lesontwerp
Beeldtaal
en kleuters

Het
gaat om het verhaal
Bij
eerst beeld en dan pas taal is het ontwikkelen van een vermogen
om te associëren het belangrijkste doel. Associëren
kan naar aanleiding van teksten en in dit geval vanuit afbeeldingen
. De tekening is er het eerst. De vormen die gemaakt worden
zijn in eerste instantie nog abstract. Ze moeten dat ook zijn
om voor ieder kind eigen associaties mogelijk te maken, als
de afbeelding al teveel concrete vormen laat zien gebeurt dat
niet. Pas als de vormen met elkaar gecombineerd worden ontstaan
afbeeldingen waarin kinderen weg kunnen dromen en hun eigen
kleine geschiedenissen zullen beleven. Het werkt anders als
kinderen bij een tekst over een fiets een tekening van die fiets
maken. In dat geval is er sprake van een herhaling van het vermogen
om te verbeelden.
Verbeelding
Eerst de verbeelding van een ervaring in woorden en vervolgens
in een tekening.. Als het goed begeleid is zal de tekening een
ander aspect van het verhaal behelzen, bijvoorbeeld de plek
waar iets gebeurde of wat er voorafging aan, of volgde op, het
verhaal.(...)
Vragen
stellen
Zo'n moment van 'voorlezen' is ook goed om de andere kinderen
vragen over de gebeurtenis te laten stellen (...)

Eerste
les
Structuur: Vormen
staan centraal tijdens deze lessen. De kleuters van groep 1A
zijn wel gewend aan het vertellen bij een tekening, maar niet
om vanuit vormen naar een beeld en een tekst te werken.
In de kring praten we eerst over de kleren die je aan hebt.(...)
De blaadjes met een vooraf gekopieerd kader liggen klaar. Daarnaast
stukjes vloeipapier van hetzelfde formaat als het kader. Eerst
wordt er een stukje van het vloeipapier afgescheurd zodat er
twee vormen ontstaan. Die vormen worden in een kader gelegd
(...)
De verhalen worden onder de plakwerkjes geschreven. Als de kinderen
aan het eind van de les het verhaal voorlezen wordt bij hetzelfde
beeld verschillende verhalen verteld.(...)
Tweede
les
Deze les is dezelfde als de eerste. Het verschil is dat er ander
materiaal gebruikt wordt. In plaats van het dunne vloeipapier,
dat een beetje vlekt bij het opplakken, is er nu sitspapier.
De
moeilijkheden:
De organisatie is lastig. De kinderen moeten redelijk zelfstandig
kunnen werken zodat de leerkracht met een kind apart kan gaan
zitten om het verhaal bij het plakwerk te schrijven.
De kinderen vinden het eerst moeilijk om iets in de vormen te
zien. De leerkracht vindt het moeilijk om de kinderen bij hun
eigen ervaringen te laten blijven en niet teveel op de fantasie
toer te gaan.
Derde
les
Structuur: Er komt
een moeder op krukken de klas in om de fluor te brengen. In
de kring gaat het gesprek over met stokken lopen.
Sjabloneren
vanuit een gesneden kader
Materiaal: voorgesneden kaders op het formaat van de gedrukte
kaders. Het gedeelte dat uit het kader gesneden is wordt gebruikt
om vormen uit te knippen of te scheuren. De vorm die uitgesneden
is wordt weggegooid, de restvorm wordt weer met plakband in
het kader geplakt.(...)
Vierde
les
Met een aantal kinderen ga ik verder met het sjabloneren en
verhalen schrijven (...)
De moeilijkheden voor de leerkracht:
Het is voor de leerkracht erg arbeidsintensief. Omdat ze het
nog nooit eerder gedaan heeft werkt ze op de gang met één
kind tegelijk. De rest van de groep is met de Remedial Teacher
aan het werk.
Er is veel werkruimte nodig. Het is wel heerlijk om de tijd
voor een verhaal te kunnen nemen.
Vijfde
les
Het gesprek in de kring gaat over op de fiets zitten (...)
