startpagina

register
trefwoorden


index
literatuur


bekijk
foto's, werk


index
taalwerkvormen


 


lesontwerp
Taalvorming in groep 5
Dingetjes en ringetjes


Herinnering
Welke herinnering hebben de kinderen aan de vorige keer dat ze met taaldrukken bezig waren?
Halima weet zich nog te herinneren dat Henk "zo'n dingetje" bij zich had.
Wat is "een dingetje?".
Verschillende antwoorden borrelen op: iets kleins, je kan er wat mee doen, een ringetje, een vlekje etc..
Omschrijven
Het blijkt handig te zijn als "dat dingetje" echt een naam krijgt. (...)
Vragen stellen
De vragen zijn algemeen (wat doe je met dat dingetje?) en persoonlijk (hoe oud bent u?). Bij het beantwoorden is de ervaringenreeks, heb je zèlf wel eens iets met zo'n dingetje gedaan, is belangrijk.(...)

Gelijkenis en de juiste naam
We gaan met het "echte" werk beginnen: ik teken een cirkel op het bord en vraag "wat is dit?".
De antwoorden stromen toe: rondje, voetbal, omelet etcetera.
Vandaag blijkt het een kring te zijn. "Wat is het verschil tussen een rondje en een kring" Layla geeft vlot een antwoord: "In een kring zit iets, bijvoorbeeld kinderen of kralen".
Op alfabet in de kring
De bedoeling van de bordcirkel is vandaag om in een kring op alfabet te gaan zitten. Er wordt in de groep gesproken over de plaats van de letters in het alfabet. (...)
Ik vraag de kinderen deze activiteit te doen zonder te praten. Dat is heel wat voor ze. Van belang is dat kinderen in een rommelig proces een structuur proberen aan te brengen.(...)
Een ding met dezelfde eerste letter als je naam
Als kennismaking mag iedere leerling zijn of haar naam zeggen.
De volgende opdracht is "bedenk een dingetje dat met dezelfde letter begint als je naam". Met het dingetje moet je wel iets kunnen doen, het bijvoorbeeld kunnen pakken. (...)
Een zinnetje met de naam van het voorwerp erin
De kinderen krijgen de opdracht bij hun "dingetje" een zinnetje in hun hoofd te bedenken. (...)
Lijstje met associaties
Maak een lijstje van dingen waar je aan denkt als je iets met jouw voorwerp doet. Dat kunnen ook dingen zijn die op het eerste gezicht er niets mee te maken hebben. (...)
Woordvelden
Voor kinderen die helemaal niet uit hun associaties komen maken we met elkaar op het bord een woordveld. (...)
Kiezen, een tweetalgesprek en dan schrijven
Een woord uit je eigen lijstje waar je zèlf wel eens iets mee hebt gedaan.
Over dit woord wordt in tweetallen de eigen ervaring verteld. (...)
Voorlezen
Na het speelkwartier is het tijd voor het voorlezen van de eigen teksten. Dit is vaak nog erg moeilijk en vooral onduidelijk. Er is geen gelegenheid voor commentaar en uiteraard komen niet alle teksten aan bod. (...)

Tekst bespreken
Voor het tekstbespreken staan drie aandachtspunten op het bord.
- Snappen we wat er staat?
- Woorden die anders kunnen
- Punten, komma's, hoofdletters
De teksten worden in de afzonderlijke tafelgroepjes besproken waarbij ieder groepje een eigen spreker aanwijst die het besprokene voor de klas te berde brengt. De spreker is herkenbaar aan een gekleurd blok voor zijn neus. (...)
Bij het commentaar van de sprekers noteren we overigens ook eventuele foute verbeteringen. Als een spreker aan het woord is mag niemand commentaar geven (...)


Het vervolg
Met de zogenoemde "spreker" werken.
Het lijkt me een goede oefening om dit met alle teksten te doen. We houden de teksten binnen de tafelgroepjes en heeft iedere leerling 3 andere teksten te lezen en zijn of haar eigen tekst wordt eveneens door 3 medeleerlingen gelezen.
Daarna worden de teksten opnieuw geschreven en de eventuele aanwijzingen van medeleerlingen verwerkt.(...)

© Henk van Faassen

Dit is een verkorte versie van het lesontwerp.
U kunt het complete artikel opvragen: archief

naar boven
terug naar lesontwerpen