startpagina

register
trefwoorden


index
literatuur


eerst beeld


taal algemeen


bekijk
foto's, werk

 

 


lesontwerp:
Taaldrukken als toegevoegde waarde aan het taalonderwijs

Eerst een beeld en dan pas taal

Meestal wordt eerst een tekst geschreven, daarna komen er illustraties bij
In dit taaldrukproject gaat het andersom.
De afbeeldingen: rubberdrukken, kleursjablonen, vormstempels en dergelijke, worden eerst gemaakt.
Daarna schrijven de kinderen hun associaties erbij.

Taal kun je horen, taal kun je ook zien en lezen
Er is taal als je vertelt, luistert, schrijft en leest.
Er is ook iets wat wel met taal te maken heeft maar er eerst nog niet veel op lijkt. Dat zijn die abstracte afbeeldingen die de kinderen maken.
In die afbeeldingen zijn ervaringen en gebeurtenissen verborgen die herkenbaar worden als we er samen op een goede manier naar kijken.

Doelstellingen:
De kinderen leren beeldende vormgeving (drukken) met behulp van elkaars vormonderdelen.
De kinderen leren in een beeldend proces samen te werken, waarbij de individuele creatieve prestatie ondergeschikt is aan het groepsproces.
De kinderen leren te associëren op de gedrukte afbeeldingen.
De kinderen leren hun ervaringen te verwoorden. (vertellen en schrijven)

Meerwaarde:
De volgende argumenten geven mijns inziens de toegevoegde waarde aan:
> De teksten die door de kinderen geschreven worden zijn uniek en komen voort uit individuele bron, dit in tegenstelling tot de teksten die in de taalmethode voorkomen.
> Taalgevoeligheid voor eigen teksten en elkaars teksten wordt ontwikkeld.
> De kinderen ontwikkelen een kwaliteit in hun teksten die ver uitgaat boven de technische vaardigheden die voor taal nodig zijn.
> De teksten zijn herkenbaar voor de groep en alle kinderen voelen zich erbij betrokken dit geeft iets gezamenlijks aan de taaldrukactiviteit.
> Het taaldrukken appelleert aan de individuele creativiteit en is tegelijkertijd onderdeel van het groepsgebeuren. Steeds opnieuw worden de geschreven teksten teruggekoppeld naar de groep.

Voorwaarden:
Voor een goed verloop van de les moet aan een aantal voorwaarden voldaan worden.
· De situatie moet veilig zijn.
· De kinderen durven te zeggen en te schrijven wat ze kwijt willen.
· De kinderen moeten niet het gevoel hebben uitgelachen of bekritiseerd te worden.
· Er moet waardering en respect voor elkaars teksten ontwikkeld worden.
· Er moet vooral aandacht voor elkaar zijn.

Wat leren de kinderen:
· De kinderen staan open voor aanwijzingen, opdat ze steeds een stapje verder komen met bepaalde taalvaardigheden zoals zinsopbouw en tekstinhoud.
· Aangeleerd wordt wat er in de opbouw van een tekst kan worden weggelaten opdat die beter wordt.
· Hoe een tekst beter kan klinken.
· Wat er moet worden toegevoegd om de inhoud beter te begrijpen.
· Waarop je moet letten om beter bij het onderwerp te blijven.

Abstract
Het is niet vanzelfsprekend te veronderstellen dat kinderen zonder meer met abstracte afbeeldingen kunnen omgaan. Des te groter is mijn verbazing als ik zie met welk gemak ze het toch doen.
Als ik verwarring bij de kinderen tegenkom betreft het niet de afbeeldingen die anders zijn dan de stereotype tekeningen die ze algemeen op school gebruiken, het gaat in de meeste gevallen om de verwarring ten aanzien van de werkvorm die afwijkt van een vertrouwde gang van zaken bij opdrachten die ze krijgen.

Dat brengt mij ertoe om te denken dat kinderen zo gemanipuleerd zijn door een methodiek dat ze iedere variant in eerste instantie niet willen aanvaarden.
De kinderen beginnen met het zoeken naar zekerheden in de aangeboden werkvorm en roepen bij voorbaat: “ik snap het niet”.
Er blijven bij taaldrukken veel dingen onvoorspelbaar die in het verloop vanzelf duidelijk worden. De kinderen roepen graag: “Maar als ik dan....., wat moet ik daarna doen?” Ze verwachten al bij voorbaat technische problemen die zich in de praktijk helemaal niet voordoen.

Vertrouwen
De stap voor stap werkwijze die we volgen biedt in eerste instantie voor de kinderen geen overzicht. Ze moeten er maar op vertrouwen dat het wel goed komt. Bijvoorbeeld bij het schrijven van een rondeel verbazen de kinderen zich over het overschrijven van bepaalde regels. Pas bij het voorlezen voelen de kinderen de ritmische werking van de herhalingen.

Het gaat om het verhaal
Het ontwikkelen van een vermogen om te associëren het belangrijkste doel. Associëren kan naar aanleiding van teksten en in dit geval vanuit afbeeldingen. De vormen die gemaakt worden zijn in eerste instantie nog abstract. Ze moeten dat ook zijn om voor ieder kind eigen associaties mogelijk te maken, als de afbeelding al teveel concrete vormen laat zien gebeurt dat niet.

Pas als de vormen met elkaar gecombineerd worden ontstaan beelden waarin kinderen weg kunnen dromen en hun eigen kleine geschiedenissen zullen beleven.
De beelden brengen ze op gedachten: “waar denk je aan als je deze tekening ziet?”
Die associaties zijn heel persoonlijk en kunnen door de leerkrachten ook niet gecontroleerd worden, gelukkig maar.

Kritisch naar een tekst kijken:
Doordat er in tweede of derde instantie nog gesleuteld kan worden aan de tekst, wordt er aan levendigheid gewonnen en zal een zekere kritische houding ten aanzien van de eigen tekst worden bevorderd.

Betrokkenheid:
Doordat de kinderen werken met eigen teksten die voortkomen uit groepsgesprekken in de kring ontstaat er een grotere betrokkenheid bij taal.
Door goed te luisteren naar elkaars teksten kunnen kinderen van elkaar leren wat betreft woordkeus, zinsopbouw en tekstinhoud.
Doordat de leerkracht zelf meeschrijft, is hij/zij onderdeel van de groep hetgeen de interactie bevordert.

Analyse van de leerkracht:
Bij de verdere ontwikkeling van taal heeft de leerkracht steeds een uitgangspunt nodig om het niveau van de kinderen op dit punt te bepalen. De teksten van de kinderen geven precies aan van waaruit de leerkracht kan starten wat betreft woordenschat, woordkeus, zinsopbouw, tekstinhoud. Ook bepaalde grammaticale problemen worden herkend.
Vanuit deze gegevens kan verdieping en uitbreiding plaatsvinden in de reguliere taallessen.

Plezier in taal:
Kinderen hebben er plezier in om op deze manier met taal te werken. Ze zijn vaak erg trots op hun teksten. De lessen verlopen in een actieve, soms levendige, maar altijd betrokken sfeer. Wanneer de teksten in het boekje gedrukt staan en de andere teksten aan de muur hangen, herkennen ze precies elkaars werk. Ze tonen de teksten aan iedereen die er belangstelling voor heeft. De taaltechnische ontwikkeling van kinderen zal belangrijk groeien als er sprake is van plezier in taal.

Paula Snieder / Henk van Faassen

naar boven

naar lesontwerpen