Vandaag werken we met vormstempeltjes. Er zijn al een paar stempels
en de kinderen maken er nog een paar bij. Ieder stempel in een
aparte kleur. (...)
In de voorleesronde aan het eind van de ochtend komen een aantal
kinderen aan de beurt. De andere kinderen mogen vragen stellen.
Eerst
instructie in de hele groep en dan individueel begeleiden
In de eerste instantie is er de min of meer chaotische groepsactiviteit
waarin met de techniek geëxperimenteerd wordt. Daarna gaan
de kinderen naar hun tafeltjes en kan het sjabloneren en het
vormstempelen met een of twee kinderen tegelijk uitgevoerd worden.
De teksten worden direct bijgeschreven bij de afdrukken die
de kinderen gemaakt hebben.
Je zult ontdekken dat het associëren al kan beginnen bij
de opbouw van het beeld.(...)
Het beeldend vermogen van kinderen
Als ik de rijen afdrukken in de hal zie hangen ben ik er trots
op dat de kleuters iets tot stand gebracht hebben dat zo eigen
is van vorm en zoveel afwijkt van de stereotype uitgeprikte
tulpen en vissen en hazen die op de muren en ramen hangen.
Zesde
les
De kinderen kiezen een vormstempel uit en maken daar een tekening
omheen. De bedoeling is dat een vorm een betekenis krijgt. Dat
bijvoorbeeld een rechthoekje een raam wordt, dat een boogje
een stuur van een fiets of een muizenholletje is. De betekenis
hoeft niet dwingend te zijn maar kan als steun dienen bij het
tekenen en het vertellen van het verhaal. (...)
Moeilijkheden:
Daar komt de valkuil van het fantaseren weer om de hoek: hoe
hou ik de verhalen bij de kinderen zelf?
Uitwisseling
De kinderen komen enthousiast terug van een bezoek aan groep
3. Daar hebben ze hun werkjes laten zien en erbij verteld. De
kinderen van groep 3 hebben vragen gesteld.(...)
Zevende
les
We hebben afgesproken om alle activiteiten van de kinderen een
talige context mee te geven. Dat wil zeggen dat er ook bij hun
Lego- en blokken bouwwerkjes verteld en geschreven kan worden.(...)
Ruimtelijk
werken en de polaroid foto
De eerste ronde is het stempelen van vormen, nu op een groot
vel, A3, met een getekend kader. In een doos heb ik verschillend
ruimtelijk bouwmateriaal bijeen gezocht. De kinderen leggen
bij de stempelafdrukken een blok of legosteentje. (...)
Als een werkstuk klaar is maak ik er een polaroidfoto van.
Individueel wordt bij de foto's bijgeschreven (...)
Concentratie
Het is voor een paar jongetjes heel erg moeilijk zich op de
verhalen van andere kinderen te concentreren. Ze hebben zelf
zoveel aandacht nodig. Die trekken ze door rare gezichten te
maken, elkaar te overschreeuwen en te stompen, pesterig door
te gaan met praten als iemand bezig is. Ze zijn ondeugend en
zo kijken ze ook naar mij. Pas wanneer ieder kereltje individueel
met mij werkt gaat het helemaal goed(...)
In
het algemeen over de lessen
· Belangrijke leermomenten:
· De kinderen kunnen ieder hun eigen verhaal vertellen.
· De kinderen krijgen allemaal persoonlijke aandacht.
· Ze leren een beeld opbouwen uit afzonderlijke vormen.
(dit is een proces).
· Als Kunstmagneetschool moeten we het proces van de
persoonlijke ontplooiing van de kinderen begeleiden en sturen.
Dat is een manier om de persoonlijke taal en het beeldende vermogen
van elk kind op een hele sterke manier tot ontwikkeling te brengen.
Moeilijkheden:
· Hoe breng je deze werkwijze over naar collega's.
· Hoe kun je deze werkwijze in je onderwijs verder integreren.
· Je moet je bekwamen in het steeds weer het verhaal
zoeken bij het kind. Dat kost tijd en reflectie.
Hoe kun je die in school bewerkstelligen.
©
Henk van Faassen