Lesontwerp
Eerst
werken met een beeld

Taal
kun je horen, taal kun je ook zien en lezen.
Er is taal als je vertelt,
luistert, schrijft en leest.
Er is ook iets wat wel met taal te maken heeft maar er eerst
nog niet veel op lijkt.
Eerst
tekeningen drukken en dan pas de woorden er bij
Doelstellingen
De kinderen leren beeldende vormgeving (drukken) met behulp
van elkaars vormonderdelen.
De kinderen leren in een beeldend proces samen te werken, waarbij
de individuele creatieve prestatie ondergeschikt is aan het
groepsproces.
De kinderen leren te associëren op de gedrukte beelden.
De kinderen leren hun ervaringen te verwoorden.
Beeldende
vormgeving
Drukken met behulp van elkaars vormonderdelen is een werkvorm
die afgeleid is van de verschillende taalactiviteiten waarbij
kinderen elkaar op gedachten brengen.(...)
De vormen worden voortdurend afhankelijk van elkaar opgebouwd.
De vorm die het ene kind knipt of scheurt en een plek geeft
in het vlak , is voor een ander kind een beginpunt van een compositie
van die vorm samen met de zijne. Die twee vormen zijn weer een
uitdaging voor een derde en zo voort.(...)
Het
beeldend vermogen van kinderen
De ontwikkeling van het beeldend vermogen van kinderen kan nooit
tot stand gebracht worden door alle kinderen dezelfde vorm te
laten produceren. Het is daarom zaak een werkvorm te bedenken
die voor alle kinderen inzichtelijk is, maar toch individuele
beelden oplevert.
Het sjabloneren en vormstempelen zijn wat dat betreft goede
keuzen: de vormonderdelen zijn onderdeel van een collectie die
steeds opnieuw gebruikt kan worden. Door op verschillende manieren
te combineren ontstaan individuele werkstukken terwijl de reeks
een eenheid te zien geeft.
Het
gaat om het verhaal
Bij eerst beeld en dan pas taal is het ontwikkelen van een vermogen
om te associëren het belangrijkste doel. Associëren
kan naar aanleiding van teksten en in dit geval vanuit beelden.
(...)
Het
werkt anders als kinderen bij een tekst over een fiets een tekening
van die fiets maken. In dat geval is er sprake van een herhaling
van het vermogen om te verbeelden. Eerst de verbeelding van
een ervaring in woorden en vervolgens in een tekening. Als het
illustreren niet goed begeleid wordt en men zegt: "Maak
er maar een mooie tekening bij", wordt er in dat geval
niets aan het verhaal toegevoegd. Als het goed begeleid is zal
de tekening een ander aspect van het verhaal behelzen, bijvoorbeeld
over de plek waar iets gebeurde of wat er voorafging aan, of
volgde op, het verhaal.
We
moeten als volwassenen accepteren dat de gedachtegang van een
kind voor ons verborgen blijft. (...)
Het
is niet nodig alles wat een kind zegt letterlijk over te nemen.
Op je gevoel laat je bepaalde zinswendingen in tact en schrijft
andere op je eigen manier op. Wel vraag je na iedere zin of
het zo goed is en als je een glazige blik terug krijgt moet
er nog iets gebeuren. (...)
Vragen
stellen
Een moment van 'voorlezen' is goed om de andere kinderen vragen
over de gebeurtenis te laten stellen. (...)
Het
stramien
Wat heb ik gedaan om die bevrediging en dat evenwicht bij de
kinderen te bereiken?
In de eerste plaats bied ik een beeldkader aan, in de meeste
gevallen een vierkant, dat op een uitgekiende plaats op het
blad staat. (...)
Je zou kunnen zeggen dat ik de kinderen de vrijheid moet geven
om zelf dat 'evenwicht' te zoeken. Bestudering van vele kindertekeningen
laat mij zien dat de compositie een kwestie van gevoel is dat
niet per definitie bij ieder kind aanwezig is. Dat vormgevoel
ontwikkelen ze al werkend en manipulerend. (...)
Het
kader is aan de ene kant een 'inperking' maar geeft
aan de andere kant zoveel vrijheid van visualiseren en zoveel
bevrediging in het resultaat, dat ik mag aannemen dat het kader
juist een stimulans is. (...)
Abstract
Het is niet vanzelfsprekend te veronderstellen dat kinderen
zonder meer met abstracte beelden kunnen om gaan. Des te groter
is mijn verbazing als ik zie met welk gemak ze het toch doen.(...)
Vanzelfsprekend hangt veel af van de manier waarop ik de dingen
uitleg.
Er blijven in mijn werkvormen veel dingen onvoorspelbaar die
in het verloop vanzelf duidelijk worden.(...)
Vertrouwen
De stap voor stap werkwijze die we volgen biedt in eerste instantie
voor de kinderen geen overzicht. Ze moeten er maar op vertrouwen
dat het wel goed komt. (...)
©
Henk van Faassen