kinderen, ook te maken kreeg met een opzet van andere
volwassenen.
Chaos alom, maar na korte tijd konden de eerste pantuns voorgelezen
worden.
Hieronder een paar voorbeelden van de Patun die de vaders en
moeders, opa's en oma's geschreven hebben. De regels van de
kinderen zijn vetgedrukt.
Als
ik nadenk word ik slim
Als ik niet nadenk, wat dan?
Denk na!
Vier heb ik er, vier gedachten...
Als ik nadenk,
wat dan?
En nu stop ik met schrijven
Vier heb ik er, vier gedachten...
Met heel veel tegenzin
En
nu stop ik met schrijven
Want dit is geen denken
Met heel veel tegenzin
Is ook geen doen
Als
ik nadenk word ik slim
Daarnet dacht ik nog
Denk na!
Nu weet ik echt niet meer of ik nog wel besta
*
Alle boerinnen en boeren
Alle jonkvrouwen en ridders
Alle paarden en ruiters
Mogen één stap vooruit zetten
Alle jonkvrouwen
en ridders
Met hun mooie kleren aan
Mogen één stap vooruit zetten
Ik zou me heel erg vervelen
Met hun
mooie kleren aan
Blauw fluweel van pastelpoeder
Ik zou me heel erg vervelen
Zoals de slaperige schapenhoeder
Alle
boerinnen en boeren
Haakten de armen in elkaar
Alle paarden en ruiters
Liepen stapvoets over het plein
*
Er stond een meneer op een steiger
Hij keek naar een reiger
Die reiger was mooi
Op zijn kop een plooi
Hij keek
naar de reiger
Het hing aan een touwtje
Een visje, wat kun je daar mee doen?
De zon weerkaatste op zijn zilveren vel
Het
hing aan een touwtje
En spartelde vrolijk verder
De zon weerkaatste op zijn zilveren vel
Van deze kant had hij het leven nog nooit bekeken
Er
stond een meneer op een steiger
De meneer hengelde
Er zwom een grote vis
Die vis keek naar het haakje
*
Op de linker toren zit een lampje
Dat lampje brandt niet
En dat staat zo koud
Waarom brandt 't niet?
Dat lampje
brandt niet
Er staan vaak bloemen
Waarom brandt 't niet?
Kunnen bloemen zonder licht?
Er
staan vaak bloemen
's ochtends en 's avonds
kunnen bloemen zonder licht?
Alles gaat 's avonds een beetje dood
Op
de linker toren zit een lampje
Dat lijkt tenminste zo
En dat staat zo koud
Maar het staat wel prachtig
In
1868 verklaarde de taalgeleerde H.C.Klinkert
"deze soort van gedichten zijn ten enenmale ongeschikt
om in onze taal te worden overgegoten"
"De pantons toch bevatten," aldus Klinkert, "soms
zeer onkiesche uitdrukkingen en zinspelingen, waaruit men de
verregaande zinnelijkheid van het volk kan leeren kennen"
een gymzaal vol met kinderen
Ze zijn aan het basketballen
Eén moest naar de wc
Toen hij weg ging stonk het
Ze zijn
aan het basketballen
De bal kwam tegen zijn neus
Toen hij weg ging stonk het
Nu is het neusje eraf gevallen
De bal kwam
tegen zijn neus
Hij had heel veel pijn
Nu is het neusje eraf gevallen
Door die stomme bal
Een
gymzaal vol met kinderen
Ze waren leuk aan het spelen
Eén moest naar de wc
En het stonk heel erg
*
Een leuke tandenborstel
Ben ik vergeten
Mee te nemen
Bedacht ik me
Ben ik vergeten
Het is een groot feest
Bedacht ik me
En werd helemaal warm van binnen
Het
is een groot feest
Zo zonder tandenborstel
En werd helemaal warm van binnen
Voor het eerst
Een
leuke tandenborstel
Hoef je eigenlijk niet
Mee te nemen
Zonder lukt het ook wel
©
Henk van Faassen
Met dank aan de ouders en familie van de kinderen van het schrijversgroepje
Pen Papier & Plek